gêne

Ik heb, vlak voor vertrek richting Parkpop, aan Puck de meest gewaagde vraag gesteld (in mijn beleving dan). Ik moest wel, anders zou de rest van de dag in 't teken van gêne hebben gestaan. Al die webloggers die lichtelijk verstoord mij zouden begroeten. Die liever hun neus de andere kant op hadden gestoken.
Nee, dankzij Puck durf ik nu ongegeneerd hun kant op te kijken. Zij verzekerde me ervan (ik moest 't er wel uit trekken) dat ik best zonder deo de ontmoeting aan kon gaan. Ze kon de tandpasta wel ruiken, 't door de wandeling opgedane zweet niet.

We gaan de geur van Zijperspace verspreiden.

spijt

's Avonds heb ik er alweer spijt van. Sterker: 's middags begon de spijt al. Na voor een 3e keer verkeerd gelopen te zijn. Na 20 km ongetraind met een rugzak te hebben gelopen.

M'n rugzak lijkt nog steeds om m'n lichaam geklemd te zitten. M'n benen zien op tegen de dag van morgen. Wie had dat onganse idee in z'n hoofd gehaald zoveel kms op de zaterdag af te gaan leggen, lijken m'n afzonderlijke lichaamsdelen zich af te vragen.

Ik weet dat 't morgen anders is. Na 5 km lopen zal de pijn, de stijve pijn, uit m'n lichaam verdwenen zijn. Dan is de rugzak weer een onderdeel ervan. & Zie ik de zon schijnen, ook al schijnt-ie verborgen slechts door de wolken heen.

& Eigenlijk bof ik nog. Ik slaap vanavond bij Pes. In de woonkamer. Op een volgepompt luchtbed. Geen beperkingen in bewegingsruimte. & Bovendien een kussen (over een paar dagen zal ik zeggen: een échte kussen!) tot m'n beschikking. & Tot 1 uur zijn we aan de praat geweest.

Morgen begint 't ware leven in Zijperspace.

onderweg

Mocht 't nog niet tot de lezer doorgedrongen zijn: ik ga weg. Ik sta op 't punt 't pand te verlaten om wandelend langs de kust naar 't zuiden des lands te trekken. Heerlijk weer daar voor: weinig zon, niet te warm. Dat buitje overleven we wel.

& Mocht men mij willen aanmoedigen: ik loop 't Visserspad & zal zodoende zondag in Den Haag arriveren. Nadat ik daar thee heb gedronken met Puck (die mij als slachtoffer wenst te gebruiken ihkv een cursus Makelaardij), zal ik m'n gezicht tussen ong 3 & 4 laten zien op de parkpopmeeting. Niet te lang, want ik moet die avond ook nog een camping zien te vinden.

Mocht ik een comp vinden onderweg, dan hoort u van mij.

Nu is 't tijd voor aktie in Zijperspace.
(oja, ik moet m'n comp nog uitzetten)

foto's

Op 't randje van de volgende meeting, maar dan in 't klein & onzeker, presenteert Tom opeens z'n foto's van de laatste meeting, 2 weken geleden ondertussen.

De mooiste foto's van de meeting die ik tot nu toe heb gezien. Niks is recht & alles is krom. Net als 't echte leven. Er staan verhalen in de foto's te lezen, als je maar goed genoeg kijkt.

't Lijkt bijna Zijperspace.

fris

'You know, it was hot, really hot, and I was sitting in the metro. It was that hot, I had to do this.'

Joe staat voor me. Hij pakt met z'n linkerhand z'n kruis vast. Maar dan vooral z'n broek. Hij trekt er een paar maal aan, om te laten zien hoe hij 't daar liet luchten. Hoe hij de boel een beetje ventileerde vanwege de hete omstandigheden waarin hij zich daar in de metro bevond.

'To tell you the truth: my balls were totally wet. I wanted to have some fresh air in my trousers. So I placed one foot at the other chair. Just for one second.'
Hij benadrukt vooral dat laatste. Hij probeert aan te duiden dat hij vooral geen kwade bedoelingen had met 't plaatsen van een voet op een metro-bank.
'Then a policeman came by. You know, not those guys who are working for the metro. But real police. They were undercover, so they had to show their badges. I could tell they were really from the police, you just could see that.
'But I had my foot just for one second at the other chair. And immediately one policeman comes to me. He says: "Why did you put your foot on the chair?"
'I said: "Well, do you want to know the truth or just another story?"'

Joe lacht. Hij vertelt 't verhaal gespannen. Verontwaardigd ook wel. Hij snapt niet dat-ie zo behandeld wordt. Aan de ene kant wel, want hij is nou 1maal een buitenlander die geen fatsoenlijk nederlands spreekt. Maar aan de andere kant wil hij 'tzelfde behandeld worden als de rest van de nederlandse bevolking.
Nu valt er echter een lach van z'n gezicht af te lezen.

'That guy said: "I just want to know the truth."
'I told him the truth. And then he said: "Well, tell that to my partner."

'I had to ride back and forth. They just took me with them.'
'You didn't have any ticket?' dacht ik 't opeens te begrijpen.
'No, I had a ticket on me. But they didn't let me loose. Mike wanted me to come with him, when we were at the place we were aiming for. He placed his foot in the door, so the doors couldn't close. Then they said: "Leave that door, otherwise you're getting a fine too."
'They wrote down my name. Nothing else. And they didn't want me to leave the metro at the right place. Only because I wanted to have some fresh air there.'
Joe wijst z'n broek weer aan. Met een verontwaardige lach.

't Is in Zijperspace toegestaan alles met voeten te treden.

ott

Ik ben eigenlijk wel een mens van rituelen. Dat doet zich momenteel spreken door de behoefte de laatste avond voor m'n verblijf van 6 dagen elders dan thuis, anders te maken dan de voorgaande. Of die volgen.

Ik draai vanavond bijv de hele tijd muziek die ik een week zal moeten missen. Waarvan ik 't ook erg vind dat ik 't moet missen. Dat kost veel selekteerwerk. Dat dwingt een mens tot keuzes maken.

Helaas kon ik mezelf niet toestaan een hap bij de surinamer te halen. Er staan momenteel te veel maaltijden in m'n koelkast die een bepaalde houdbaarheidsdatum hebben. Niet veel verder dan de datum van terugkeer. & Ik kan 't niet over m'n hart verkrijgen maaltijden weg te gooien. Bij een week afwezigheid moest er dus in ieder geval 1 van die voorbereidde bakken verorberd worden.

Tijdens 't bij elkaar zoeken van m'n spullen, 't ordenen & economisch inpakken in m'n rugzak, ben ik aangewezen op 't mezelf fêteren dmv een xquise flesje bier.
Men zou kunnen vragen: doe je dat niet dagelijks? & Ik kan 't niet anders beantwoorden dan: ja, dat doe ik dagelijks.
Maar nu weet ik wat ik mezelf voorschotel. Nu zijn 't biertjes waarvan ik al tijden denk: dit is bier waar ik écht van kan genieten. Zonder beroepsmatig te gaan proeven.

Momenteel heb ik OTT voor me staan. OTT staat voor Old Tongham Tasty. Tongham, de plaats schuin onder London waar ik afgelopen zomer tijdens m'n wandeling spontaan besloot om ff de plaatselijke brouwerij te bezoeken: The Hogs Back Brewery. Op 't terrein van de brouwerij aangekomen liep ik de 1e de beste man waarvan ik dacht dat-ie daar werkte tegemoet met de mededeling: 'Hello, I'm selling your beer.'
Waardoor ik om 12 uur 's middags in hun koelruimte 5 soorten bier kreeg voorgeschoteld ('This one you gotta taste, this is something special'), men mij uitgebreid rondleidde door de brouwerij & me een t-shirt kado werd gegeven als goede herinnering ('Then you can promote our beers').

Daarom zit ik nu hier. Thuis, de avond voordat ik weer op vakantie ga. De avond voor de dag dat ik de volgende wandeling ga maken. Met een 'full pint of OTT'.

In welke tegenwoordig tijd leven we eigenlijk in Zijperspace?

post-punk

Ik bleef kijken. In 't begin dat ik keek, was 't in een poging 't gezicht te herkennen; de bevestiging te vinden dat m'n vermoeden juist was. Maar naarmate de identiteit zekerder voor mezelf bepaald was, ging ik meer staren naar de bewegingen, & luisterde ik de conversatie af, hoewel ik slechts de lichaamsbewegingen kon registreren.

De treinen moesten, doordat er een ongeluk elders in 't land had plaatsgevonden, elkaar in Anna Paulowna kruisen. Mijn trein stond al gereed; de mensen op 't overliggende perron wachtten op de trein naar Den Helder. Ik zag ze staan door 't raampje.
Ik zag zodoende ook de conversatie van Petra, de laatste punker van Den Helder. Hoewel ze er inmiddels allang niet meer uitzag als een punker. Waardoor 't me moeite kostte haar te herkennen. Ipv een zwarte hanekam had ze tegenwoordig henna-rood lang hangend haar. Nog steeds wel dezelfde vettige slierten, maar 't kapsel maakte een groot verschil. Haar kleren waren ook niet meer overheersend zwart. Ze droeg zelfs een spijkerjasje. De kistjes aan haar voeten waren vervangen door dikke schoenen met plateau-zolen.
Behalve dat ze nog steeds dezelfde ring door haar wenkbrauw had, zag ze er doodordinair uit. Ze zou me absoluut niet opgevallen zijn als ze niet minstens 2 m² nodig had voor 't gesprek dat ze met een vriendin voerde.

Die bewegingen zorgden ervoor dat ik haar herkende. & De herkenning werd bevestigd door haar mond, die bij de geringste opmerking opentrok als een scheur. Waarbij ze van 't ene been op 't andere been hupste, alsof ze nog maar net haar evenwicht kon bewaren. Haar armen hadden alle ruimte nodig voor 't verhaal dat ze te vertellen had; ze zwiepten meermaals wijd uiteen. & 't Hoofd schoof van de linkerschouder naar de rechter, schuin hangend, alsof ze dan beter kon verstaan wat haar vriendin zei.
Ondertussen draaide ze een shaggie, af & toe haar hoofd opzij gooiend. Tegenwoordig om haar haren uit 't gezicht te halen. Vroeger moet dat, vanwege de hanekam, een overgebleven tik van een ander kapsel zijn geweest. Ze was nog steeds dezelfde, in onherkenbare verpakking.

Ik kon haar horen lachen, hoewel 't treinraampje bijna geen geluid doorliet, toen de grijns op haar gezicht tevoorschijn kwam, & haar lichaam met de lach meedijnde. Ik zag & hoorde haar weer lachen in 't jongerencentrum van weleer.
Geuren kwamen boven. Geuren die ze vroeger bijna altijd met haar meedroeg. De sfeer die om haar heen hing. De sfeer ook van vroeger, van 't jongerencentrum. Van ruzie's & dommigheid.

Wanneer ging de trein nou weer 'ns rijden, vroeg ik me af.

De trein sleepte me snel terug naar Zijperspace.

vergeten

M'n moeder haalde me van de trein af. Ik vergat zomaar 'ns niet me van m'n pet te ontdoen bij 't geven van een paar zoenen. Daardoor stootte 't niet tegen haar voorhoofd.

Toen m'n vader uit z'n middagdutje was ontwaakt, had ik m'n pet al een tijdje af, vanwege de hitte in huis. De thee was inmiddels afgekoeld tot de temperatuur waarop m'n vader 't 't liefst dronk. De theetijd hadden m'n moeder & ik allang al achter de rug. Zij repareerde wat kleren van me met de naaimachine. Ik was bezig met nrs programmeren in hun nieuwe telefoon.

M'n vader rommelde wat, terwijl Ma & ik onze dingen deden. Hij las 't huis-aan-huis-blad, wierp een blik in de tuin. & Hij liep naar boven. Om terug te komen met 't boekje 'Duin- en Polderpad; LAW 5-3'.
Mocht ik hebben. 'Ik hoop dat je er wat aan hebt,' zei hij.
'Moet ik maar 'ns gaan lopen als ik 't Visserspad van de week bewandeld heb,' zei ik, 'dan heb ik 't hele Lange Afstand Wandeling-pad langs de kust gehad.'

Eigenlijk stond ik vooral verbaasd dat-ie wist dat ik zou gaan wandelen. & Dat-ie dit boekje tussen z'n spullen op zolder had kunnen vinden. Hij had er blijkbaar over nagedacht, dacht ik, toen m'n moeder verteld had wat ik zou gaan doen.

Een paar uur later was de situatie totaal anders. M'n vader kon 't doosje niet vinden dat m'n moeder nodig had. Hij kwam weer naar beneden om te vragen waar hij moest zoeken.
'Maar kijk dan gewoon in de kast,' zei m'n moeder ongeduldig. 'Dat weet je toch? Naast de boeken op de linnenkast.'
M'n moeder keek hopeloos. M'n vader ietwat geschokt. Hij was weer wat vergeten.
'Laat ook maar zitten,' zei m'n moeder. Ik kon merken dat ze deze situatie al meermaals had meegemaakt. 't Werd haar te veel. 'Ik zoek 't straks zelf wel.'
M'n vader was echter alweer naar boven.
'Niek,' riep m'n moeder hem achterna, 'Niek, ik zoek straks zelf wel.'
M'n moeder gaf 't op: 'Hij kan steeds minder vinden. Hij is 't meteen weer vergeten.'

M'n vader kwam weer beneden. In z'n hand een doosje.
M'n moeder zuchtte. Opgelucht. M'n vader lachte. Een gulle lach voor Parkinson.
Hij liep langzaam op m'n moeder toe. Zoals-ie tegenwoordig liep. Hij bukte voorover.
Ik kon 't net niet zien, maar ik denk dat-ie een kus op m'n moeder's voorhoofd gaf. Zoals ik 'm vroeger vaak heb zien doen.

M'n moeder zette me af bij de trein. Ik had m'n pet niet op toen ik haar gedag zei. Ik stapte uit & deed 't achterportier open om ook m'n vader gedag te zoenen. Ik hield m'n pet in de hand.
'Dag Pa.'
Ik ging naar huis. Zwaaide m'n ouders gedag, die in de auto wegreden.

Maar ik was vergeten m'n vader te bedanken voor 't boekje.

Onbekend waar de grenzen van de spijt liggen in Zijperspace.

banken

Ergens halverwege gingen we knielen. Dat deed iedereen, dus moest ik ook wel meedoen.
Als klein kind mocht ik me er een aantal jaren aan onttrekken, want met zo'n lengte kon je toch echt niet veel zien in die knielende houding. Nou was dat ook niet de bedoeling tijdens dit eerbiedige gedeelte van de mis, maar m'n ellebogen kwamen ook niet verder dan de kollekte-zakje die in de uitsparing van de bank voor me lagen. & Die ellebogen had je nou 1maal nodig om 't gebed met samengevouwen handen devoot op te zeggen.
Op een gegeven moment was ik echter groot & lang genoeg om aan 't ritueel mee te doen. Vanaf toen was 't de bedoeling dat ook ik de gebeden meeprevelde die in geknielde houding hoorden te worden voorgedragen. Met z'n allen in koor.
De tijd van tekenen & kleuren in 't misboekje was voorbij. Vanaf nu was 't de bedoeling dat ik serieus 't geloof belijdde.

Geknield. Op de houten plank voor ons, die onderdeel was van de konstruktie van de banken. Ik kon er m'n voeten op laten steunen tot aan de geloofsbelijdenis; daarna was 't bedoeling dat ze als ophoging voor de knieën dienden. Met een matje eronder, die tot op dat moment hing tegen de rug van de bank ervoor. Een matje van ong 1 cm dik. Redelijk zacht, zodat 't geen foltering was daar een kwartiertje in te hangen.

Misschien duurde 't wel korter. Misschien was de gehele mis nogeneens zo lang. Misschien waren die banken ook niet zo hard.

De banken hebben m'n billen voor m'n leven lang geïnfekteerd met een grote mate van onrust. Vooral als ik op een harde ondergrond moet zitten. Net zo hard als de banken van de Petrus & Paulus-kerk. M'n billen kunnen daar in ieder geval niet meer tegen.
Men zegt vaak dat ik daar geen vlees heb. Ik geef dat ook grif toe, maar ik denk dat 't vooral komt door de banken waar we elke zondag op moesten zitten. De lust tot uitdijen is aldus voor m'n billen verdwenen. Geen vet had nog zin om zich in mijn achterwerk te vestigen. Zeker niet een leven lang.
Een geïrriteerde huid is tegenwoordig 't resultaat van 't planten van dat beetje zitvlees op een harde ondergrond. Zinkzalf is de enige remedie.

Ik was vandaag langs bij m'n broer. FF een biertje drinken & een praatje maken.
Hij had 2 nieuwe banken staan. 1 Op 't terras, 1 tegen de wand binnen.
'Waar komen die vandaan?' vraag ik, hoewel ik 't antwoord al kan vermoeden.
'Petrus & Paulus-kerk,' antwoordt Quint.
'Heb je de matjes er ook bij gekregen?' vraag ik op 't moment dat iemand opstaat van de bank & 't knielmatje onder de billen vandaan op de grond valt.
'Moet je kijken.' Quint neemt me mee naar de wand waar de bank staat. 'Ik heb zelfs een paar kollekte-zakjes mee kunnen nemen.'
Ze zien er grauw & verkleurd uit. Maar de tekst staat er nog altijd duidelijk op.
'Heb je er veel voor betaald?'
'Hmm, 175 gulden per stuk.'
Niet duur voor 3 meter bank, van schijnbaar onslijtbare kwaliteit, denk ik. Ze zien er nog altijd uit zoals ik me kan herinneren.

'Ik moest wel de poten schuin afzagen,' vertelt Quint me ff later. 'Dat heb ik in ieder geval gedaan met de bank die buiten staat. Want je zat altijd zo met je rug recht tegen de leuning. Nu leunt-ie een beetje naar achter. Kan je veel langer blijven zitten. Ga ik binnenkort ook met deze doen. Krijgen mensen niet zo snel een stalen reet, terwijl ze eten.'

Er is weinig staal te vinden in Zijperspace.

bijna

Berkhout, m'n delicatessen-leverancier, heeft me een fijne week toegewenst. 't Meisje van de bakker een prettige vakantie. M'n werkgever gaf me m'n salaris & een voorschot op m'n vakantie-toeslag. Ik mocht zelf de grootte van 't voorschot bepalen.
'Je hebt recht op meer, hoor,' zei hij bij overhandiging.
'Dat weet ik, maar dan is er tenminste nog een verrassing voor me als ik terugkom.'

& Iedereen vraagt: 'Waar ga je naar toe?'
'Oh, naar Nederland. Mooi land, hoor. Lekker weer hebben ze daar op dit moment.'
'Ik heb gehoord dat 't daar wel 'ns waait,' merkte m'n buurvrouw op.
'Ja, da's heerlijk bij 't wandelen.'

'Nederland is toch ook prettig,' wist Berkhout, die net terug is van Malta.
'Da's heel comfortabel,' vulde ik 'm aan, 'want dan ben ik sneller bij jou terug, als ik heimwee krijg.'

'Ah, lekker zeg,' zeiden 2 schoonzussen. 1 Voegde daar aan toe: 'Dan weet je tenminste de weg naar huis.'

'Waar ga je lopen?' vroeg m'n werkgever.
'Langs de kust. In ieder geval vanaf Haarlem naar Hoek van Holland.'
'Haarlem ligt niet aan de kust.'
'Ik zal er toch doorheen moeten om bij de kust te raken.'

'Ga je niet naar Balkonië?' vroeg m'n cd-boer met een glimlach.
'Nee, daar kan ik niet heen. Dat laat m'n tuin niet toe.'

't Meisje van de bakker begon te stotteren. Niet van mij. Ze was nog niet klaar met me prettige vakantie wensen, toen ze alweer aan de volgende klant aandacht wilde besteden.

'Veel plezier ermee,' wenste de slaapzakken-xpert van Carl Denig me toe.

De vakantie is al bijna begonnen in Zijperspace.

plattegrond

Door m'n vader heb ik ook plattegronden leren waarderen. kaarten van paden, wegen, eilanden & steden. Maar vooral die van wandelpaden. Want niets is er mooier dan een overzichtskaart met een schaal van 1:25.000.

M'n vader verzamelde ze op een gegeven moment rechtopstaand in bakken op zolder. Gerangschikt naar land, & vervolgens naar kaartnr. Zoals je ze ook terug kan vinden in de winkel Pied à Terrre: dezelfde soort bakken (alleen wat dieper, dus uitgebreider), dezelfde manier van categoriseren.
De kaarten van m'n vader staan vast nog steeds op zolder. Niemand gebruikt ze nog. Er is niemand ze tegenwoordig nog nodig heeft.

Ik bekijk m'n eigen kaarten echter ook nog maar amper. Alleen als ik weer de herinnering wil ophalen, of aan iemand wil uitleggen waar ik geweest ben. Zo 1 keer in de 2 jaar. Soms ook wel om te kijken waar ik naar toe wil op vakantie: misschien een vervolg op 't reeds afgelegde pad?

M'n vader was zuinig op z'n kaarten. Voordat hij er mee op vakantie ging, plastificeerde hij ze allemaal. Zeer zorgvuldig, zonder luchtbelletjes. Waarna hij ze terugvouwde in de oorspronkelijke vorm. Platgedrukt, zodat ze niet te veel ruimte in beslag zouden nemen, werden ze dan opgeborgen tot gebruik.
Alle kaarten die de eerstvolgende vakantie noodzakelijk waren voor mogelijke wandeltochten ondergingen een dergelijke behandeling. Achter de plank, in de stoel waar m'n vader altijd zat, volvoerde hij deze klus. & Stiekem bekeek-ie alvast de stippellijntjes die aantrekkelijk dun afgedrukt stonden temidden van 't vele groen. Op zoek naar toekomstige wandelingen. Die hij van plan was te ondernemen met z'n zoons.

Groen is 1 van de meest aantrekkelijke aspekten van een kaart. Groen doet me overdonderen van een veelheid aan natuur. Een veelheid aan onvindbaarheid; opgenomen te worden in de rest van de wereld, waar niemand weet van heeft dat ik daar ben. & Ik waan me al op de plek die de kaart verhaalt dmv duidingen met tekens. Temidden van bomen, aangegeven in 't groen, die laag overhangen & hoog overal bovenuit torenen; & onvindbare paden, omringd door 't groen, die kronkelen tussen heuvel & water, langs tra & zompig nat.
Met dat groen van de kaart zie ik de 1e wegen, die nog door mij betreden moeten worden, reeds ontstaan. Ik zie ze in de vorm van stippellijntjes bochtje voor bochtje zichzelf een weg banen, dan weer snel omhoog gedreven door altitude-cirkels, dan weer sukkelend langzaam omlaag.

Als we 1maal onderweg waren, vond m'n vader 't zo af & toe goed dat iemand anders de kaart vasthield. Zolang hij wist dat we de goede weg gingen. Eigenlijk wilde hij 't liever niet. Liever had-ie 't vastgeklemd tussen 't hengsel van de schoudertas & z'n borst. Of, maar dat verboden wij 'm weer, vastgeklemd achter de riem van z'n korte broek. Stel je voor dat we iemand anders tegenkwamen, hielden we 'm voor. Waarna hij zich lacherig nergens wat van aantrok. Totdat we weigerden verder te gaan.

Uiteindelijk had m'n vader de kaart, de geplastificeerde kaart, vooral nodig ter bescherming van zichzelf. Muggen & ander steekgerei hadden 't vooral op hem gemunt. Hij zwiepte met de kaart de insekten weg, die zijn bloed nou 1maal lekkerder vonden dan die van z'n zoons. Of hij zwiepte ze dood, als ze reeds plaatsgenomen hadden voor een aangename maaltijd.

Wie weet hoe de kaart van Zijperspace er uit ziet zonder hem?

lessen

Ik heb 't wandelen geleerd van m'n vader. Hoewel ik de lessen pas laat tot me nam. Ik was een trage leerling, zogezegd.
In m'n herinnering gingen we altijd wandelden, in ieder geval als m'n vader vrije tijd te besteden had. Zeer tegen m'n zin. Ik wilde niet weg van huis. Vandaar misschien dat m'n herinnering zegt dat we 't altijd in 't weekend & tijdens vakanties deden. De negatieve herinneringen onthou je nou 1maal 't best.

Ik kreeg 't spaans benauwd als m'n ouders aankondigden dat we er weer op uit zouden gaan. Ik wilde niet naar 't Robbenoordbos, noch naar de Donkere Duinen. & Tijdens de vakanties wilde ik niet de omgeving van 't luxemburgse Ourent verkennen, zeker niet de bergen om 't zwitserse plaatsje Disentis.
Ik zou toch onderweg weer op een zeer ongunstig moment naar de wc moeten. Die nooit ergens in de buurt te verkennen was. Wc's bestonden niet op de plekken waar wij gingen wandelen. Wc-papier hing ook nergens. Zeker niet aan de bomen waar ik uiteindelijk naast moest plaats nemen. Ver weg verwijderd van 't pad, zodat niemand iets kon zien, maar evengoed reuze-ongemakkelijk.

& Toch heb ik ondanks dat, ondanks de lichte dwang die m'n ouders op me uitoefenden om toch mee te gaan, leren wandelen. Ik weet alleen niet wat ik geleerd heb. Ik weet wel dat ik 't nu kan.

Ik liep met m'n vader in Zweden richting een punt van een fjord. M'n vader vond 't af & toe riskant worden, vanwege de gladde stenen & de golven, die vervaarlijk dicht bij de stenen kwamen waarover wij liepen. & Ik voelde me juist op dat moment in m'n element.
'Kom op, Pa, hier moet je lopen,' riep ik naar achteren, terwijl ik 'm de makkelijk gaanbare stenen aanwees.
'Zouden we wel verder moeten gaan?' riep-ie terug over 't geluid van de golven heen.
''t Kan niet ver meer zijn. Nog een klein stukje voor de uiterste punt, volgens dit kaartje.'
't Was dan een tijdje stil vanuit die hoek. FF later hoorde ik echter weer:
'Je kan natuurlijk ook in je 1tje doorgaan. Dan blijf ik hier wel wachten tot je terug komt.'
'Nou, kom op, Pa. We zijn er bijna. Achteraf zal je 't zonde vinden.'

Met Carel erbij liepen we naar een hütte in 't zwitserse berglandschap boven Disentis. Op een dag dat we beter niet hadden kunnen gaan lopen. Maar dat bleek pas bij 't stijgen over de laatste 500 meter.
Op 1000 meter hoogte kreeg ik al last. Ik moest ditmaal niet naar de wc. Ik kreeg 't benauwd van een pijn in m'n lies. 't Voelde alsof m'n linkerbeen niet meer wilde.
'Pap, ik kan niet meer.'
'Kom op, Ton. Nog ff, straks gaan we pauzeren.'
'Maar ik kan niet meer, Pap.'
'Als je moet poepen, dan moet je 't zeggen. Je weet dat ik wc-papier heb meegenomen.'
'M'n linkerbeen wil niet meer lopen.'

Ik kreeg m'n zin. Maar we zijn wel doorgelopen. Waarbij we op een gegeven moment onze reserve-sokken hebben moeten gebruiken als handschoenen, vanwege de sneeuwstorm die ons overviel.
Net als dat m'n vader 15 jaar later z'n zin kreeg. Waarna we ook zijn doorgelopen. & We uiteindelijk de woeste Oostzee zagen, die z'n aggressie op ons probeerde bot te vieren.

Wij laten ons niet kennen tegenover de elementen in Zijperspace.

lijflog 5

't Lichaam moet geprepareerd worden. Ik heb er alleen geen tijd voor. Te kort van te voren heb ik bedacht dat ik net zo goed een paar xtra dagen vrij kon nemen, zodat iets van een vakantie zou kunnen ontstaan. Die ik dan net zo goed als vakantie kon door gaan brengen.

Spiroflor Srl-gelei, tegen spierpijn. Ketoconazol, tegen irriterende zweetplekken. Gerlachs Gehwol voetcrème, een demonstratie-pakketje 'voor sterk vermoeide voeten en zwaar belaste huid'. Paracetamol, je weet maar nooit of je een te gezellige dag tegenkomt. Ompeed; dat zijn perfekte blarenpleisters, alleen altijd in een grote maat. Zonnebrandcrème factor 10, voor de 1e dag. Tandpasta, 't leven bestaat niet zonder. Nasonex, voor de broodnodige ademhaling. Murray's super light, maar slechts een heel klein beetje.
Geen zinkzalf, geen deo, geen Prikweg, geen aftershave-balsem, geen Cardiflor.

Vaak bereid ik me, met nog weken te gaan, er op voor. Vele kms in de omtrek van Amsterdam bewandel ik dan. Zonder rugzak weliswaar. De rug moet noodgedwongen later wennen aan de zware taak van 10-12 kilo.
Ditmaal zullen ook m'n voeten moeten wennen. Ook aan de zooltjes die nog maar net voor € 28,50 zijn verbouwd. M'n schoenen zelf kennen ze inmiddels wel van dagelijks gebruik.

Zoals alle voorgaande keren neem ik me voor dat ik 't rustig aan ga doen. Zoals alle voorgaande keren weet ik dat ik me daar 1½e dag aan houd. M'n lichaam zal daarna worden uitgeleefd door de adrenaline die in m'n kop ontstaat. Doorlopen, doorlopen, lijkt 't te schreeuwen straks.

Vooralsnog is 't nog rustig in Zijperspace.

martha



Ik was altijd zo impulsief, ik geloof dat ik dat nog steeds ben.

Bladzijdes vol schreef ik Martine, terwijl zij op vakantie was. Bladzijdes gevuld met m'n zieleroerselen. M'n leed, m'n gemis. Bladzijdes gevuld met de tekst van 'Martha' & m'n van treurigheid vervulde herinneringen aan ons. M'n terugverlangen naar ons. Wij, met z'n 2-en.
Later, als we ouder waren, zou de tekst van 'Martha' vast overeen komen met hoe ik me op dat moment zou voelen. Hoe ik dan zou voelen dat ik ooit iets gevoeld had. Iets van liefde van lang gelee. & Ik zou op zoek gaan naar haar telefoon-nr.

Hoi, Martine, dit is Ton. Zullen we een bakkie koffie drinken & over 't verleden praten.

Ik had haar sleutels nog. & Ik had ook nog steeds de pijn van 't uit zijn. 't Was afgelopen. 't Zou nooit meer komen.
Ik schreef de brieven & legde ze in haar kamer, waar ik niet hoorde te komen. Niet meer, want 't was uit. Zij kwam ook niet meer bij mij.

& Ik herinner me stille nachten. Nachten dat ik dicht tegen Martine aan liep.

Ik kwam haar een jaar geleden tegen. Ze zag er niet meer uit zoals ik gewend was. Ze was dikker geworden in haar gezicht. & Haar gezicht had last van acne.
Maar ook dat gaat over met de jaren.

De liefde bestond niet meer in Zijperspace, 't geheugen nog wel.

vooraankondiging

Ik zal 't u vast maar meedelen. Dan hoeft men zich niet verontrust te voelen, als ik ff niets van me laat horen.
Ik ben vanaf vrijdag (eigenlijk is 't 'vanaf donderdag', want ik vertrek vrijdag; 'vanaf vrijdag' zou moeten betekenen dat ik zaterdag vertrek) de kusten van Holland aan 't verkennen. & Dan vooral die onder Amsterdam liggen.
Vanaf Haarlem leidt mijn route over 't Visserspad (Lange afstand wandelpad 5-2) naar Den Haag. Daar hoop ik aanwezig te zijn op de Parkpop-meeting. Waarna m'n pad nog een stukje verder gaat over 't Visserspad, maar in Zeeland overgaat in 't Deltapad (van dezelfde serie 5-1).

Ik neem m'n tent mee, een heerlijk 1-persoonsgebeuren, maar mocht iemand een slaapplaats aan willen bieden, dan hou ik me aanbevolen.

Men zal 't met veel stilte in Zijperspace moeten doen.

wraak

De dood waart om me heen. Zoals 't zich hier manifesteert, doet 't me denken aan een aflevering van Storm. 1 Van de mooiste, in mijn herinnering. Ik vermoed dat Martin Lodewijk 't scenario geschreven had. Don Lawrence was natuurlijk verantwoordelijk voor de tekeningen.
Storm wordt met enkele andere strijders een ruimteschip ingezonden, waar velen hun zijn voorgegaan. Een vreemd ruimteschip vol met dodelijke vallen. Overal liggen lijken van die voorgangers. In allerlei houdingen, geveld door de ingebouwde valkuilen van 't ruimteschip. Dat lot staat Storm & z'n metgezellen ook te wachten.

Mijn vensterbank ligt er ong 'tzelfde bij. Hier zijn 't de lichamelijke overschotten van insekten. Hier & daar omgeven door dun spinrag. Insekten in div gedaantes. Leeg, geen voedsel, geen vocht lijkt zich nog in 't overblijfsel te bevinden. Slechts omhulsels liggen er.
Ik zou 't kunnen opruimen, maar daar komt 't niet van. Elke dag laat ik me herinneren aan hoe groot & vervaarlijk de valkuil is, die mijn woning voor dit soort gedierte moet zijn. Elke dag denk ik dat ik 't moet verschonen, met de stofzuiger 't kerkhof verwijderen, maar ik kan me er niet toe zetten. Liever gedenk ik voor een moment de doden, terwijl ik mezelf een boterham bereid.

& Zou dat kleine groene vliegje, 't zou mij zeker niet opgevallen zijn als 't op een willekleurig blad in de rest van de tuin had plaatsgenomen, zich bewust zijn geweest van z'n opvallende verschijning, toen 't zich voor een moment nestelde op m'n ontblote bovenarm? Lang heeft 't pietepeuterig beestje daar niet over na kunnen denken, mocht 't pietepeuterige kopje daartoe in staat zijn. Een veeg met m'n rechterhand deed 't veranderen in een klein groen streepje.

De mug die dacht mij middernachtelijk gezelschap te kunnen bieden, heeft daar ook niet lang van geprofiteerd. De restanten van z'n lichaam sieren de wand naast m'n bed. Met een likje rood.

De stofzuiger zal ondertussen ook wel een verzamelplaats van lijken zijn, als in 't stripboek. Vele dieren, onmerkbaar voor m'n oog, kruipen rond op & in m'n vloerbedekking. Maar ook spinnen, duidelijk waarneembaar, hebben daar een verzamelplaats mogen inrichten. Weggezogen vanuit de hoogste hoeken van 't pand, waar zij zich veilig achtten & verzekerd van een weelderig maal. Omdat ik hun aanwezigheid m'n huis vond ontsieren, heb ik ze daar via de stofzuiger op gewezen.

Vannacht werd ik bezocht door een ander lijk. De door zout aangevreten glibberig substantie, dat zich voorheen naaktslak mocht noemen.
M'n buurman had me gewezen op de truuk met een glas bier. Ingraven in de tuin, zodat alleen de opening te zien zou zijn. Daar komen alle slakken op af, wist hij me te melden. Ze verdrinken vervolgens in 't bier.
Wel een vieze bedoening als je 't op moet ruimen, voegde hij er nog aan toe.
Dat schrok me af. Ik vind de slakken in levende lijve al afschrikwekkend. Ik zou ze niet met m'n handen durven aanraken. Een verzamelde hoopje lijken, verzonken in een glas bier, zag ik als 't summum daarvan.
Dus strooide ik 't aloude recept over de indringers van m'n tuin. Waarna ze snel van kleur verschoten, waarbij ze leken te pruttelen. 't Is geen genoeglijk gezicht, maar 't werkt wel, dacht ik.

Vannacht bezocht 't lichaam van een dode slak me. Ze wilde blijkbaar wraak nemen voor al die doden die ik op m'n geweten heb. Voor al die toevallige passanten, die in mijn universum hun kerkhof vonden.
Ze zei niks, maar was angstvallig dicht bij m'n hoofd op 't moment dat ik wakker schrok.

Alle dekens zijn uitgeklopt in Zijperspace.

liftlog 5

Hij pikte me op een verlaten plek op, dichtbij de kust. Slechts een enkele auto had me tot dan toe gepasseerd.
Hij kwam dan ook van z'n eiland af, vertelde hij me, voor de rest was er niet veel richting kust. Nu was-ie onderweg naar z'n werk.

Wat doe je? Waarom lift je?
Hij zat vol met vragen. Had bewondering voor m'n reis door Zweden. & Hij gaf me allerlei adviezen over dingen die ik nog meer moest bezoeken. Musea onder andere. Die waren allemaal gratis in Zweden. Hij werkte zelf voor een museum.

Hij had vroeger ook gelift, moest ik weten. Heel Europa door. Ook nog wel met z'n vrouw. In 't begin van hun relatie.
Ja, die relatie was nu over. Hij tikte zenuwachtig op 't stuur, terwijl hij dat vertelde.
Ik merkte opeens dat z'n hele lichaam onder invloed stond van wat nerveuze trekjes. Hij keerde steeds plots z'n hoofd naar me, als ik op zijn gevraag & gesuggereer reageerde. Belangstellend weliswaar, maar gespannen. Hij was mager, zeer mager. & Z'n ogen staken zenuwachtig uit hun kassen.

Hij moest elke keer 10 minuten varen om van z'n eiland naar de vaste wal te komen. & In z'n boot moest-ie alles vervoeren wat-ie nodig had. 't Was wel een beetje afzien, want in z'n huisje had-ie elektriciteit noch gas. Hij verwarmde z'n huis & eten met hout. Waardoor 't 's nachts zeer koud kon zijn. Vooral 's ochtends had-ie daar last van. Daarom had-ie zich vanmorgen ook niet geschoren.

't Was hun zomerhuisje, zoals iedere zweed z'n zomerhuisje op een eiland had. Ze waren een tijdlang bezig geweest 't huisje op te knappen, totdat de relatie strandde. Dat kwam doordat hij overspannen was geraakt van z'n onderwijzerswerk.
Nu moest-ie 't in z'n 1tje opknappen. Niet alleen 't huisje.

Weet je wat ik moest doen? Hij was opeens enthousiast. Ik moest langs 't Götakanaal gaan liften. Had nog nooit iemand gedaan. Hijzelf ook niet. Maar 't schoot 'm nu opeens te binnen. Liftend langs de kant van 't water. Die boten zaten toch meestal niet zo vol. Soms slechts 2 mensen op een zeer grote boot.
Dat moest ik doen. Hij wilde me desnoods wel bij 't Göta-kanaal afzetten. Moest-ie wel 1st iets afleveren in een ander stadje, maar hij wilde daarna best omrijden om mij aan 't kanaal af te zetten. Wilde hij wel later van me horen of 't gelukt was.

Nee, ik zag 't niet echt zitten. Ik wilde liever in dat volgende stadje 't plaatselijk museum bezoeken, waar-ie net over verteld had. Ik vond 't wel een goed idee, zei ik 'm, maar toch zou ik in ieder geval 1st naar 't noorden proberen te liften.

Want in 't noorden voelt men zich meer thuis in Zijperspace.

schommelen

Ik heb een rare boom in m'n tuin. Ik heb 't idee dat-ie er eigenlijk niet hoort. Zo'n japanse boom, denk ik vaak, want hij is veel te fijn.

De blaadjes bijv zijn veel kleiner dan die van bomen in andere tuinen. Heel teder traag komen ze laat in 't voorjaar pas tevoorschijn. M'n buurvrouw vroeg nog of 't wel goed ging met 'm. Zij woont er nog maar net & kan niet beter weten. Als alle bomen al helemaal groen zijn, komen bij mijn boom de 1e knopjes pas. Heel verwend eigenlijk. Alsof-ie wil afwachten tot 't zeker is dat 't warm blijft.

De takken hangen. Veel in ieder geval. 't Is net alsof ze vallen. Ik noem ze dan ook 'vallende takken', maar dat heb ik nog niemand verteld. Ze komen uit de stam, gaan een stukje rechtdoor & vallen dan naar beneden. Ze kunnen de weelde van de groei niet dragen. Sommige takken hebben helemaal geen blaadjes. Lijken een doods uiteinde van de boom te zijn. Daarom denk ik ook dat 't een zware taak voor een tak moet zijn te hangen aan een japanse boom in een hollands klimaat.

Ik kijk vanuit mijn huis vooral naar de bast van de boom. Aan mijn kant van de boom willen de takken bijna niet groeien. & Indien wel, dan zijn ze inmiddels afgebroken. 1 Van die takken, voor mijn komst hier moet die toch tamelijk dik zijn geweest, is er vermoedelijk bij een storm afgebroken. 't Restant zit nog aan de boom. Een buurman dacht dat 't misschien beter was dat stuk er recht af te zagen. 't Zag er uit als een ernstige verwonding, vond hij. De boom is al niet 1 van de sterkste. Aan een andere tak hangt ook al maanden een ander afgebroken takje. Dat lijken andere bomen niet te hebben.
Ik ben onmiddellijk na zijn opmerking op 't hek ernaast geklommen om er een tak af te zagen, maar die bleek de buurman niet te bedoelen.
'Bij die erboven kan ik niet komen,' zei ik 'm. Daarom hangt de verwonding er nog steeds.

Die fijne blaadjes zijn anders van kleur als die van de andere echte hollandse bomen. Veel helderder groen. Ze glinsteren ook in 't zonlicht. Als je schilder zou zijn, zou je witte puntjes moeten gebruiken om die weerkaatsing van 't zonlicht te illustreren. Nou ben ik geen schilder, maar ik kan wel zien dat 't heel wit is, die weerkaatsing. Dan kijk ik naar de takken bovenaan & zie ik allemaal witte puntjes dansen op de wind. Temidden van groene blaadjes in een blauwe zee aan de hemel.

Deze boom is veel onrustiger dan de andere bomen. Ik voel me desondanks wel bij 'm op m'n gemak. De takken schommelen, in tegenstelling tot 't heen & weer zwiepen van z'n buren. Dan lijkt-ie meer te genieten van z'n gebonden vrijheid. Door haar vallende takken, lijkt-ie ook makkelijk gekwetst te kunnen worden, maar toch houdt-ie 't vol. Dat mag ik graag zien.

De vogels zitten er ook graag in, vooral de wat grotere eksters & duiven. Dat is wel eens een nadeel voor mijn pas gewassen was. De t-shirtjes die daar slachtoffer van raken, stop ik echter gewoon bij de volgende beurt nogmaals in de wasmachine. Shirtjes zat.
De vogels vinden 't geloof ik wel fijn dat de boom zo weinig bladeren, & dan nog fijne kleine, heeft. Hebben ze meer overzicht; kunnen ze beter de omgeving begluren. Misschien vinden ze 't schommelen ook wel lekker. Zou ik zelf voor gaan.

Er staat een rare boom in Zijperspace.

overzicht

'Als je in een donkere hoek van de kamer staat, moet je niet verwachten een plattegrond van de stad te kunnen tekenen'

('De geschiedenis van mijn kaalheid', Marek van der Jagt)

Ik bleef 't keer op keer opnieuw proberen. Zittend aan de grote tafel in de huiskamer. Op een zondag met daglicht door 't achterraam, zodat ik m'n verrichtingen goed kon overzien. Daarbij liet ik me niet storen door de familie die op visite was. Er was eigenlijk ook niemand die belangstelling had voor m'n nijvere pogingen de wereld in kaart te brengen.

Ik gebruikte een potlood, een gum & een lineaal. Of was 't een geo-3-hoek? Ik geloof dat ik ook wat kleurpotloden naast me had liggen.
Vaag plaatste ik de 1e lijntjes. Verdikte die als ik dacht dat 't goed zat. & Maakte ze daarbij recht door de lijnen langs de lineaal te trekken. De vage lijntjes konden dan worden uitgegumd. Een nieuwe lijn kon vervolgens worden geplaatst. Vaag weer.

Sommige straten mochten niet te recht. Daar kwam ik al snel achter. Ons eigen rijtje bijv was wel recht, maar bij Garage Marshall, aan 't eind, kwam er een knik in de straat.
Verder weg van ons huis, naar de overkant, ontstonden er ook problemen. Want straten waren niet gewoon straten. Ik moest ook rekening houden met de dikte van de huizen. Of een grasveldje, zoals die er 1tje aan de overkant lag.

Ik concentreerde me vooral op de weg naar school, want die kende ik goed. De weg die liep via een smal doorsteekje aan de overkant, Barkstraat over, de Vletweg & de zijkant van de Fregatstraat. Ik wist daar ong hoeveel huizen of flats er stonden. Hoeveel ramen ze telden, hoeveel struiken, hoeveel knikkerpotjes. & Juist omdat ik die wereld van onderweg naar school kende, moest-ie in kaart gebracht worden. Met alle variaties.
Dus ook de rechtse variant van de Klipperstraat. Of de lange rechte linkse via de Fregatstraat. Die was eigenlijk saai, want alleen maar recht. Die kon wel als laatste.

Steeds als ik dacht de Marsdiepstraat perfekt in kaart te hebben gebracht, daarbij zelfs rekening had gehouden met de knik bij de garage, & over wilde gaan naar de Barkstraat, schemerde er een fout door de tekening heen. Elke keer iets anders.
Ook als ik globaal 1st de kaart tussen ons huis & school schetste & vervolgens korrekties in dikker potlood erin aanbracht, bleken er fouten in te sluipen. Onherstelbare fouten.
Ik kwam niet verder dan de Klipperstraat. Bij de Schoenerstraat, rechts daarvan, kwam ik niet verder dan een aanzetje van 2 dunnen streepjes. De tekening kon dan alweer weggegooid worden.

Vreemd vond ik 't. Ik kon toch zeker ook tekeningen van mensen maken. Rechte lijnen & kromme lijnen trekken lukte me niet. Terwijl dat veel makkelijker leek. Want de straten waren meer rechte lijnen dan kromme.
Ik wist niet dat m'n wereld zo ingewikkeld in elkaar zat. Zo ingewikkeld dat ik er geen overzicht van kon maken.

Er bestaat nog steeds geen kaart van Zijperspace.

pallabroos

Heetten palladiums vroeger pallabroos? Of misschien pallabroes?
Want zo noemden wij ze thuis altijd, lang voordat ze in de mode kwamen. Als palladium dan. Voor die tijd gingen wij ermee op vakantie & maakten er lange bergwandelingen mee. & We noemden ze pallabroos.

Naast me in de trein zat een meisje met palladiums aan. Ik had ze al een tijdje niet meer op straat gezien. De tijd dat ze modieus waren & iedereen ze droeg leek alweer lang geleden. Ze waren er toendertijd in allerlei kleuren & maten. Maar altijd gemaakt van 'tzelfde stofje. Dik, canvas-achtig, maar wel waterdoorlatend.

Zij had ze dus wel. & Ze droeg ze op een moderne manier. De veters waren weggestopt. Waar ze waren weggestopt, kon ik niet zien. Er zat geen knoop in de veters, niet aantoonbaar in ieder geval, & boven op de wreef waren de veters gewoon plots weg.
Ik probeerde de konstruktie van de verstopte veters te bestuderen, maar kon er niet achter komen waar ze uit 't zicht verdwenen.
Daarnaast bedacht ik me dat 't toch niets meer voor mij zou zijn. De veters zouden vast tegen mijn wreef aan schuren. M'n versleten botten, dat soort gedachtes heb je nou 1maal op deze hypochondrische leeftijd, zouden 't wrijven tegen de wreven vast niet meer kunnen velen.

Ik geloof dat alle kinderen (behalve de oudsten hadden we volgens mij allemaal pallabroos) een dubbele strik toepasten voor de stevige omsluiting van de schoenen. Want we liepen kms de berg op. & Ook weer af.
M'n vader kreeg 't zelfs voor elkaar dat m'n moeder een stel aanschafte. Kon zij ook een endje meelopen. Of een kleine wandeling met ons voleindigen.
Hele familie op de pallabroos.
Hoewel ik nog steeds niet weet of ze zo heetten. Misschien had m'n vader de naam wel vervormd. Maar wij noemden ze met hem ijverig pallabroos.

Later kreeg ik een vriendin. Op 't moment dat palladiums hartstikke in waren. & Zij had genoeg geld om regelmatig nieuwe aan te schaffen. Onder haar bed stond een hele verzameling schoenen. 't Grootste gedeelte daarvan was palladium. Altijd in de korte maat, zonder steun boven de enkels. Ze liep ook niet op een ander merk. Wel elke keer in een andere kleur. Dat kon ze betalen.
Nadeel was dat haar voeten ervan gingen stinken. Kwam doordat ze geen sokken er in droeg. Bleef de stank in de schoenen hangen.

Dit meisje is van 20 jaar later, maar toch droeg ze de palladiums zoals onze pallabroos er uit zagen. Bruinige, hoge schoenen. Alsof 't merk geherintroduceerd moest worden door van voren af aan te beginnen.
Zouden ze een nieuwe konstruktie voor 't verbergen van de veters verzonnen hebben? Om 't populair te maken bij de nieuwe generatie.

Pa liep voorop, ook al renden we vaak voor 'm uit. Hij in z'n echte bergschoenen. Stijf rond de neuzen. Wij met onze soepele pallabroos. Die waarschijnlijk nooit pallabroos hebben geheten. We renden van voor naar achter, legden de afstand bergop & bergaf 2 maal af. Op onze bruinige pallabroos. Terwijl Pa voorop liep & de weg wist. & Wij voorbij renden.

Rennen, zoals je alleen maar rennen kan in Zijperspace.

kordaat

Kiki vertelde me eens dat ze behoorlijk bang was voor onze 1e daadwerkelijke ontmoeting. Ze zag er tegenop.
'Waarom dat dan?' vroeg ik verbaasd op 't feestje waar we ons 1e gesprek voerden.
'Ik vond je zo'n kordate naam hebben.'

Ton Zijp. Ton....... Zijp....... Ton Zijp.
ZijpZijpZijpZijpZijp.
Ton.
Zijp.
TonZijpTonZijpTonZijpTonZijp.
Ton. Zijp.

Ik probeerde me die kordaatheid van m'n naam voor te stellen. Terwijl zij doorpraatte herhaalde ik in gedachten enkele malen m'n eigen naam. Kijken of dat kordaat over zou kunnen komen.

'Zo kort,' lichtte Kiki toe, 'zo mysterieus kort. Daar moest een kordaat iemand achter schuilen.'
Ik probeerde mezelf kordaat voor te stellen, terwijl zij 't ondertussen verder uitlegde.
'Ik ben bang voor kordaat. Mensen die kordaat zijn lijken zo boven de rest te staan.
'Ik had je naam op de lijst van medestudenten zien staan. Op een gegeven moment wist ik ook welk gezicht erbij hoorde. & Toen we les hadden van Müller & Sam hem de hele tijd zat te interumperen, zei jij dat Sam z'n mond moest houden. De docent moest ook de gelegenheid hebben z'n les af te maken, zei je. Ik dacht: als je dat durft, in aanwezigheid van 250 man, dan ben je kordaat. 't Ligt niet alleen aan z'n naam.'

't Lukte me nog steeds niet mezelf kordaat voor te stellen.

Toch vond er een gesprek plaats in Zijperspace.

onderzoek (vervolg)

Na een dieet van 14 uur, bestaande uit slechts water & stress (ook m'n nachtrust stond in 't teken van enige onrust), woog ik in 't AMC 65½ kilo. De bovendruk bij 't meten van m'n bloeddruk bedroeg gemiddeld 138, de onderdruk 86. In welke eenheden weet ik niet, daar heb ik geen verstand van. Hartslag 83 pm. Lengte 1m77. De jongeman heeft ook nog de omvang van m'n middel & heupen gemeten, maar dat waren van die onbenullige getalletjes, dat ik 't meteen daarna weer was vergeten.

Een heerlijke rust, daar in de kelder van 't AMC, waar de onderzoeken per persoon werden afgewikkeld. Je hoorde slechts 't ruizen van luchtverversingsmachines. Onvoorstelbaar mooie grote machinaties leken dat, zo vol & eentonig als ze de sfeer van de buizen, doorkijkjes, liften & wandelgangen wisten te bevestigen. Een perfekte omstandigheid om verder te gaan in m'n boek, nadat ik de noodzakelijke vragenlijst had ingevuld. Dat mocht wel een kwartier duren, 10 blz zijn dat ong, voordat ik als laatste verzocht werd 't onderzoekslokaaltje te betreden.

Hebben ze vast niet meegenomen in hun onderzoek: dat mensen wiens naam vaak als laatste, door alfabetische rangschikking, opgeroepen wordt, een grotere kans hebben vroeg te sterven. Komt door de stress van 't eeuwig moeten wachten.

Als dank kreeg ik een 12-vitaminen (ik wist niet dat er zoveel waren) drankje & een gezondheidsbroodje mee.
'Een kleinigheidje,' voegde de jongeman toe. Misschien wel lichtelijk gegeneerd.
Ik hou helemaal niet van krentebroodjes. Veel te zoet meestal.
'Is dat nou gezond?' vroeg ik me bovendien af. Krenten (of dat zijn natuurlijk weer rozijnen, net als kerstbomen sparren zijn ipv 'O denneboom') vervuld van eigen suikers, toegevoegd aan zoet meel & een brok spijs. Dit gezondheidsbroodje was aan de buitenkant ook nog eens oversmeerd met een vettig goedje ('zal ook wel weer zoet zijn,' dacht ik) waardoor je 't broodje alleen aan 't plastic omhulsel kon vasthouden.
Ik had honger, je hoorde mij voor de rest niet klagen.

Bij 't verlaten van 't AMC werd ik de 1e blinde vlek gewaar. Ik kon teksten van bordjes niet meer gemakkelijk lezen. Aangekomen bij 't Multi-mediapark, tegenover Pathé Arena, werd m'n ½e gezichtsveld door sterretjes bedekt.
'Zouden mensen nou kunnen zien,' dacht ik, verpakkingen & produkt-omschrijvingen bestuderend, 'dat ik een beetje raar kijk & teksten niet direkt kan lezen?'
't Kon in ieder geval niet aan 't gezondheidsbroodje liggen, want daar had ik bij aanvang van 't probleem nog geen hap van genomen. Misschien de rust van de kelder, of de luchtcirculatie, of de vreemde ervaring van bloedafname & andersoortig onderzoek.

Ik verliet 't pand onder 't gejuich van een stelletje Koreanen, met begeleidend commentaar van een Nederlander. Onder m'n arm m'n tas met discman, inclusief adapter.
Boven m'n neusschot drukte 't. Rechtsboven m'n rechteroog ook. & In 't midden van m'n voorhoofd. De sterretjes waren verdwenen.

Misschien was 't wel gister in Zijperspace.

onderzoek

Ik heb 't wel proberen uit te stellen, maar op een gegeven moment ben ik toch maar opgestaan. Hoewel er eigenlijk geen reden toe was. Behalve dan dat ik over 1½ uur in 't AMC moet zijn & ik niet weet hoe lang ik over die reis ga doen. Vooral nu ik beter niet de fiets kan gebruiken, vanwege een stuur die waarschijnlijk niet mee wil werken.

Ik mag bijv niet ontbijten. Tot na 't onderzoek moet ik nuchter blijven. & Nuchter blijven betekent ook, dat ik geen suiker mag gebruiken. & Wat is thee nu helemaal zonder suiker? Kan je beter gewoon water drinken. Thee bestaat bij mij vooral bij de gratie van de toevoeging van suiker.

Eigenlijk zit ik me hier dus te vervelen. Want die 2 uur die ik over 't algemeen neem om wakker te worden, of anders gezegd: om m'n dingen te doen zodat ik geheel ontspannen de rest van de wereld aan kan, bestaat blijkbaar vooral uit 't tot me nemen van eten & drinken. & De voorbereiding daarvan.
Want 't vergt nl tijd om water op te zetten, 't theezakje te ontvouwen, de theepot te spoelen, de thee te laten trekken in 't inmiddels gekookte water, 't 1e kopje in te schenken, te wachten tot de temperatuur ervan mondvriendelijk genoeg is, voordat 't uiteindelijk geconsumeerd kan worden.
De boterhammen moeten ook ontdooid, zorgvuldig daarvoor uitgestald worden op de snijplank, waarna 't belegd kan worden, gesneden, geselekteerd in de lekkerste volgorde. Dan pas kan de 1e hap richting mond.

Dat alles vergt toch een 5-tal heen & weer drentelen richting keuken. 't Vergt verantwoordelijkheid tegenover de kinderen van de achterburen, daar die als jonge moslims vast nog geen westerse gezonde man in vol ornaat in onderbroek hebben mogen aanschouwen. Denk ik dan. Dus trek ik bij dat soort bezigheden 1st nog ff m'n broek aan, met een t-shirt om 't toch nog wat te laten lijken. Dat alles moet ff later ook weer uitgetrokken worden, omdat dat nu 1maal prettiger is tijdens de douche, die ik altijd vlak voor vertrek pleeg te nemen.
Nu hoef ik sinds gisteravond niet de keuken in (ik snap ook niet waarom ik evengoed daar 't licht heb aangelaten), waardoor ik gewoon rechtstreeks in dit tenue de douche kan bezoeken.

Oja, ik moet water drinken. Ik moet nl ook nog een plasje inleveren. M'n ochtendplasje, die meestal op een zeer ongelegen tijdstip plaatsvindt, heb ik dermate slaapdronken vanochtend geloosd, dat ik 't potje, waarin 't opgevangen moest worden, totaal ben vergeten. Dat moet gecorrigeerd. Maar ik weet van mezelf dat ik na die ochtendplas meestal geen behoefte meer heb tot ong een uur of 11. Dat is te laat.

Dit alles tbv een grootscheeps onderzoek naar 't ontstaan & de faktoren die invloed hebben op 't ontstaan van hart- & vaatziekten. CRANS heet dat onderzoeksprojekt. In de toekomst weet men dus meer de oorzaken van hart- & vaatziekten. Dankzij mijn lichaam. & De voorbereidingen die ik daarvoor heb moeten treffen. Of de dingen die ik mezelf heb moeten onthouden.

Een verantwoordelijke taak rustte op de schouders van de bewoners van Zijperspace.

masterplan

Ik had een masterplan. Ik had 't helemaal voor elkaar. Goed over nagedacht, tot in de puntjes voorbereid. Zodat ik evengoed behaaglijk vast zou kunnen slapen, ondanks 't vroege tijdstip & 't gebrek aan alcohol.

't Is een kwestie van vooruit denken als je vanaf 10 uur 's avonds tot de volgende ochtend, na 't onderzoek, nuchter moet zijn. Kwestie van plannen.
Zorgen dat je bijtijds eet, ipv 't gewone tijdstip van ¼ over 10. Zorgen dat je voor de maaltijd een leuke hoeveelheid bier hebt geconsumeerd, zodat de slaap toeslaat na de maaltijd. & De slaap alle zorgen van slechts water mogen drinken doet vergeten. Oja, & thee, maar dat alleen zonder suiker.
Da's de theorie.

't Betekende in de praktijk dat ik bijtijds Eindhoven moest verlaten; onderweg een biertje of 2 kon consumeren; thuis tijdens 't bereiden van de avondmaaltijd ook nog 1; & 't eten vlak voor 10-en verorberd zou kunnen zijn, waarna ik al lezend in bed in slaap zou vallen van een leuke, gezellige, enerverende dag, met een beetje alcohol.

Dit model hield geen rekening met roekeloze taxi-chauffeurs op de Dam, die plotseling hun kar voor je fiets kunnen parkeren. Evenmin hield 't rekening met vriendjes van taxi-chauffeurs die je gaan bedreigen zogauw je een vergoeding wilt voor de schade aan je fiets, vanwege zijn onoplettendheid. Verder zat in dit plan niet verwerkt de mogelijkheid dat er verslag gedaan moest worden op 't politie-buro over dit akkefietje; aangifte gedaan moest worden van de schade & 't buro op de hoogte gesteld moest worden van 't feit dat je door 4 mensen bent bedreigd, die beweren getuige te zijn geweest van 't voorval, maar daarentegen pas 5 minuten later arriveerden.
Dat past nou 1maal niet in een logische kansberekening vooraf, van mogelijke gebeurtenissen tijdens de tocht naar huis.

Resultaat is een lege maag, een glas water voor de neus, de neiging steeds weer op te staan om iets te eten uit de ijskast te trekken, een verschrikkelijke afwezigheid van ook maar enige behoefte aan slaap, & een bovenmatige behoefte elke taxi-chauffeur voortaan de weg af te snijden om vervolgens voor de auto op straat te gaan liggen, met je mobiele telefoon gereed op 't algemeen geldende alarmnr.

De taxi-mafia bestaat nog steeds in Zijperspace.

theelepeltje

Ik kan 't juiste lepeltje niet vinden. 't Theelepeltje dat ik bijna nooit afwas, omdat 't, zogauw 't in de buurt van de wasbak komt, alweer gebruikt gaat worden voor de volgende thee-sessie. 't Theelepeltje dat bijna altijd rechtop in m'n kopje staat, klaar om z'n jarenlange trouwe dienst te continueren.

Al m'n theelepeltjes komen bij m'n ouders vandaan. Ik heb nooit een lepeltje zelf gekocht. Dat kwam toevallig zo uit, in de tijd dat ik op mezelf ging wonen, of wat xtra's nodig had na weer een andere verhuizing.

Ik heb theelepeltjes met St. Jakobsschelpen er op. Vind ik minder mooi, gebruik ik slechts als ik visite heb in grote getale. M'n vader was secretaris van 't St. Jakobsgilde. De schelp is een symbool voor die vereniging. Symbool ook voor de pelgrimage naar Santiago de Compostella. Daarom zal ik ze nooit wegdoen, ook al vind ik ze niet mooi. Ooit ga ik net als m'n vader naar Santiago wandelen.

& Ik had ook theelepeltjes met heiligen er op. Die waren prachtig. Ik kon er uren naar kijken vroeger. Want elke heilige droeg weer een ander kenmerk met zich mee. Dan wist je om welke heilige 't ging. De 1 een sleutel, de ander een staf. Daar zat dan een heel verhaal achter. Die wilde ik eigenlijk allemaal achterhalen, want ik wilde weten waarom de lepeltjes er zo uitzagen. Ik vond verhalen zowiezo prachtig, maar een lepeltje met een verhaal erachter was 't summum. Dan roerde je je thee met een heel bijbels verhaal.
Ik denk dat ik 't grootste gedeelte van die lepeltjes bij opeenvolgende verhuizingen kwijt ben geraakt. Die dingen zijn klein & dun. Ze glippen overal doorheen.
Misschien dat er nog een paar bij m'n ouders thuis liggen. Bij m'n volgend bezoek aan m'n ouders moet ik ze dan maar weer 'ns nader onderzoeken. Kijken of ik nog verhalen terug kan vinden.

In de la liggen ook een paar lepeltjes met een bolletje aan de bovenkant. De steel is dun, met een draaiing erin. Die draaiing daagde me wel 'ns uit m'n nagel erin te zetten. Vervolgens draaide ik 't lepeltje, totdat de nagel helemaal bovenaan terecht kwam. Daar kon ik een heel bakkie thee zoet mee zijn.
Maar ze houden minder lekker vast; ze zijn net ff te iel. Voor visite ook.

Hoe m'n favoriete lepeltje er nou uit ziet, weet ik eigenlijk niet. Hij is er niet. Ik zie 'm elke dag, of eigenlijk: ik voel 'm elke dag. Bij 't roeren in m'n thee. Daardoor weet ik wel dat 't een plat 3-hoekig oppervlak heeft. & Aan de ene kant staat een afbeelding, aan de andere is-ie plat. Voelt erg prettig bij 't roeren. Ik heb tenminste grip. & Door de afgeronde zijkanten 'voegt' 't ook lekker.
Maar hoe 't eruit ziet weet ik eigenlijk niet. Oud in ieder geval, net als m'n andere lepeltjes. Behalve dan die schelpen; die zien er nog zo goed als nieuw uit. Daarom vind ik ze misschien ook minder prettig.

Ik heb er nog 1tje in m'n keukenla liggen. Ik heb 'm net nog ff bekeken. Hij is vies, want hij ligt er al een tijdje onaangeraakt. Ik zal 'm ook niet zo snel gebruiken. Die hoort daar te blijven. Zo min mogelijk hoort-ie gebruikt te worden.
Aan de bovenkant van de hals heeft-ie een soortemet kroontje. Vervolgens wordt-ie wat breder, maakt een kleine hoek naar binnen, & weer breed tot aan de top. Hij is sierlijk in al z'n eenvoud.
In de kop staat een A afgebeeld. Een klassieke A. Da's van m'n moeder. De A van Anny. M'n vader had een N. Maar die heb ik niet.
Als ik op dezelfde manier een A zie afgebeeld, denk ik onmiddellijk aan m'n moeder, stel ik me zo voor. Dat had ik daarnet ook toen ik in de la ging kijken: hé, daar ligt m'n moeder.
Die moet daar blijven liggen. Mooi liggen zijn, ook al is-ie dan ietwat viezig.

Nu is 't tijd voor thee in Zijperspace.

biertje

'Ook al gebeurt er niets op straat, er is altijd een reden om een biertje bij jou te halen.'
'Gelijk heb je,' stem ik met Boekenman in.

'Ja, 't gaat de laatste tijd best goed met me,' vertelt Boekenman me, terwijl-ie z'n biertje met me afrekent. 'Ik moet nu bijv boodschappen doen voor een paar dames. Maar ach, je kent ze niet. Kijk,' hij laat me z'n geld zien, 'ze hebben me € 20,- meegegeven. Dat vind ik toch een teken van vertrouwen.'
'Wat moet je dan allemaal halen?'
Hij haalt 't papiertje tevoorschijn & houdt 't een meter van zich af.
'Hmm, 2 blikjes cola, een sandwich.' Hij houdt 't briefje nog wat verder van zich af. 'Dat kan ik nu niet allemaal lezen.' Opeens is-ie ongeduldig: 'Maar jij kent de dames helemaal niet.'
't Laatste zegt-ie licht verontwaardigd.
'Nee, da's waar.'
'Ik kom hier alleen maar een biertje halen,' terwijl-ie met een kwaad hoofd de deur uitgaat.
'Goed zo. Ik vind 't leuk dat je 't bij mij komt halen,' weet ik nog net met opgeheven duim na te roepen. M'n blik staat alsof ik me van geen kwaad bewust ben.

Maar Boekenman komt een minuut later in andere stemming weer terug. Nog ff z'n verhaal doen.
'Ik haal dozen voor de mannen met de boeken. Dan krijg ik tenminste een kleine vergoeding. Als ik dan 's avonds thuis kom, heb ik tenminste wat eten meegenomen. M'n maat is dan al thuis van zijn boekenwerk op 't Waterlooplein. Hij heeft dus ook wat verdiend. Hebben we allebei wat bijgedragen voor 't eten van de avond.
'Die boodschappen voor de dames, daar verdien ik niet echt wat mee. Maar ik krijg er wel wat voor. Die dames moeten er erg hard voor werken. Maar jij kent die dames niet. Ze zitten om de hoek in de Spuistraat, maar jij kent ze niet. Ze tekenen & knippen & plakken. Als ik die boodschappen voor ze doe, dan verdien ik er niks mee. Maar ik krijg er wel wat voor.
'Ik ben niet zo als die mannen daar.' Hij maakt een gebaar richting de Albert Heijn, waar elke dag de mensen waar hij op doelt rondhangen. 'Want die mensen zijn getikt. Ik doe niet meer wat zij doen. Dat weet jij toch?'
Ik beaam 't: 'Nee, dat heb jij toch niet meer nodig.'
Boekenman lacht weer: 'Maar een biertje moet kunnen.'

Een gedachte die gemeengoed is in Zijperspace.

kwetsen

Mocht men 't willen weten.
Ik zou 'tzelfde kunnen schrijven als degenen waar een enkeling kritiek op heeft. Men zou op dezelfde manier af kunnen geven over mijn schrijfstijl, de inhoud van m'n stukjes, m'n manier waarop ik mezelf presenteer.

Ik ben overal geweest: in diepe dalen & op hoge bergen. Waarbij de dalen mijlen ver onder 't NAP lagen, & waarbij de Vaalserberg tegenovergesteld een zandhoopje leek. Ik ben de populairste van de klas geweest & de meest verafschuwde. Men heeft mij op handen gedragen & men heeft mij vanwege m'n persoonlijkheid willen ontslaan. Ik ben gek geweest; tegenwoordig schijn ik me redelijk normaal te gedragen.

Ik weet ook dat in onzekere situaties of juist op momenten van 't plotse ontbreken daarvan, men de neiging kan hebben zich op een bepaalde manier te uiten. Een manier die niet strookt met 't algemeen denkbeeld van wat goed is, zoetgevooisd, sociaal acceptabel, populair.
Ik heb dat geaccepteerd. Van mezelf, van anderen. Hoewel ik best een hekel aan dat soort mensen kan hebben op dergelijke momenten. Dan wil ik ze negeren, wil ik ze niet kennen. Fluister ik naar de metgezel op dat moment voor handen wat voor belachelijks die persoon wel niet uithaalt. & Lachen we er hard om met elkaar.

Ik ben echter ook zelf in die situatie geweest. Maar dan in 't openbaar. Ik heb meegemaakt dat mensen mij en plein public veroordeelden, omdat mijn gedrag niet strookte met dat van de rest. Ik heb momenten meegemaakt dat men eerder de neiging had mij te stenigen, dan voorbij te laten lopen.
Ik weet waar de mens toe in staat is, als 't gaat om kwetsen, naar beneden halen, antipathie voor iemand kweken.

& Toch vind ik dat iedereen z'n eigen mening over eenieder moet hebben. Je mag iemand, of je ligt elkaar niet zo. De normaalste zaak van de wereld.
Ik vind echter ook dat je niet iemand publiekelijk te schande mag maken, een persoon ongenuanceerd met pek & veren mag besmeren.

Dat kwetst.
Zodoende ben je bezig macht uit te oefenen over iemand die zich zwakker voelt dan jij, omdat-ie zowiezo in de minderheid is, door z'n gebrek aan grote bek.

Ik hou niet van volkshetzes. Ik hou niet van een lynchpartij. Ik hou niet van ongenuanceerde vuilspuiterij. Evenmin hou ik van iemand verrot te schelden, zonder dat er enige reden achter 't gebruik van dergelijk vocabulaire is.
Een meningsverschil is iets tussen mij & de tegenpartij. Ik vind 't niet nodig dat anderen daar iets mee te maken hebben. Zeker niet als ik geen argumenten anders dan emotionele kan gebruiken.

& Ik haat moedwillig kwetsen. Ze kunnen mensen blijvend schade toebrengen. Ze kunnen mensen kapot maken. Ze kunnen mensen tot zelfmoord drijven. Ze kunnen gebeurtenissen onomkeerbaar maken.

Kwetsen wordt niet toegestaan in Zijperspace.

lijflog 4

't Is een moment van rust: ff de tijd nemen voor de grote boodschap op de wc door een boek mee te nemen. Je lichaam volledige ontspanning geven door te lezen over iets anders dan je eigen leven, wat voor narigheid dat allemaal oplevert & daar volledig in opgaan. Wat o zo noodzakelijk is op 1 van de belangrijkste momenten van de dag.

't Is iets wat ik van m'n vader heb overgenomen. 't Voordeel is wel dat ik op mezelf woon, terwijl hij een gezin van nog 7 andere personen om zich heen had lopen. & Terwijl ik toch zeker binnen 5 minuten de boel heb doorgespoeld, had hij aan een kwartier nog niet genoeg.

Tuurlijk vind ik de inhoud van 't boek wel 'ns belangrijker dan de aktiviteiten die m'n lichaam aan 't bezigen is. Maar die xtra interesse kost vaak niet meer dan een alinea. Misschien, heel af & toe, een volgende pagina, omdat ik dan 't hoofdstuk heb beëindigd. Meestal echter duurt m'n verblijf aldaar hooguit 1½ pagina lang.
Vervolgens doe ik de deur van 't toilet dicht, zodat slechts in de gang ik gedwongen ben adem te halen via de mond. & Dan nóg, denk ik erbij, 't zijn m'n eigen geuren.

Mijn vader mocht in de badkamer gaan zitten. Wel voor een ½ uur maakte hij daar gebruik van dit privilege. In de badkamer waar wij ff later een bad wilden gaan nemen, of wellicht een douche. Wat niet te harden was. Zelfs over de overloop de badkamer passeren was geen pretje.

Maar goed, ik zit hier dus in m'n 1tje. Lekker rustig op mezelf, hoef me nergens wat van aan te trekken. Vind ik ook noodzakelijk; deze taak vergt uiterste ontspanning van lichaam & geest. 't Is geen moment van bezinning, maar eerder je lichaam z'n eigen gang laten gaan. Er moeten geen faktoren van buiten invloed op m'n gemoedstemming hebben.
Daar wil ik dus niet bij afgeleid worden.

Zoals door een broekriem, die irritante geluiden maakt, terwijl-ie te bungelen hangt bij je voeten.
Of door de kraan die om de 12 seconden een druppel verliest in 't wasbakje voor je.
Of door een cd-speler die een vetvlek heeft gevonden op de cd & de hele buurt daarvan op de hoogte wil brengen.
Of door een telefoon die overgaat, waarbij de beller uiteindelijk een enquêteur blijkt te zijn, terwijl de broek nog tot op m'n knieën hangt.

In Zijperspace heerst soms een moment van volledige rust & ontspanning.

strings

Max doet niet meer aan sex. Al jaren niet, heb ik 't idee. 't Interesseert 'm gewoon niet. & Als 't 'm wel mocht interesseren, dan toch waarschijnlijk toch vooral voor de herenliefde, is m'n vermoeden.

Dus als hij bij me langskomt op een zomerse dag & we besluiten buiten op een kratje plaats te nemen, moet ik 'm duidelijk maken wat mij bezighoudt. 't Zal voor hem toch duidelijk zijn dat terwijl hij praat, ik m'n gezicht niet de hele tijd geconcentreerd op hem kan blijven richten. Er zijn nog andere dingen gaande, zo midden in 't centrum, om de hoek van de letterenfaculteit.

'Vrouwen mogen weer op straat verschijnen zonder bh's,' heb ik 'm van de week bijv wijsgemaakt. & Dat staafde ik aan enkele passerende voorbeelden.
Dat snapte hij niet. Toendertijd was dat toch ook al zo? 10-20 jaar geleden.
Ja, maar dat is weer helemaal uit de mode geraakt. Opeens droegen alle vrouwen weer bh's, legde ik 'm uit, & de bh die een vrouw droeg was belangrijk voor haar uitstraling. Nu is die uitstraling zonder bh eindelijk ook weer belangrijk.

Ondertussen probeert Max z'n verhaal te vertellen. Daar is-ie erg goed in. Hij weet elke keer weer precies op 't punt te herbeginnen, waar ik afgeleid raakte. Een noodzakelijke eigenschap, zo midden in de hete zomer.

Ik heb 'm ook de sport van 't string-signaleren proberen uit te leggen. & Waarom ik helemaal geen billen-man ben.
Maar sinds ik in een stukje had gelezen dat een moeder haar dochter's string op een uitgaansavond had geleend, had ik er meer feeling voor gekregen. Dan krijg je er vanzelf ook oog voor.

'Kijk, dat is een dame met een string.'
'Waaraan zie je dat dan?'
'Nou, boven die bilspleet kan je vaak een 3hoekje in de broek door zien schijnen. & Vaak is 't zo, bij deze dame bijv, dat de billen ook veel meer vrijheid hebben om te bewegen.'
'Oja, nu zie ik 't.'

't Komt allemaal door een moeder die een string van haar dochter leende.
Ze vond 't maar gek, dat gevoel van een draadje in haar bilspleet. Maar haar dochter was de deur uit & zij had ook 'ns zin in een lekkere sexy avond met haar vriend. Dus leende ze de string van haar dochter.
& Ze schreef daar uiteindelijk een stukje over, dat ze opstuurde naar 'Dag in, Dag uit' van de Volkskrant. 'NL' heette die rubriek van ingezonden stukjes.
Door de levendigheid van 't stukje kan ik sindsdien strings door de broeken van vrouwen heen zien. Of juist de afwezigheid ervan.

'Die kinderen houden zich de hele tijd bezig met ganzen bekogelen,' vertelt Max een minuut later verder.
'Daar heb je er weer 1,' onderbreek ik 'm.
'Hoe zie je dat dan?'

't Was de helft zo rustig in vroegere tijden van Zijperspace.

sterker

Ik hou er niet van als mensen moeten tonen dat ze sterker zijn dan een ander. Als ze daarvoor naar 't middel 'in de zeik zetten' grijpen, word ik echt pissed off. Indien je een bepaalde mate van medemenselijkheid in je kadaver hebt, dan verlaag je je niet tot dit soort masculien gedrag.
Dan kan je beter je geld aan een dame uitgeven, die zich voor 't aanschouwen van 't gefrustreerd uiten van dit gedrag laat inhuren.

Ik hou niet van de afzeikschrijfsels van Theo van Gogh, Battus of Boudewijn Büch. Hoe kunstig ook geschreven, ik vind 't niet getuigen van enig begrip voor 't denken van een ander. Voor de gevoeligheid van een ander. Voor de kwetsbare punten van een ander. Zeker ook, omdat ze zich uiten via papier & niet elkaar recht in 't gezicht af proberen te maken.

Ik hou dus ook niet van afzeikschrijfsels in Weblogland. Hoe stoer de mannetjes zich er ook bij voelen, als ze hun epistels over een medeblogger schrijven, wat mij betreft kan zo'n persoon meteen door de stront zakken.
Want volgens mij toon je daarmee slechts je eigen zwakheden aan. Zo'n persoon kan blijkbaar niet normaal met andere mensen communiceren, mededogen tonen voor andermans leed, andermans falen, andermans ongeluk.

Mocht iemand zich aangesproken voelen na 't lezen van 't bovenstaande: ik ben 't niet die zich gekwetst voelt. Ik laat me niet zo makkelijk meer kwetsen. Ik betreur alleen 't zielige karakter dat achter zulk schrijven steekt.
Ik heb plots een grote behoefte dit gevoel kenbaar te maken, ook al had ik een tijd geleden besloten dat ik niet meer over blog-incestueuze gebeurtenissen zou schrijven.

U moest beter weten als u ook maar een bepaalde mate van emotieve & sociale intelligentie heeft. Maak van dat kleine beetje dat nog tot uw beschikking staat gebruik & staakt 't moedwillig kwetsen van andere personen.
U wordt er nl alleen maar sterker van vanuit uw eigen standpunt & andere afzeikschrijvers. Als mens wint u niets aan waarde.

& Mocht u denken dat er geen kwaad schuilt achter andere mensen via de letter zo af & toe af te zeiken, neemt u van mij aan: 't doet wel degelijk pijn. 't Doet meer pijn dan dat 't mondeling zou worden overgedragen.
U heeft niets aan die pijn.

Laat 1 ding duidelijk zijn: zulke mensen worden in Zijperspace niet lang getolereerd

jatten

Ik heb gejat. Ik merkte 't niet. De reep chocola lag onder 't krat bier, dat ik altijd in 't karretje laat staan. Ik liet 1 flesje zien bij de kassa & zei dat ik daar een heel kratje van had.
Ik merkte 't wel op 't moment dat ik 't kratje uit 't wagentje tilde. Daar lag overduidelijk een reep chocola in een paarse wikkel. Die moest ik nog betalen. Of die moest ik meteen maar in m'n tas gooien, want ik stond op dat moment reeds 3 meter van de kassa verwijderd.

M'n bewegingen werden langzamer, zogenaamd geheel ontspannen. Traag zette ik 't kratje bier op de grond om 't karretje in z'n rijtje terug te zetten & m'n 50 cent eruit te kunnen halen. Onopvallend maakte ik op 't laatste moment een buiging om de reep er uit te halen. Keerde me om & bukte, legde de reep tussen de flesjes. 't Was beter alles open & bloot te laten plaatsvinden, dacht ik, dat schiep meer duidelijkheid.

Ik heb in m'n jeugd ook wel spullen gestolen. Een stripboek, een cassette, een enkele keer een plaatje. Ik had weinig geld te spenderen & de grote warenhuizen klopten toch geld uit de zakken van de consument. Bij de kleine winkeltjes betaalde ik braaf alles, bij de V&D werd de portemonnee in de broekzak gehouden. Bovendien was de bediening in dat soort zaken verschrikkelijk. Daar wilde ik geen cent xtra aan uitgeven.

Nu kan ik 't betalen. M'n ideeën over proletarisch winkelen zijn ook aanzienlijk veranderd. Ik zou 't vast ook niet meer durven. Daarnaast: m'n eerlijkheid laat 't waarschijnlijk niet toe.
& Toch stopte ik de reep tussen de flesjes bier weg. & Dacht ik er over daarmee naar buiten te lopen.
Razendsnel schoten de overwegingen me door 't hoofd. Ik had ook al 3 minuten moeten wachten voordat ik m'n euro gewisseld kreeg voor 't gebruik van een karretje. Er stond een hele rij bij de enige kassa in funktie. De jongen werkte niet al te snel; leek nog maar net ingewerkt op de kassa.

Terwijl ik alle handelingen verrichtte vooraleer de winkel te verlaten, keek ik rustig in de rondte. Ik kontroleerde de lengte van de rij; spiedde of er een bewaker rondloopt; probeerde eventuele camera's te lokaliseren. & Ondertussen dacht ik na of ik 't nou wel zou doen.
Was 't 't waard tijd te besparen door 't gewoon mee te nemen? Ik werd er in ieder geval niet eerlijker van. Wat moest ik zeggen als men me betrapte? Hoe eerlijk is eerlijk dan nog als ik ze 't gehele verhaal vertelde? Zonder poespas, gewoon de waarheid.

Ik heb gejat. Ik liep de winkel uit. Met 't kratje bier & daarin een reep chocola van ong € 1,50.

Zijperspace heeft z'n onschuld verloren.

sister-in-law

'You're from America,' zegt Mike. Ik heb 't 'm al vaker horen zeggen, terwijl-ie in de rij staat om z'n bier met me af te rekenen. 'Where do you come from?'
'Seattle,' antwoordt de dame.
'Do you know Bellevue?' vraagt Mike. Hij weet altijd wel iets op te noemen in zo'n situatie. Hij lijkt overal in Amerika wel 'ns te zijn geweest. Anders heeft-ie er wel kennissen zitten.
'Bellevue? It's only 5 minutes riding for me.'
'Well, that's fun,' Mike gaat in z'n element raken; je kan 't zien aankomen, 'my wife just comes from Bellevue. And you just live 5 minutes away from it.'
'What's her name?'
'Petrowsky.'
'My best friend's name is Angie Petrowsky,' reageert de amerikaanse dame verrast.
'Well, that's her sister,' zegt Mike enthousiast. 'What a coincidence.'
'Unbelievable,' meent ook de dame.
'My wife, well: my ex-wife is called Debby. Do you know her?'
'Haven't seen her. But I know her name. How strange.'

Ze blijven nog een paar minuten hun verwondering uitspreken tegenover elkaar. Mike moet 't nieuws ook ff buiten aan z'n vriend Joe vertellen. Als-ie weer binnenkomt draagt hij Suzie op, haar naam weten we inmiddels ook al, Angie de groeten te doen. Volgende week gaat ze tenslotte bij haar eten.
'Say hello from Mike Mucoswin.'

'Do you believe that?' zegt-ie ff later voor de 5e keer tegen me. 'She's just the best friend of my sister-in-law.'
'Your ex-sister-in-law, wasn't it?' corrigeer ik 'm.
'Well, yeah. I've been married to her for 6 years. But do you believe that? I divorced her in '88 & now I meet the best friend of her sister.'

Hij gaat weer naar buiten. Drinkt z'n biertje met Joe. Komt weer binnen om z'n lege flesje in te leveren.
'Do you believe that? The last thing I heard about Debby was that she was a cab-driver.
But she was a bit crazy. You know, I was married to her for 6 years, but was totally mad when I left her. She was nuts. My first wife, I was married to her for 17 years. With her I had 3 kids. But with Debby I didn't want to have kids. She neither. She was a bit crazy, you know.
But do you believe that? I live here for over 30 years and now I meet the best friend!'

Op een gegeven moment gaan we geloven in Zijperspace.

liftlog 4

Via Den Oever van Amsterdam naar Den Helder is een omweg, maar ik wist ondertussen uit ervaring dat ik altijd wel aankwam. Bovendien was de route naar de afsluitdijk over een snelweg. 't Zou misschien nog wel sneller gaan dan de kleine etappes die noodzakelijk waren tussen Alkmaar & Den Helder. Ik accepteerde 't aanbod van de man, die onderweg terug naar Leeuwarden was, meteen.

Zonder 1st ff geroken te hebben. Dat was m'n grootste fout. Ik had m'n neus de auto moeten laten verkennen. Ik had vast 'nee' gezegd als ik me de geur gerealiseerd had. Een smoes zou zeker spontaan in me opgekomen zijn. Bijv dat 't onhandig was via Den Oever te gaan, omdat je aan 't eind van de snelweg niet makkelijk een volgende lift zou kunnen krijgen. Of dat ik in ieder geval via Alkmaar wilde om m'n broer te bezoeken.

Ik zat al, toen ik me de geur realiseerde. 't Was geen stank, daar was 't niet te doordringend voor, maar gedurende de rit drong 't steeds dieper tot me door. M'n neus in, naar achter, verder m'n lichaam drong 't binnen, m'n kleren in. Ik was bang dat ik de geur ook ging uitademen. Net als de man zelf, die me de lift had aangeboden.
Want 't kwam uit z'n mond, concludeerde ik na een 20-tal km. Een zoet, maar bovenal verschrikkelijke zurige lucht kwam er uit z'n mond tevoorschijn, als-ie praatte. & Dat deed-ie aan 1 stuk door.

Of ik wel 'ns naar de hoeren was geweest.
Nee, nog nooit.
Nou, hij kwam er net vandaan. De hele nacht weggeweest. & 't Was 't geld waard. De hele nacht!

Ja, thuis zaten z'n vrouw & dochter natuurlijk. Die dachten dat-ie weer een belangrijke opdracht aan 't binnenhalen was. Die wisten niet beter. Of misschien wist z'n vrouw 't wel.
Uiteindelijk beduvelde bijna iedere man toch z'n vrouw? Waarom is 't anders altijd zo druk op de wallen?
Ze wist vast wel dat bijna alle mannen hun vrouw beduvelden. Op een gegeven moment heb je nl geen sex meer met elkaar. & De vrouw, zijn vrouw in ieder geval, merkte evengoed dat de man er wél behoefte aan heeft.

Op een gegeven moment heeft-ie 't opgegeven, vertelde hij. Hij deed geen pogingen meer om sex met z'n vrouw te hebben. Hij ging voor 't 1st naar Amsterdam.
Fantastisch. 't Kostte wel een duit, maar dat was 't ook waard.
Heb jij 't nooit gedaan? Hij vroeg 't nog een keer.
Nee, nooit. Ik zou niet weten wat ik daar moest doen. & Ik meende 't.
Tegenwoordig ondernam-ie 1 keer per maand een uitje naar Amsterdam, want daar was toch uiteindelijk de beste kwaliteit te verkrijgen, de meeste variatie.

& Ze konden 't niet merken in de portemonnee, want hij hield gewoon elke keer wat zwart geld apart. Hij was nou 1maal aannemer. In de bouw, daar kan dat. In ieder geval zonder dat z'n vrouw 't merkte. Die kreeg gewoon elke maand haar geld voor 't huishouden. & Z'n dochter elke maand genoeg zakgeld. Nee, ze mochten niet klagen.

Prachtig, man. Ik zou 't toch ook 'ns moeten proberen, als ik genoeg had van m'n vriendin. Je hebt zo'n vrouw voor de hele nacht. Of in ieder geval lang genoeg om aan je trekken te komen.
Hij reserveerde de dame in ieder geval voor de hele nacht, tot 's morgens vroeg, want dan kon hij 's ochtends weer terugkeren naar z'n werk & 's avonds naar huis. Naar z'n vrouw & dochter.

Zouden ze dan niet merken, dacht ik, dat-ie een zurige lucht met zich meedraagt op 't moment dat-ie thuiskomt? Een zoet-zure lucht. Die niet lang te harden is. Waardoor je de neiging krijgt alleen nog maar door je mond adem te halen.
Ik mocht roken in z'n auto, maar dat loste niets op. Ook al rookte hij net zo hard mee. Ook al zetten we de raampjes open. De geur bleef aanwezig. Ik was bang dat ik de geur met me mee zou blijven dragen, onderweg naar huis.
Voorlopig voor mij geen hoer aan m'n lichaam, als dat zoveel geur met zich meebracht. Elke keer als de man z'n mond opende werd de geur sterker. Zou 't zo ook bij de hoeren ruiken? Voor mij geen hoer, of moest ik prostituée denken?

Hij zette me af. Ik ging verder liften. De geur zat nog in m'n neus.

Misschien nam ik 't wel mee naar Zijperspace.

zweet

De deuren heb ik dichtgedaan. Daarnet waren ze wel open, vanaf ong een uur of 5 vanochtend. Nu kan ik slechts de lucht inademen die reeds in huis aanwezig was. Ik wil zo lang mogelijk de koelte van vanochtend binnen houden. Als 't niet hoeft ga ik niet naar buiten, omdat ik anders meteen de hitte bezit voel nemen van al m'n poriën.
Hoelang kan je eigenlijk de koelte in een huis vasthouden, terwijl buiten de zon de rest van de aarde verhit?

't Liefst ga ik niet meer 't huis uit. Net als vroeger.
'Waarom ga je nou niet lekker buiten zitten met dit weer?' vroeg m'n moeder.
'Omdat 't veel te warm is.'
& Ik las verder in m'n boek.

't Zweet gutst over m'n lichaam bij deze temperatuur. Vooral m'n gezicht vertoont druppels vocht. Gister was m'n gezicht geen enkel moment droog. Af & toe viel er een druppel over m'n neus heen naar beneden. Ach, dat moeten de klanten onder deze barre omstandigheden maar op de koop toe nemen.

't Nadeel toendertijd was dat de leren bank ging plakken. Vooral als ik een korte broek aan had. Bij elke beweging van m'n benen moest ik ze 1st lostrekken van 't leer. Ik legde daarom een grote handdoek op de bank & ging daarop zitten. Net als de strandgangers bracht ik m'n hele dag op een handdoek door. Lezend in m'n boek. Deden zij vast ook.

Bij thuiskomst gister was m'n lichaam geheel bedekt met zweet. Ik trok zoveel mogelijk uit. Waarbij 't er nog een beetje fatsoenlijk uit moest blijven zien voor de 3 achterburen die nog net m'n huis in kunnen kijken.
Ik probeerde 't zweet weg te vegen van m'n armen, maar in plaats daarvan ontstonden er zwarte korreltjes. Alsof 't vuil op m'n huid zich erin ophoopte. Overal waar ik wreef ontstonden die zwarte korreltjes. & M'n vingers gingen naar zout smaken.
& 't Bleef warm. Ik deed de buitendeuren maar weer dicht. Nu moest ik maar 'ns een douche gaan nemen, dacht ik, om 't zweet, 't zout & de zwarte korreltjes af te wassen.

1 Keer ben ik bijna bloot op 't balkon gaan liggen, toen eindelijk de bui de hitte weg kwam wassen. Ik douchte mee.

Er barst zodirekt iets los in Zijperspace.

kimekaaskimebal

Ik had 'm vandaag al eerder de zaak binnen zien komen voor een flesje koud bier. Op dat moment was 't echter niet nodig dat ik 'm hielp; iemand anders rekende met 'm af. Ik had wel 't idee dat-ie ook 1 van de Albert Heijn-hangers was, die de dag volmaken achter 't Paleis. Net iets té amicaal, net iets té schommelend met z'n lichaam. Daarnaast zag-ie er wat te sjofel uit met z'n hoed, zakdoek om z'n nek & ongeschoren kin.

Ik was bezig met flessen in 't schap te zetten. Ik kon me er niet mee bemoeien. 't Enige wat ik kon doen was grijpgrage vingers bij de ijskast in de gaten houden.

Een ½ uur later sta ik alleen in de winkel. Hij komt weer binnen. Hij passeert me om richting ijskast te lopen. Ik sta dichter bij de ijskast ditmaal. Ik kan z'n verschijning daardoor beter observeren.
Hij draagt een slordig jasje; een verslonst groen colbertje, zwabberend om z'n lichaam. Bij binnenkomst ontdoet hij zich van z'n zonnebril. Die verplaatst-ie van z'n ogen naar z'n hoed. Die ziet er ook wat verlept uit; de deuken aan de zijkanten lijken eruit gedrukt; 't lint is eraf getrokken; de randen zijn verrafeld.
Z'n ogen staan gezwollen. Z'n blik is daardoor sloom, dronken besef ik later. Door de teint van z'n huid concludeer ik dat-ie óf hele dagen buitenstaat óf uit een vreemd buitenland komt.

Hij komt voor me staan om z'n aankoop af te rekenen. Maar 1st vouwt hij z'n handen samen. Hij maakt een lichte buiging voorwaarts met z'n bovenlichaam. & Mompelt iets onverstaanbaars. Een andere taal, vermoed ik, vooral vanwege de manier waarop-ie buigt.
Die buiging kan ook veroorzaakt worden door z'n dronkenschap, besef ik me na z'n eigen introduktie.
'Sorry, meneer. Ik ben dronken.'
'Ja, dat dacht ik al te zien.'
'Vind u 't erg?'
'Nee, zolang je gewone dingen blijft doen, niet.'
Hij vouwt weer z'n handen & maakt daarmee wederom een buiging mijn kant op.
'Mijn vader gaat dood.'
Z'n blik verandert in treurig, met een lichte aggressie er in.
'Hé, heb ik 't verkeerd ingeschat?' denk ik nav z'n blik.
'Ooooooohooh,' & nog enkele onverstaanbare woorden (andere taal? denk ik), 'dat wil ik niet. Ik wil dat niet.'

Ik denk aan m'n eigen vader. Ik wil ook niet dat mijn vader dood gaat. Deze dronken vreemde is daardoor niet zo vreemd meer. Niet meer zomaar een dakloze die voor de Albert Heijn rondhangt.
Hij is een vreemde die geen eigen land meer lijkt te hebben. Hij heeft blijkbaar wel een vader in dat oorspronkelijke eigen land, maar ook die lijkt te verdwijnen. Waardoor-ie z'n land verliest, z'n thuis.

Ik vul 't allemaal in. Ik weet niet of 't waar is, maar 't voelt alsof m'n gedachten 't bij 't rechte eind hebben.

'Sorry, ik ben dronken.'
'Dat geeft helemaal niet. Als je maar geen gekke dingen doet.'
Hij kijkt me loom treurig aan. Ondertussen reken ik z'n bier af.
'Alsjeblieft,' terwijl ik 't wisselgeld geef, '& sterkte.'
Hij doet een stap achteruit, vouwt z'n handen weer samen & knikt kort met z'n hoofd, terwijl-ie me strak aankijkt.
'Kimekaaskimebal,' is de overweging die hij mij daarbij meegeeft.

De echo weerklinkt nog in Zijperspace.

journaal

Frank kreeg tranen in z'n ogen. Ikzelf ook bij 't aanschouwen van mijn gewiekste wijze van 't publiek onderhouden (doorspoelen naar ong de 5e minuut). Ik wist niet dat ik zo camera-gevoelig kon ouwehoeren; precies op 't juiste moment de juiste emotie in m'n gezicht tevoorschijn toveren; op een hufterige manier de aandacht (inderdaad: aandacht) trekken.

Maar daarnaast hoor ik tegelijkertijd de stem van m'n broers terug. & Dan vooral die van m'n jongste broer Marc. Licht nasaal, ironische toets, zelfspottend zelfmedelijden.
Ik zal de lezer niet te veel lastig vallen met de zieleroerselen van m'n broer; 't gaat tenslotte over m'n eigen optreden bij 't 8-uur journaal. (sorry Ma).

We zijn wel tevreden over de gecreëerde uitstraling van Zijperspace.

god's gym

Geheel bezeten zit ik te lezen in m'n tuin. Verveeld opkijkend als ik gestoord word door de zon. Dat mag niet te lang duren, die zonnestralen op m'n boek. Wacht, ik draai 't boek een beetje, zodat de weerkaatsende stralen me niet verblinden.
Ook de boterhammen & de thee kunnen me niet uit m'n concentratie halen. Ik realiseer me amper dat ik ze tot me neem. Blijkbaar gaat 't op de automatische piloot. Zelfs 't toevoegen van suiker aan de inhoud van 't kopje dringt niet tot me door.

Ik zit in m'n boek. Met moeite sleur ik mezelf er uit, dwing mezelf achter de comp plaats te nemen. Alleen al om me weer bewust te worden van de tijd. Ik moet straks tenslotte ook nog naar m'n werk.
Maar ik zit nog steeds in m'n boek. Ik wil weer terug in m'n stoel gaan zitten om 't volgende hoofdstuk te lezen. Ik ben op dit moment Joop, de hoofdpersoon. Ik weet niet wat er met me gebeurt, maar ik wil 't weten; ik wil 't allemaal over me heen laten komen. Kom maar op met je avonturen.

Alle vogels doen hun best m'n aandacht af te leiden, hun meest irritante fluitjes zetten ze daarvoor in. De wind probeert me dmv z'n ruisen door de bladeren afgeleid te krijgen. De zon irriteert door tussen de takken zo af & toe een straal te werpen op mij & m'n boek. Alles wordt ingezet om mij uit m'n concentratie te halen, maar 't is allemaal tot mislukken gedoemd. M'n gedrevenheid 't boek te lezen trotseert de elementen.

Ondertussen gaat er door m'n hoofd: nog maar 100 blz; nog 90 blz; 80 blz.
Ik moet zo naar m'n werk. Ik moet zodirekt uit m'n obsessie treden. Ik moet weer weten dat de wereld draait. Ik ben onderhevig aan dezelfde zwaartekracht die andere mensen over straat doet lopen.
Maar 1st nog een hoofdstuk.

Nog 60 blz in Zijperspace.

luidruchtig

Mijn stem kan luid & duidelijk overkomen. Luidruchtig ook wel. Daar maak ik graag gebruik van. Maar dan moet ik wel 1st m'n collega's waarschuwen.
'Oren!' fluister ik ze toe. Da's 't code-woord geworden, de laatste tijd. Om aan te geven dat ik de laatste ronde ga aankondigen, of dat de bar vanaf dat moment gesloten is. Dan kunnen ze nog net ff hun oren afdekken. Als ik vergeet 'oren' te zeggen, heb ik ruzie.

& Vervolgens klinkt: 'DAMES & HEREN, 'T IS TIJD VOOR DE LAATSTE RONDE.'
Of als ik de aandacht van iedereen wil hebben: 'DAMES & HEREN, 'T IS TIJD voor de laatste ronde.'
Zodat men dat laatste stukje alleen kan horen als ik op 2 meter afstand sta.

Martha is niet altijd even enthousiast geweest over m'n volume. Ze heeft me wel 'ns apart genomen om te vertellen dat ze een rolberoerte ervan krijgt. Haar oren gaan ervan tuteren. Kon ik 't niet wat zachter doen? Af & toe rekening met haar houden?
Vooral als ik de bar naderde met vieze glazen & om de rij mensen uit elkaar te laten wijken, riep: 'PARDON, HIER IS TON!', om zodoende doorgang richting spoelbak te verkrijgen.
't Was al vaak voorgekomen dat Martha net op dat moment met iemand stond te praten, gezellig biertje in de hand, & ik van een meter afstand 't bijna rechtstreeks in haar oor tetterde. Dat deed haar schrikken, vertelde ze me. Daar verpestte ik haar humeur mee. & 't Bier spetterde van schrik haar glas uit.

Ik heb toegezegd dat ik 't beter in de gaten zou houden. Wel erbij verteld dat ik 't schreeuwen nou 1maal niet kon laten. Maar dat ik m'n best zou doen 't tot een minimum te beperken zogauw ik zag dat zij dicht in de buurt was.
Waardoor ik vaak fluisterend achteraan de rij heb gestaan: 'Pardon Martha, hier is Ton. (...) Pardon. Pardon. (...) Martha, hoehoe. Hier is Ton met een hele hoop glazen & ik zou er graag langs willen. Martha?'
Waarna ze grinnikend opzij schoof. 'Dankjewel, Ton.'

Vorige week bleef Martha een minuut lang weggedoken staan, met haar handen op haar oor, toen ik na sluitingstijd in de deuropening op de rand van 't terras was komen staan.
'Wat doe je, Martha?'
Geen reaktie. Nog maar een paar keer gevraagd.
'Je gaat zodirekt roepen dat de bar gesloten is. Dus ik bereid me voor.'
'Dat heb ik 10 minuten geleden al geroepen.'
Opgelucht ging ze weer overeind staan.

'Hé, Martje!' hoor ik vanmiddag een vriendin van Martha roepen.
'Wat zegt zij nou,' vraag ik Martha. 'Noemt ze jou Matje?'
'Nee, ze noemt me Martje.'
'Martje?' vraag ik bevreemd, 'vind je 't leuk als iedereen dat doet?'
'Nee, zij is de enige. Lief hè? Ik heb best leuke vriendinnen, zeg nou zelf.'

Ik kwam opnieuw met glazen aanzetten. Op 't laatste moment zag ik Martha in de rij staan.
'PARDON, Hier is Ton & die wil er graag langs, Martje.'
'Hihihihihi.'

Alsof Zijperspace op subtiliteiten is gebouwd.

verder

Ik ben 2 keer slapen verder; 30 blz 'God's gym'; 14 weblogs; 2,0 kb schrijfwerk; 3 boterhammen; 5 meeltjes; 4 cd's; 2 pogingen 't buiten te betreden; 1 lichamelijke grote schoonmaak; 3 bakken thee; 5 rondjes slenteren door de woonkamer; 3 gangen richting toilet; 1 blik in de tv-gids; 53 blikken de tuin in; 40 minuten zitwerk in m'n nieuwe stoel; 6 broodkruimels; 2 maal aankleden; 1 schone onderbroek; 2 schone sokken; 1 schoon t-shirt; ¼ centimeter tandpasta; 10 liter water.

& 1 Pilletje paracetamol. Anders had ik 't niet gered. Zeker niet dat aanstellerige dansen op Dj Shadow. Ach, niemand zag me.

Tijd voor 7½ uur werk.

Er bestaat een speciale opleiding voor tellen in Zijperspace.

speech

Cockie, die toevallig passeerde, zei dat ik 't gewoon in alle stilte moest doen als ik dat wilde. Wat nou speech, dacht ik. Ja, toe, doe een speech, moedigde Sylvia aan. Nee, hoor, ik denk er niet over.
Ik pakte m'n rugzak, haalde de 2 prijzen er uit & liet Vanzo kiezen. (Later heeft Sylvia 't prijsje van de tuinkabouter zitten pulken, toen ze de prijs van Vanzo 'ns nader wilde onderzoeken). Hij drinkt niet, dus de fles McChouffe gaat naar Suffie.



Ach ja, ik moest natuurlijk uitleggen waarom ik 2 prijzen wilde uitreiken & opeens keken er zó veel mensen mijn kant op, dat de stem van m'n vader in me waarde (of ben ik zelf ondertussen die welluidende schreeuwlelijk?) & mijn uitleg tot aan de uitgangen aan weerzijden van 't Vondelpark te horen was. Men pleegt dat wel 'ns een speech te noemen.

Ik heb verteld dat m'n moeder 't geheel heeft beoordeeld. Dat m'n moeder m'n trouwste lezer is & ik daar best trots op ben. Dat eigenlijk alle moeders trouwe lezers zouden moeten zijn van de div blogs (goh, wat ging ik daar te keer). Maar dat ze bij de beoordeling van de stukjes tot de conclusie kwam dat Vanzo & Suffie er 't meest uitstaken. & Ik heb verteld dat ik 't er eigenlijk wel mee eens was, maar zelf uiteindelijk niet de keuze tussen die 2 kon maken, dus besloten had om 2 prijzen uit te reiken. Vanzo had z'n prijs al geaccepteerd. De ander zou richting Suffie gaan. Applaus.

Zo, dat was de 1e keer in m'n leven dat ik mensen om applaus vroeg. 't Drong vervolgens niet tot me door of mensen daadwerkelijk applaudiseerden, maar een gedenkwaardig moment. Vooral ook omdat 't samenviel met 't einde van m'n speech in 't Vondelpark.

We zullen Suffie verwittigen vanuit Zijperspace.

vertrokken

Ik heb
DOEI
gezegd

Keihard & snoeiend
Overduidelijk,
onverstaanbaar.

Tegen aldiegenen
die hoorden.
Ik ging weg.

Nou, ik was
er niet meer,
stilaan vertrokken.

Een behoorlijke
hoeveelheid
niet aanwezig zijn.

Zoals 't hoort, terug in Zijperspace.

lijflog 3

't Is vooral niet m'n favoriete bezigheid. Zeker niet nu ik merk dat 't steeds duurder wordt, doordat de mesjes al na 1 keer bot zijn. Als ze ergens op verdienen dan is 't op de verplichting van de consument steeds weer nieuwe mesjes te moeten aanschaffen. Op de 3-dubbele mesjes verdienen ze waarschijnlijk meteen 't 3-dubbele.

Ik moest wel overstappen op die dure 3-dubbele mesjes. Op m'n verjaardag, 2 maanden geleden, had ik me 4 maal gesneden. De wondjes werden geïrriteerde plekjes. De geïrriteerde plekjes begonnen als rode jeukende pukkeltjes te zwerven over m'n wangen. Gek werd ik ervan, niet alleen vanwege de jeuk, maar ook door 't steeds weer veroorzaken van nieuwe wondjes.
Iemand zei me dat hij er ook altijd last van had gehad (ik dacht: ik heb er helemaal niet altijd last van gehad; ik heb er net een maand last van) & daarom overgestapt was op 3-dubbele mesjes. Sindsdien was 't verdwenen, zei hij.
Met wat xtra hulp van een homeopathische zalf in de vorm van Cardiflor, kreeg de adviseur gelijk. Een week later was 't weg.

Ik snij me evengoed nog wel. Dat lijkt inherent aan 't nat scheren. Iets wat je op adolescente leeftijd leert accepteren. Iets wat ik vorige week ook accepteerde.
Die jeuk, die een genezend wondje veroorzaakt, leer ik echter nooit accepteren, zo lijkt 't. Zogauw er een krabbaar korstje op ontstaat, gaat de nagel van m'n wijsvinger er onder proberen te poeren. Om 't uiteindelijk los te krijgen. & Een verse wond te veroorzaken. Met korte baardhaartjes ontstaat er dan nog meer irritatie, waardoor de huid dikker wordt; 't zal nog meer moeite kosten zonder bloedvergieten te scheren.

Dus daar sta ik dan voor de spiegel: m'n baardgroei stelselmatig verwijderend, maar de baardhaardjes rond 't wondje tot op 't laatste moment vermijdend. Tot er nog slechts 1 plukje witte dons van 't scheerschuim m'n kin siert. Ik voel de plek ook wel zonder schuim, de irritatie van de laatste krabsessies heeft 't tot 1 van de centrale plekken in m'n gezicht laten verworden.
Ik zal de haren ook daar moeten scheren; ik kan moeilijk de straat over met een glad gezicht op 1 polletje na, linksonderaan m'n wang. 't Zal echter een resoluut gebaar van m'n scheerarm vergen, want huid zal zeker meegenomen worden, gezien de bolle status van 't stukje vel.

Ik bedenk nog een keer hoeveel hekel ik eigenlijk aan 't scheren heb. Volgend leven toch maar een vrouw, besluit ik weer 'ns. & Dan liefst in een periode dat behaarde benen & oksels in de mode zijn. Onzinnig eigenlijk, waarom moet een mens zich toch van de natuurlijke groei ontdoen? & Besluit vervolgens de haal met 't gloednieuwe mesje te maken.

De haren zijn weg. 't Wondje ook. 't Ziet rood, maar 't bloedt niet. 't Mesje zal ik de volgende keer wel weer moeten vervangen.

't Is geen luxe een man te mogen zijn in Zijperspace

dak

& Plots, als je in de keuken een biertje uit de ijskast wilt halen & toevallig ff door 't keukenraam de donkerte van de nacht buiten aanschouwt, & je al de spetters aan de buitenkant waarneemt, besef je je dat je een vreemde in 't buiten bent. De natuur is aan de gang geweest, & heeft z'n sporen achtergelaten op 't raam. Je herinnert je flitsen, die de gordijnen deden oplichten, met een enkele donder of windvlaag die door de gordijnen & deur te horen was. Maar jij bleef binnen, gekluisterd aan 't huiselijk binnen, alsof de winter nog steeds heerst.

De deur moet open; je moet je beseffen dat je weet dat er een buiten is. Je moet daar in dat buiten zijn, in de stoel zitten die meestal slechts tot zitten uitnodigt als de zon schijnt. De lucht, de geur, de sfeer inademen die de planten met z'n allen creëren. Met een enkele boom als gezelschap in 't produceren van die vluchtige & blijvende natte geuren. Met veel hulp van 't gevallen vocht.

't Tentje. 't Beschutte tentje op de kleine camping. Met veel gras er omheen.
& De grote donkere nacht allesomhullend als je eropuit moet om je plasje te doen. Al die vreemde onoverzichtelijke faktoren die invloed hebben op je gemoedsstemming, als je daar tegen 't dichtstbijzijnde struikje staat te plassen, blote voeten in losse-veter-schoenen. & Toch die stille schaamte dat je daar in je onderbroek staat, ook al verbergt veel donker je verschijning.

Maar zoveel natuur waarvoor je eigenlijk bang bent. Wat is een egel? Wat doet een muis? Hoe groot is een eekhoorn?
De natuur is veel groter dan mogelijk geacht vanuit dat kleine huisje dat je je woning noemt. Je huidig huis, dat eigenlijk tent heet, is veelomvattender.
God, wat is 't dak hoog, zo plassend, nazittend nadenkend, of laatste regels lezend in klein zaklantaarnlicht. Dat dak van wegwijkende sterren. De geur veel rijker, veel gevarieerder dan mogelijk geacht in de dagelijkse sleur aan huis. De rilling van kou makkelijker te ondervangen door alles te gebruiken dat voorradig is in rugzak. 't Neerdalend vocht een levend onderdeel, een noodzakelijk onderdeel van je tocht door die grote, nimmer boze wereld.

We verlangen naar ander onderdak in Zijperspace.

verstreken

Mag ik eenieder er op attenderen dat de tijd verstreken is voor 't inzenden van schrijfsels ivm de 'uitdaging tot 't schrijven van grootse geschriften'.

Ik heb 14 inzendingen mogen ontvangen. Veel meer dan ik verwacht had. & Van veel hogere kwaliteit dan ik verwacht had (of mag ik dat niet zeggen?).
Ik zal ze de komende nacht allemaal nog een keer lezen. & Anders morgenochtend nog ff.

Ik ga mij beraden. & Dan niet alleen over welk stuk ik 't meest waardeer. Ik zal tevens een symbolische beloning moeten zien te bedenken. Mogelijk dat ik die morgen aan iemand kan overhandigen.
Nu maar hopen dat men geen speech verwacht.

Want dan wordt 't plots zo stil in Zijperspace.

uitdaging (9e update)

De 1e bijdrage voor de uitdaging voor 't schrijven van grootse geschriften, afkomstig van Cockie, was al snel binnen, de oneliners in m'n reaktie-ding wilde ik niet meerekenen als kandidaten voor de uiteindelijke huldiging.

Bij de 3e update moest ik m'n mening daarin herzien: ;-) heeft weer iets totaal anders met de opdracht gedaan dan degenen voor hem, of haar, & 't in 't reaktieding geplaatst. 't Wordt echter moeilijk de prijs aan deze persoon te overhandigen, omdat hij/zij totaal onbekend alhier is.
Desert Dog heeft maandagochtend dezelfde plaats gekozen voor zijn korte inzending.

Bij m'n opmerking over oneliners ging ik in de fout, want ik bleek niet goed opgelet te hebben. Racey had reeds haar bijdrage voor me klaargezet, maar ik had haar aankondiging totaal over 't hoofd gezien. Ik had 't niet juist geïnterpreteerd, moet ik eigenlijk zeggen.

Vervolgens stuurde Vanzo van Behind Stone Tears me een bericht. Hij liet weten dat hij z'n stuk reeds geplaatst had op zijn blog. Een ietwat langer dan de voorgaanden, maar een frequent lezer van Zijperspace moet daar inmiddels aan gewend zijn.

Wederom meel!
Van Edward Dankmeijer, die zelf geen blog beheert.
't Zet me te denken, want ik moet evengoed 't publiek laten weten wat er zoal ingezonden wordt. & Heb ik zoveel ruimte over voor mensen van buiten? 't Is al krap in Zijperspace, moet u weten.Edoch, 't is niet al te lang. Ik kan 't net zo goed plaatsen. Dan heeft de lezer de kans de vergelijking tussen de deelnemende inzendingen te maken. Geeft een wat beter beeld. Doet mij minder eenzaam zijn, als jury in m'n 1tje.
Dus bij deze van Edward Dankmeijer:

Klein is

Klein is het kleutertje, aan groot-moeders hand
Klein is een leutertje, door de koude overmand
Klein is een hart, door liefde verbrand
Klein is de start, van een toekomstig gigant


Inmiddels is zondagmiddag 't bericht binnengekomen dat ook Website4all z'n eigen interpretatie van de uitdaging geplaatst heeft.

Bij 't maandagse ochtendgloren wist T-jo me te melden dat hij ook een bijdrage heeft geleverd, wat we moesten zien als een soort van uitdaging. Hierna gaat-ie weer gewoon door met z'n gebruikelijke manier van posten.

Nattisays heeft ook iets ingezonden. Of eigenlijk heeft ze 2 keer ingezonden, zou je kunnen zeggen, want haar introduktie tot haar stukje is zeker ook de moeite waard. 't Beroep op de zintuigen is misschien minder groot, maar daar trekken we ons niks van aan.

Elisa probeerde me per ongeluk op de verkeerde manier te berichten dat ze haar stuk gereed had. Op zich niet zo erg, vond ik, er mag best wat xtra aandacht aan gegeven worden. Ik heb haar dat via de meellijst van dutch-weblogs proberen duidelijk te maken.

Met nog 2½ dag te gaan voordat de mogelijkheid tot inzending sluit, is 't Uniquehorn gelukt haar stuk af te krijgen.

22 Uur voor 't verstrijken van de deadline krijg ik een bericht van Sylvia. Ze heeft plots toch inspiratie gekregen voor 't schrijven van stukje. Ze heeft 't meteen maar geplaatst.

& Gien blijkt ook een bijdrage te hebben geleverd. Weer 'ns totaal over 't hoofd gezien. Vlak voordat ik naar m'n vrijdagse werk ga, kan ik 't nog net hiervan op de hoogte van geraken, & 't toevoegen aan m'n 7e update.

Bij thuiskomst blijkt Suffie als laatste(?) aan m'n uitdaging te willen deelnemen.

Nee, nog net iets meer dan een uur te gaan, krijg ik plots nog een berichtje van Astrid binnen, dat ik ff op haar blog moet kijken.
Oeps, moet ik die ook laten meedingen? Ik voel me in ieder geval gevleid.

Er is genoeg leesvoer; 't gaat een lange beslissende nacht worden in Zijperspace.

liftlog 3

Een cabriolet stopte. Een man met zonnebril zat achter 't stuur. Hij vroeg waar de reis heenging & stapte ondertussen uit. Hij opende de achterklep. Daar kon ik m'n rugzak in achterlaten.
Snel haalde ik wat noodzakelijke spullen er uit. Ik moest wel wat te eten & drinken hebben onderweg. Terwijl ik m'n rugzak in de bak legde, zag ik dat er ook aan de achterkant 'EKON' op 't nr-bord stond. Niet meer. Net als dat ik in een flits aan de voorkant had gezien toen hij aan kwam rijden.

Hij had economie gestudeerd, maar had jarenlang niets uitgevoerd, vertelde hij vanachter z'n zonnebril. Hij leefde op de zak van z'n vader, maar die had 2 jaar geleden daar een punt achter gezet. Nu moest-ie dus zelf z'n brood verdienen.
Terwijl hij praatte, week z'n blik vaak van de weg af richting mij. Zonder dat 't gevaarlijk werd. Hij reed voor een bezitter van zo'n sportieve auto wel héél rustig. Nog geen 70. We werden door de meest langzame vehikels ingehaald.
Onderwijl reed-ie met 1 hand aan 't stuur, de ander leunend op z'n stoel. Met dit prachtige weer wapperden ons beider haren heerlijk verkoelend in de wind, zonder dat 't in 't gezicht sloeg.
Vond-ie lekker. Als-ie dan toch voor z'n werk moest reizen, dan moest-ie er ook maar van genieten. & Door langzaam rijden kon-ie van 't landschap genieten. Heerlijk vond-ie 't, autorijden, maar hij moest wel meteen 't landschap aanschouwen, want dat was toch prachtig hier in Zweden.

't Paste niet bij z'n uiterlijk, dacht ik. Hij was gekleed als een dandy; weliswaar strak in pak, maar dan in 't wit & op een sjofele manier z'n lichaam omvattend. In de jaren dat-ie op kosten van z'n vader geleefd had, was-ie vast populair bij de vrouwen geweest. Z'n lichaamshouding was ook al heerlijk nonchalant; waarschijnlijk lag z'n levenshouding op 'tzelfde nivo.

Je moet 't leven nemen zoals 't komt, was z'n boodschap. Nu was-ie verplicht bedrijven adviezen te geven, omdat z'n vader z'n escapades niet meer wilde betalen. Dat betekende dat-ie naar verafgelegen stadjes moest reizen, & saaie direkteuren moest toespreken. Maar 't betekende ook dat hij onafhankelijk was & in de gelegenheid was alleen maar opdrachten aannam die hem zinden, of wanneer hij zin had. Z'n vader kon ook niet meer zeuren.

Ach, dat nr-bord, dat was z'n visitekaartje. Vond-ie leuk. Dan wisten mensen meteen wat-ie deed. In Zweden is zo'n bord toegestaan, & 't is trouwens best goedkoop om zo'n speciaal bord aan te vragen. Jammer was alleen dat 'ekonom' al vergeven was. Maar zo was 't ook duidelijk, toch?

Hier moest-ie naar links. Daar onderaan in de verte lag 't bedrijf waar-ie heen moest. 't Zou beter zijn dat ik hier uitstapte. Hier kreeg ik vast snel een lift.

Ik kon 'm nog net in de verte zien rijden toen ik achterin bij een echtpaar in de auto zat. Ik werd getrakteerd op zojuist geplukt wilde aarbeien.

De ekonomie in Zijperspace heeft ook zekere verbetering nodig.

logsticker

Bij voorbaat m'n xcuses dat dit schrijven niet de lengte heeft die men ondertussen gewend is alhier aan te treffen. 't Is slechts dat ik u moet meedelen dat ik morgen te herkennen zal zijn dankzij de logsticker. 't Blijft alleen nog ff een verrassing wat er op gaat staan.

In 't vervolg zal Zijperspace weer op normale volume zijn.

black

De amerikaanse jongen gaat voor de ene koelkast staan. De koelkast die altijd gevuld staat met div soorten bier in blik.
'Do you have a dark beer in can?'
Ik sta naast de koelkast & weet er niet zo snel 1 voor de geest te halen: 'No, I think not.'
'Well, you do,' corrigeert de jongen me, starend door 't raam van de koelkast. 'You got Guinness,' terwijl-ie 't aanwijst.
Oja, da's waar ook, die staat bovenaan.
'Oh, yeah, you're right about that.'

Hij heeft zich onderwijl alweer omgekeerd naar de flessenkoelkast.
'Can you recommend me a dark beer in bottle?'
'Well, we don't have that much dark beers standing in the fridge.'
Nu mag ik echter niet nog een keer zo'n fout maken; snel alle flessen 1 voor 1 nader bestuderen.
'We do have a schwarzbier though. Köstritzer Schwarzbier is a german lager, but very dark. Black, you could say.'
'Where is it?'
'Overthere. The bottle with the black label,' terwijl ik de fles aanwijs.
De jongen lijkt willekeurig een fles uit de koelkast te pakken.
'No, below that. The 2nd from the left.'
Ik zie 'm ondertussen reiken naar de verkeerde flessen.
'It has a black label,' vertel ik 'm nog maar 'ns, zodat-ie zich niet kan vergissen bij 't graaien.
Hij begint een flesje Vieux Temps te bekijken. Die duidelijk een groen etiket heeft.
'No, that label is green. You should look for the black label. A bit more to the left.'
Er staat tenslotte slechts 1 fles met een zwart etiket.

Hij pakt Schneider Weisse, & slaat daarbij de enige zwart-geëtiketteerde fles over. Terwijl Schneider overduidelijk in een fles zit die wit geïllustreerd is. Hij is al onderweg naar de kassa.
'I thought you wanted to drinkt a dark beer. That's not dark at all,' roep ik 'm terug.
Ik besluit zelf maar te reiken naar 't schwarzbier.
'This bottle has a black label,' zeg ik hem, 'I should say: here in Holland this is black. And at school we learn that black in the english language should be this colour.'

Wat is zwart nog, tegenwoordig in Zijperspace.

vroeg

Een uur eerder wakker worden valt niet meer goed te maken. Hoe ik me ook wend of keer, ik blijf wakker. & 't Gedonder van schijnbaar metalen platen, enkele deuren verder, lijkt in intensiteit alleen maar toe te nemen.

Op m'n linkerzij, tegen de ongebruikte kussen aangeleund. Proberen te ontspannen; ik heb m'n nachtrust nodig. Steeds weer dezelfde beelden schieten me te binnen. Dat zou toch moeten betekenen dat ik nog ½-slapend ben.

Op m'n rug, lichtelijk met m'n billen 't kuiltje in, maar die is ontstaan juist door die billen. Op m'n lichaam gebouwd, zogezegd. Nog 3 kwartier te gaan, maar waar blijft de slaap? Straks is 't te laat.

Op m'n rechterzij, richting muur, die afschuwelijk saaie muur. Snel, ogen weer dicht. Waar was m'n droom gebleven? Hoever was ik?
Maar ook m'n rechterzij lijkt niet te werken.

Toch maar een kwartier voor tijd opstaan. Anders zou ik misschien toch nog in slaap zijn gevallen & daardoor wordt de kans juist xtra groot dat ik me ga verslapen.

Ondanks dat xtra kwartiertje loopt alles mis. Ik lijk juist tijd te kort te hebben. Opeens moet alles gehaast, anders komt 't niet af.

& 't Komt vandaag ook niet af in Zijperspace.

Update: Ik had 't reeds in de gaten, toen ik vannochtend 't pand verliet: met zo'n begin zou dit vast fout aflopen.
De tekst die ik vanochtend niet af kon krijgen, had ik niet weggedrukt. Zodat ik er aan herinnerd zou worden zogauw ik thuis kwam.
Maar bij thuiskomst vond ik 't belangrijk m'n comp opnieuw op te starten. Blindelings drukte ik daartoe alle openstaande schermen weg. Met daarmee m'n tekst. Meer dan een ½ uur werk.
Uit frustratie ga ik een boek lezen. Ik wil een paar uur er niet aan herinnerd worden. Dat betekent dat ik m'n beeldscherm ff niet wil zien.

verjaren

M'n vader wordt 70 jaar aan 't eind van augustus. We vieren 't een paar dagen later. Op een zondag, zodat 't niet zoveel moeite kost iedereen bij elkaar te krijgen.
We vieren tegelijkertijd 't 45-jarig huwelijk van m'n ouders. De meeste mensen zijn nl op vakantie op de officiële datum. Dat was bij m'n ouders zelf in 't verleden ook altijd 't geval. Ze vierden 't daarom altijd in 't buitenland. 't Is beter beide festiviteiten op 1 datum te kombineren.

M'n vader weet van niks, iedereen houdt z'n mond erover tegenover hem. Da's ook beter voor hem. Anders gaat-ie zich er alleen maar druk over maken. & Op 't moment zelf heeft-ie er dan geen zin meer in.
't Is wel belangrijk dat we 't nog 1 keer groot vieren met de hele familie, vindt m'n moeder, want 't zal wel de laatste keer zijn dat Pa 't nog op zo'n manier kan meemaken.

Vanmiddag, in de Kleine Zaal van 't Concertgebouw, zat een begeleidster van een oude man in rolstoel voor me. Net als ik aan de zijkant van de rij, waardoor ze kontakt kon houden met de man. Ze fluisterde voor aanvang van 't optreden een paar keer met 'm. Ver voorovergebogen, want de man leek een beetje hardhorend. & Dermate hard dat ik mee kon luisteren. Maar wat de man zei kon ik niet verstaan.
't Zou toch leuk zijn om dat vaker te doen, vertelde ze de man. Dat moesten ze nog een keer herhalen volgend seizoen, met z'n allen. O nee, dat zou hij waarschijnlijk niet meer meemaken, zei ze.

Ik zat daar, achter haar. Mezelf afvragend wat ze met die zin bedoelde.
Ik hoorde opnieuw m'n moeders woorden.

& Als we er een ongelooflijk feest van maken. Als ik 'm vertel wat ik er allemaal van vond. Als we 't mooiste dat beschikbaar is 'm voorschotelen. Als hij de heerlijkste maaltijd eet ooit. Als ik 'm voorlees wat ik tot nog toe over 'm geschreven heb.
Zou hij zich dan realiseren dat 't de laatste keer misschien wel is?

Dat 't een mooie tijd was, die tijd in Zijperspace.

relax-stoel

't Is een relax-stoel. Zo noemen ze 't in ieder geval bij de Hema. & Toen ik 'm zag staan met z'n 2 metgezellen stretcher & ligstoel vond ik 'm er ook behoorlijk relaxed uit zien.
Pas op, ik bedoel niet 't relaxed van 'cool', 'ok' of 'vet' (& natuurlijk wat andere woorden van nakomende generaties), maar meer relaxed van ontspannen er in kunnen zitten. Hangend, een beetje. Zich vormend aan mijn billen. Desnoods geschikt om in slaap te vallen. Een minimum aan jeuk veroorzakend. Dat soort relaxed.

Stretcher & ligstoel waren ieder € 65,-, maar buiten 't aspekt van de prijs vond ik ze niet geschikt voor mijn doel. De relax-stoel was daar wel voor geschapen; & slechts € 40,-.
't Probleem was alleen dat ze voor de Hema stonden uitgestald. Daarnaast hadden ze 't uiterlijk van oerdegelijk. & Dan bedoel ik niet degelijk van stevig, maar degelijk van burgerlijk. Daar krijg ik 't nl nog steeds van op m'n heupen.

Hoe de Hema uit te lopen zonder dat iemand merkt dat ik de relax-stoel afreken & onder m'n arm meeneem naar buiten? Terwijl ik er toch echt niet uitzie als de stereotiepe huisvrouw die ff tussendoor een stoel voor de tuin in de zon koopt. Dat zou vast niet onopvallend kunnen geschieden.

Ik glip ook wel 'ns de Blokker of Kruidvat binnen. De laatste heb ik vandaag nog bezocht. De schaamte overspoelt me reeds bij 't betreden van de drempel van zo'n winkel. Als ik maar niet herkend word. Als men bij herkenning achteraf in ieder geval opmerkt dat ik een klassieke cd heb aangeschaft. Daarom neem ik ook nooit een tasje aan in 't Kruidvat. Zodat men kan zien waarom.
Bij Blokker is 't moeilijker. Daar loop ik naar buiten met een lange steel, waarop allemaal plakkers zitten waarop Blokker in grote letters staat aangegeven. Die mop dient zo snel mogelijk & via achterafstraatjes naar huis gebracht te worden. & Onderweg probeer ik alle plakkertjes met Blokker er af te pulken.

Ik ben teruggereden naar de Hema. Uren later, aan 't eind van de middag. Heb mezelf voorgelegd: of je koopt een Hema-worst, of je koopt die stoel. Zodat er geen uitweg mogelijk was, slechts een keuze diende er te worden gemaakt.
Maar de ½e warme worsten leken al tijden geheel uitverkocht, te zien aan de lege schone bak, die ze normaliter herbergt & op de juiste warmte houdt.
Ik ging dus in de rij staan met een relax-stoel. & Vervolgens proberen die op m'n fiets te bevestigen.
Onmogelijk.
Ook onmogelijk om er onopvallend mee over de weg te rijden. Vooral als je daarbij de achterkant van een auto raakt ('Sorry') & een fietser zich kapot schrikt bij passeren, zodat-ie er bijna af valt ('Shit, godverdomme, gek').

Maar we zijn geen bekenden tegengekomen onderweg, terug naar Zijperspace.

omslaan

Terwijl ik zit te kijken, vraag ik me af: waar halen ze die meisjes elke keer vandaan? 't Moeten toch altijd meisjes zijn die redelijk goed noten kunnen lezen, misschien 't stuk dat gespeeld wordt zelfs kennen.

Hangen ze in 't Concertgebouw een oproep op:

Wij zoeken meisjes voor 't omslaan van de bladzijdes

Of zouden ze dat bij 't conservatorium hebben hangen?

Zouden ze selecteren? & Kijken wat voor kleren ze in hun kast hebben hangen?
Hoewel: die van vandaag had gewoon een broek aan, een witte nog wel, met daaronder moderne gymschoenen. Van die gympjes die ik nog nooit aan heb gehad.
Maar dat kwam misschien doordat 't vandaag behoorlijk gratis was. Dan bezuinigen ze op de meisjes.
Zouden ze selecteren op de beweeglijkheid van 't jonge ding? Of op 't smoeltje? Dat dat niet te veel opvalt, maar ook niet lelijk afsteekt bij de gordijnen, of de vleugel, of de kleding van de muzikanten.

Zouden ze iets van leren van dat noten tonen; is 't een investering waar je later wat aan hebt? Net als Richard Krajicek vroeger ballenjongen was bij tennistoernooien & wij die foto's krijgen voorgeschoteld als hij weer goed z'n best heeft gedaan.
Of krijgen ze er gewoon voor betaald?
Zouden ze na afloop mee mogen lunchen met de artiesten zelf, waarbij de direkteur van 't Concertgebouw nog wat leuks tegen 't meisje zegt & alle leden van 't orkest een handtekening in haar schrift plaatsen?
Misschien is 't wel de dochter van 1 van de leden van 't orkest.
'Ach, de leraar van m'n dochter is onverwachts ziek geworden; zij kan dus wel ff blaadjes omslaan bij de vleugel. Doet ze bij mij ook altijd.'
Of reizen de meisjes de hele tijd met hun eigen groep mee? Zodat ze de hele wereld zien, of misschien maar slechts 't hele land.

Waarom zijn 't eigenlijk altijd meisjes?

Op de achtergrond klonk wat gepiel met viool & vleugel in Zijperspace.

middernacht

Verontwaardigd word ik wakker.
'Hè, verdomme. Moet dat nou?' terwijl er niets te moet-dat-nou-en valt.
Maar ja, dat wil m'n hoofd nou 1maal. Die pikt 't niet dat 't voortijdig op non-aktief is gezet. Weliswaar tijdelijk, maar potjandorie, dat pikt-ie niet.
Ja, redelijk beschaafde taal bezigt m'n hoofd evengoed. Dat heb ik 'm zo geleerd. Liever heb ik nog 'potjandosie', dat maakt 't nl meteen weer een beetje belachelijk, maar m'n hoofd heeft nooit zo'n zin om zichzelf meteen belachelijk te maken. Eerder nog ff wat xtra kracht bijgezet.

Dus verontwaardigd word ik wakker. & Nog zeker een kwartier ben ik tegelijkertijd verbaasd over die verontwaardiging. Een verbazing die al snel kan omslaan in verongelijktheid, zeker als de verbazing de verontwaardiging niet kan overstemmen. Dan wordt de stemming als vanzelf verongelijkt. Onomkeerbaar proces is dat.

Ondertussen ontstaat er een bepaalde mate van moedeloos.
'Waarom?' lijkt m'n hoofd zich af te vragen, 'waarom is dan niets normaal, zoals 't zou moeten zijn & waarom bestaat er in dit hoofd geen vanzelfsprekendheid? Bijv over de uren die geslapen moeten worden & hoe laat 't ontwaken daar bij.'

& Sloeg die moedeloosheid maar om in een middernachtelijke diepe rust, 't aanvaarden van 't middernachtelijk lot, dat elk ander normaal mens op dat moment doet verkeren in een afwezigheid in hun schijnbaar reële wereld. In deze schijnbaar irreële wereld, of in ieder geval onredelijk in mijn hoofd's optiek, is de diepgang reeds gepasseerd, 't momentum van trillende oogleden & voltooien van de 1e rem. Wreed werd 't immer aanwezige bewustzijn geaktiveerd om de laatste zinnen van de dag ten uitvoer te brengen.
'Maar wat is 'dag' als anderen reeds op 'nacht' worden gefêteerd,' interrumpeert m'n hoofd z'n eigen monoloog.

Dus verontwaardigd word ik wakker, & ik schep de aarde & z'n zijn opnieuw.

Hopelijk in overeenstemming met de wensen in Zijperspace.

talking heads

'Remain in light' heeft 1 van de lelijkste hoezen van de betere platen in de popgeschiedenis. Dat die lelijke afbeelding nou tussen mijn cd-collectie prijkt, vind ik tot daar aan toe, maar ik ga er niet mijn blog mee ontsieren.

Aan 't eind van onze gebruikelijke zaterdagmiddag rondstruinen door de stad gingen Lange Ton & ik op zijn kamer luisteren naar muziek. Z'n vader kwam dan op een gegeven moment thee brengen, die z'n moeder gezet had, waarbij altijd de vraag gesteld werd of we er een koekje bij wilden. Lange Ton wel, ik nooit. Ton zat in z'n stoel, die zo bij m'n Oma vandaan gehaald had kunnen zijn, & ik in z'n burostoel, aan de andere kant van de pick-up.

Lange Ton draaide de platen die hij die middag had aangeschaft, maar meestal had-ie te weinig geduld om de nrs tot 't eind te beluisteren. Want ik moest toch zeker ook dít nog horen. Waarna hij een andere plaat uit z'n kast tevoorschijn haalde & weer doorging met nrs-hoppen. Slechts tijdens 't drinken van de thee & 't eten van 't koekje bestond er een kans dat een nr tot z'n eind onder de naald bleef liggen.

Ondertussen namen we elkaar in de maling, probeerden we beiden scherpe opmerkingen naar elkaar te maken, om uiteindelijk te constateren dat Lange Ton toch altijd 't laatste woord had. Tenzij ik per ongeluk net ff grappiger was als hij. Dan hield-ie plots z'n mond & kreeg ik in plaats van een tegenopmerking een trap tegen m'n schenen met z'n oerdegelijke, maar o zo keiharde schoenen. Want als ik grappig was, dan ging 't meestal ten koste van hem. Dat was andersom ook wel zo, maar hij had nou 1maal langere benen & zat in z'n stoel in een betere houding om uit te kunnen halen. 't Hoorde een beetje bij de rolverdeling die we onszelf hadden opgelegd.

Er waren bepaalde bands heilig in de platenkeuze van Lange Ton. Daar mocht je niet doorheen praten, daar liet-ie de naald voor op de plaat liggen. Hij kocht daar alles van wat-ie kon krijgen & liet alle nrs volledig uitspelen op onze zaterdagmiddagen samen.
The Talking Heads was 't allerheiligste. Daar werd Lange Ton stil van & na afloop zelfs een beetje prekerig.

Hij vertelde bijv waar 'Seen and not seen' over ging. Hij wist dat ik toch niet naar teksten luisterde.
Dat een man had ontdekt dat als je jezelf een ideaalbeeld voor de geest haalt, een beeld van hoe je wilt dat je gezicht er uit gaat zien, & daar op gefixeerd blijft, dat je dan vanzelf in dat ideaalbeeld verandert. Daar ging dan misschien wel een jaar of 10 overheen, maar geleidelijk aan zou 't gezicht veranderen. De man had ook bemerkt dat andere mensen hun ideaal-beeld per ongeluk hadden veranderd. Waardoor 't tot een mislukking uitliep. & De man bedacht dat hij misschien dezelfde vergissing had gemaakt.

Lange Ton vertelde dat-ie 't 1 van de mooiste teksten van the Talking Heads vond. Hij vond 't een fascinerend gegeven: mensen zouden in staat zijn zichzelf te veranderen, maar door hun ongeduld juist weer niet.
Ik was 't met 'm eens, zoals ik 't bijna altijd met Lange Ton eens was. Maar ik moest 'm toch nog iets vragen.
'Hé, maar Ton,' zei ik peinzend in m'n stoel, nog onder de indruk van 't verhaal van de tekst, nog onder de indruk van de gehele muziek die zomaar tot 't eind was afgespeeld, 'heb jij ook een vergissing gemaakt?'

Die middag was niet alleen de hemel blauw in Zijperspace.

lijflog 2

Zoals gisteravond, want eigenlijk is gisteravond wel een goed voorbeeld. Ik had totaal geen tijd om er iets aan te doen. Ja, ik stond wel ff stil, maar dat was tussen al 't gehaast door. & Dan nog: al had ik iets er aan proberen te doen, niet veel later zou ik die poging dan alweer teniet gedaan hebben.

's Ochtends kwam ik pas via Cockie te weten dat ze 's avonds zouden optreden. Misschien was 't inmiddels al middag. Ik had in ieder geval geen tijd, zo vlak voor m'n werk, om er rekening mee te houden. Bijv schoon t-shirt meenemen, tandenborstel mee; van die dingen die mogelijk lichaamsgeur kunnen verhullen, soms zelfs kunnen wegnemen.

Op m'n werk, tijdens m'n werk moet ik zeggen, verzon ik dus een plan de campagne. Hoe snel kassa tellen, snel fietsen, stukje schrijven (?), eten scoren, etc, alles diende in 't plan opgenomen te worden. (Niet ongerust worden; dit is heel normaal. Zo plan ik m'n hele leven. Dag in, dag uit weet ik wat er allemaal te gebeuren staat, maar nooit zo kort van te voren. Men zou kunnen zeggen dat dit een spontane aktie is in 't leven van.)

De planning hield in dat ik geen biertje kon drinken na afloop van m'n werk, dat ik slechts naar huis ging om m'n spullen te dumpen, dat ik mogelijk een snel stukje kon schrijven, maar voor verschoning was geen tijd.
Die tijd bleek wel mee te vallen: op m'n gemak dronk ik bij thuiskomst een biertje tijdens 't schrijven. & Ik kon zelfs 2 handen vol olijven in m'n mond stoppen. Maar verschoning zat er evengoed niet in. Waarschijnlijk omdat ik 't niet in m'n planning had opgenomen.

Dit geheel betekende dat ik me in Paradiso niet alleen zorgen moest maken om de patat die ik onderweg tot me had genomen, maar daarnaast een walm van knoflookolijven om me heen dacht. 't Veroorzaakte dat ik 't idee kreeg dat alle kruiden die ze voor de bereiding ervan hadden gebruikt, zich door m'n poriën naar buiten werkten rechtstreeks de neus van m'n buurman/vrouw in. Om niet te spreken van de zwerm dooie mussen die veroorzaakt waren door de meligheid van de patat.
Of anders toch zeker 't werkzweet, dat zich genesteld had onder m'n oksels (o, wat was 't simpel geweest om ff wat deo te gebruiken). In grote hoeveelheden, & zodanig dat ik 't natuurlijk weer niet zou kunnen ruiken, maar m'n medemens wel. Zelfs 2 handen water boven de wasbak van 't toilet in Paradiso hielpen daar niet tegen.

Ik sprak de mensen niet rechtstreeks aan; aldoor lángs 't gezicht. Zodat de lucht die m'n mond verspreidde zoveel mogelijk de neus passeerde. Slechts bij weerkaatsing door omgeving zou de persoon de stank tot zich nemen. & Niet meteen met een beschuldigend vingertje mijn kant op kunnen wijzen.
Ik hield m'n handen onder m'n oksels. M'n t-shirt werd aldus afgeknepen, geen luchtje kon er doorheen. Alleen door de stof zelf.
Totdat ik moe werd van die houding & ik zag dat ondertussen iedereen onder 't zweet zat, dat ik voelde dat elke arm die ik per ongeluk raakte ook vochtig was als m'n oksels.

Vanaf dat moment heb ik ook de vrijheid durven nemen zo af & toe een scheet te laten.

't Ruikt in Zijperspace.

frankfurters

Zou je nou dood gaan van Frankfurters als ze gekookt hebben, & dat nog wel na afloop van 't optreden van the Moldy Peaches?
Dat laatste is overigens niet belangrijk voor de beantwoording van de vraag.

Zou je dood gaan daaraan, terwijl er duidelijk op 't blik staat dat je de Frankfurters niet mag koken? Of zou dat pas gebeuren als je een heel blik ervan leeg eet? Na afloop van 't optreden van the Moldy Peaches.
Maar dat laatste is wederom niet relevant.

Vroeger werd er nog wel aangegeven hoe duur die blikjes kosten. Dan zat er een prijsplakkertje op 't blik (of noemden we dat een stickertje?). Zodat je, zonder 't merk te noemen, met elkaar kon communiceren over de kwaliteit van je keus.
'Oja, die,' zei je dan, 'die van 1,39 heb ik ook altijd in huis. Daar ga je dood aan als je die kookt.'
Soms zei die ander dat. Eigenlijk gebeurde dat wel vaker. Vaker dan dat jij dat durfde.
'Wat weet ik nou van Frankfurters?' dacht je dan, '& van doodgaan heb ik al helemaal geen kaas gegeten. Ik weet nogeneens of je van kaas wel dood kan gaan. Wie zijn überhaupt the Moldy Peaches?'

& Als je er nou een heleboel eet, maar nog net niet 't blik leeg, zeg dat je er 3 laat liggen; hoeveel dood is dan je lichaam ingetreden? Of is dat niet op te tellen? Moet je gewoon aanvaarden dat 't lekker was, hoewel gekookt?
& Die mosterd, die ze ook niet konden serveren bij 't optreden van the Moldy Peaches, ze hadden nou 1maal niet zoveel te eten, laat staan goede mosterd; die mosterd dus, als je daar een schoteltje vol van wegeet, wat gebeurt er dan?
Misschien zijn er wel xperts op 't gebied van mosterd. & Dan met name xperts op 't gebied van Moutarde de Dijon. Die worden dijon-mosterd-xperts genoemd. Waar vind je ze nog?
Of misschien bestaan die wel helemaal niet. Of zijn ze net allemaal onderweg naar 't optreden van the Moldy Peaches.

Nou, dan hebben ze dat gemist.

& Mosterd op een bruin schoteltje. Dat zo misstaat, dat je denkt: 'Zulk behang wil ik niet op mijn wc.'
Die kombinatie is ongehoord, maar toch ga je door met je Frankfurtertjes er in te roeren. Terwijl je weet dat iedereen 't niet passend zou vinden.
''t Is ongepast,' denk je dan ook, 'Misschien ga ik binnenkort wel dood. Maar dan vooral omdat ze gekookt zijn, hoop ik.'

Dan heb ik in ieder geval the Moldy Peaches gezien in Zijperspace.

'tzelfde

Wat kijkt die man me aan? Hij laat me in de enkele sekondes dat ik 'm passeer niet los met z'n blik. Over z'n brilleglazen langs kijkt hij hoe ik me voortbeweeg. Nee, daar kijkt hij niet naar; hij kijkt naar m'n gehele verschijning, zo lijkt 't. & Niet in smekende verlangen, alsof-ie m'n verschijning adoreert, eerder in verbazing. Een blik van 'wat rijdt daar nou voorbij'.
Zo bijzonder ben ik nou ook weer niet. Ik vind weliswaar dat ik een mooi wapperende regenjas aanheb, die goed past bij m'n broek & pet.......

Terwijl ik dat denk, heb ik 't. Ik weet waarom hij naar mij kijkt. Om dezelfde reden waarom ik naar hem kijk. Alleen ben ik me er tijdens 't kijken totaal niet van bewust.

Laatst wel. Toen zag ik vanuit de verte een meisje op een Kronan-fiets naderbij komen. Daar had ik zelfs m'n bril niet voor nodig. Ik herkende de Kronan in 1 oogopslag aan de houding van 't meisje & aan de vorm van 't stuur.
Dat was echter niet de reden waarom ik naar haar keek. Ik zag in haar een gelijkgestemde ziel. Van veraf. Meer dan 100 meter. Ik kon nog maar net de kleur van haar jasje ontwaren & toch wist ik 't.

Datzelfde gevoel had die man waarschijnlijk op 't moment dat-ie mij aan zag komen. Want ook hij was gekleed in een groene jas. Precies de juiste teint. & Ik zag in 1 oogopslag dat dat niet toevallig was. Al had-ie er geen groene broek onder aan gehad, ik heb 't idee dat ik 'm evengoed als zodanig herkend had.
Net als dat meisje, op de groene Kronan, met haar groene jasje.

Zijperspace is precies in de juiste teint.

liftlog 2

Ik was 1e die de veerboot van Åland verliet. Ik wilde zodoende de kans vergroten door een medepassagier, maar dan met auto, meegenomen te worden. Vooral ook om zo snel mogelijk verder weg te zijn; m'n reis huiswaarts gezwind in te zetten, weg van de heimwee, weg van alleen op vakantie.

't Was weer 'ns niet echt rozegeur & maneschijn, zoals ik me de vakantie altijd van te voren had voorgesteld. Hoewel ik geen noemenswaardige tegenslagen had gehad. Ikzelf was degene die dwars zat. Ik wilde op gegeven moment naar huis, terug naar vertrouwde omgeving. Ik had genoeg van de onnoemelijk vele indrukken die m'n zintuigen overuren bezorgden. Me deden beseffen dat ik niet op een plek zat waar ik bekend was met alles, waar ik alles onder kontrole had.
Ik had m'n verblijf op Åland slechts 1½e dag volgehouden. Waarschijnlijk was ik me door 't bereiken van m'n doel bewust geraakt van 't feit dat ik te veel indrukken in te korte tijd had opgedaan. Dat er teveel dingen niet leken op m'n eigen huiselijke omgeving.

Ik stond daar, langs de weg. Op de uitrit de havenplaats van de veerboot af. In 't plaatsje Grisslehamn, 40 km boven Stockholm. Waar de wegen 2-banig waren. & Alles rustig aan reed, vanwege de grote drukte die 't legen van de veerboot veroorzaakte. Logisch, dit was nou 1maal de goedkoopste verbinding met de eilandengroep. Dat was ook de reden waarom ik ervoor gekozen had.
't 2-Banige aspekt was voor mij een nadeel, vooral ook omdat er bijna geen stoep bestond in Grisslehamn. Parkeerplaatsen hadden ze elders ondergebracht, buiten de 'grote verkeersweg'.

Ik zag zodoende alle auto's aan me voorbijgaan. Sommige mensen waren nog zo sympathiek om te gebaren dat 't onmogelijk was voor hun om te stoppen, gezien 't massale verkeer achter hun, & de geringe ruimte om te stoppen. Ik zag ze allen mij in de steek laten. & Ik zag de boot leger & leger worden. Dat zou misschien wel hier overnachten worden, waar ik absoluut geen zin in had.
Ik wilde die 2000 km zo snel mogelijk afgelegd hebben, weer terug in m'n eigen zachte bed liggen. Geen tjilpende vogels in de morgenstond, geen dauw m'n tent laten overdekken, geen maaltijden bereiden op een campinggaz-brandertje. Ik had er genoeg van.

Alle auto's hadden me gepasseerd. Er was geen kans meer dat iemand me nog zou meenemen. Ik was gedwongen naar de rand van 't plaatsje te lopen & daar te hopen op een verbreding zodat de lokale bevolking de ruimte had voor mij te stoppen. Teleurgesteld begaf ik me op weg, zo af & toe nog m'n duim opheffend als ik een motor hoorde naderen.

& Een motor stopte.
Een in mijn ogen supersnelle motor stopte voor me. De man had nog een helm over, want hij had z'n vriendin net weggebracht. Hij was onderweg naar Stockholm. Ik kon achterop springen.

Daar zat ik: m'n armen omstrengeld om 't lichaam van een man, om vooral niet naar achteren getrokken te worden bij 't optrekken. M'n rugzak als xtra ballast. Razendsnel alle wagens passerend die mij daarnet nog hadden laten staan.
't Meest angstige ½ uur ooit in m'n leven. Alles zoefde voorbij. Elke keer kwamen we bliksemsnel auto's achterop & hopten we over de andere kant van de weg voorbij. Nog net wegduikend naar de eigen weghelft voordat de tegenligger ons te pakken had. M'n ogen traanden, m'n wangen werden naar achteren gezogen, net als m'n rug, m'n kleren, m'n rugzak. & Ik moest die man maar vast blijven houden; ik kon niet anders.
Ik heb ontelbare schietgebedjes gepreveld dat 't toch maar goed zou mogen aflopen, of dat ik anders op slag dood zou zijn. & Dat terwijl ik al jaren niet meer had gebeden.

In Stockholm werd ik uiteindelijk opgepikt door een stelletje hippies. Ik dacht toen al dat ze allang uitgestorven waren. Maar deze leefden nog. Ze reden in een beschilderde volkswagenbusje met de nodige mankementen. Vaak betekende dat dat we ons niet sneller dan 40 km per uur over de snelweg konden begeven.
'Maar relax, man,' bedacht ik me de hele tijd, 'we hebben geen haast.'

Haast bestond toen ff niet in Zijperspace.

mieren

Ik liep over de dam aan 't eind van 't eiland Zeeburg, voorbij Kaap Kot. 100-en Meters de diepte tussen 't Buiten-IJ & 't IJmeer in (5 km bleek 't achteraf te zijn, maar dan vanaf de grote weg). Ik was blijkbaar de enige die sinds dagen zover was gekomen, te merken aan de dichte begroeiing & de 10-tallen spinnenwebben bedekt met legers vliegen die aan m'n broek bleven hangen. 't Smalle pad midden op de 1 meter hoge dam was af & toe nog maar net begaanbaar. Een geluk dat ik niet van korte broeken houd & m'n armen op m'n hoofd gehouden nog net boven de takken, stengels & prikkende doornen uit kunnen steken.
Op de heenweg was ik vergeten dat ik nog een trainingsjackie in m'n rugzak had gestoken. Dat had me aardig wat jeuk van opvliegende vliegjes kunnen besparen. Toch liet ik me er niet door tegenhouden. 't Einde leek de hele tijd in zicht. & Bleek toch zo ver.

'Wat doen die insekten eigenlijk hier?' vroeg ik me op gegeven moment af, 'Hoe komen ze op dit smalle strookje land terecht, gelegen tussen 't water.' 't Leek een waar paradijs voor de spinnen, de grote aantallen vliegjes die zich verzameld hadden op de webben getuigden van een goed maaltijd. Maar blijkbaar was 't voor die vliegjes zelf, ondanks 't risico van die veelvraat, aangenaam vertoeven.
't Meest verwonderd was ik over de kleine miertjes die ik op 't eindpunt aantrof. Ik was niet verbaasd over hun aanwezigheid, als wel over de afstand die 't volk had moeten afleggen om uiteindelijk hier te geraken.

Op de terugweg kwam ik een man van gepensioneerde leeftijd tegen.
'Kan je helemaal tot 't eind lopen?' vroeg-ie.
'Ja, maar 't is wel aan te raden om de mouwen languit over uw armen te dragen. Want 't wordt steeds ondoordringbaarder. Maar 't is zeker de moeite waard om aan 't eind aan alle kanten in de verte land te kunnen zien. Alsof je 't allemaal aan kan raken, maar er net niet bij kan.'
De man glimlachte om m'n beschrijving.
''t Is gek,' vertelde hij, 'nou woon ik hier 30 jaar & ik ben nog nooit hier geweest. Terwijl deze dam hier al ligt zolang ik me kan herinneren. Dit pad moet hier ook al altijd zijn geweest.'
Dan ben ik er nog snel bij, bedacht ik me; slechts 13 jaar erover gedaan om dit te ontdekken.

& De mieren? Hoelang bivakkeren de mieren daar al? Aan 't eind van de dam. Totaal anoniem voor de amsterdamse bewoner.

Aan 't uiterste randje van Zijperspace.

haas

'Hé Ton,' klinkt 't, waarna Gran weifelt over z'n verdere begroeting, zoals slechts Gran kan weifelen over de nederlandse woorden, 'heb je een vrije avond?'
'Ja, inderdaad. & Ik had ook een vrije ochtend, & ik had ook een vrije middag.'
'Hmmm,' hmmmt-ie, 'da's mooi.'
& Weer een stilte waarin ik weet dat-ie wat wil gaan zeggen, waarin z'n lach op z'n gezicht dat ook aangeeft, waarin z'n lichaamshouding er ook volledig aan meedoet, maar 't o zo lang duurt voordat-ie er daadwerkelijk aan begint. Ik hoor de 'hmmmm' door z'n hoofd tollen, de 'ahummmm' z'n hersenen veroveren, op zoek naar de juiste nederlandse uitdrukking. Want engels vertikt-ie te spreken.

'Hebben jullie ook nog (hmmmm) Boskeun?'
'Nee, dat is al een tijdje uitverkocht. 't Is een paasbier, hè. Vorige jaren hebben we daar veel van in huis gehaald, maar 't verkocht niet. Dit jaar dus maar 1 kratje gedaan, zodat we niet een heel jaar ermee zouden blijven zitten.'
'Ah, hmmm, ja.'
''t Spijt me verschrikkelijk.'
'Hmmm.'

Hij staat op 't punt iets te zeggen. Ik moet er maar een grapje van maken, dat haalt de druk van de ketel. Hij is blijkbaar te aangeschoten om snel genoeg de nederlandse woorden te vinden.
'Kan je 't ons vergeven dat we slechts 1 kratje in huis gehaald hebben?'
'Hahahaha, hmmmmm. Nee, hmmmm, 't is niet voor mij. Ik heb een vriend.'

Gran wil wel verder praten. Maar kan blijkbaar wederom niet de woorden vinden. Tijdens 't zoeken in z'n hoofd naar de juiste uitdrukking houdt-ie z'n sigaar schuin voor z'n buik, z'n hoofd schuin richting plafond. Op zich is 't al vermoeiend om naar die blik, die denkende zoekende blik te kijken, maar 't wachten op een antwoord is helemaal een verzoeking. Want ik weet dat-ie na enige reaktie nogmaals de neiging heeft iets te gaan vragen.

Ik heb geen zin wéér een rondje bier te halen voor de amerikaanse bierverslaggever & de nederlandse bierkenners, die deel uitmaken van m'n gezelschap van vanavond. Ze hebben de hele middag al geen moer hoeven uitgeven dankzij mijn inspanningen. & Zolang ik met Gran lijk te praten geeft 't me ff respijt voor 't langzaam legen van m'n glas. Laat hun maar 'ns geld uitgeven. Dan wil ik desnoods naar de langdradige pogingen van Gran luisteren om een nederlandstalige anekdote te vertellen. Als 't al een anekdote is, want dat weet je bij hem pas aan 't eind.

'Hmmm, een vriend van mij, hmmm, hij verzamelt alles over hazen. Hmmm, moet je zien, hij spaart dus alle beeltenissen van een haas. Hmmm, & hij wil....'
'Ohja, er staat natuurlijk een paashaas op 't etiket van Boskeun,' help ik 'm op weg.
'Ja, hmmmm,' gaat Gran onverstoord verder. Hij kijkt ondertussen weer naar 't plafond. Alsof hij kijkt hoe laat 't is & ondertussen berekent hoeveel tijd 't kost thuis te komen. 'Hmmm, hij spaart hazen, dus ik ben dus op zoek naar 't etiket. Hmmm, maar niet voor mezelf. Hij is, hmmmmm, binnenkort jarig. Ik wilde, hmmmmm....' Stilte van enkele sekondes (wanneer gaan ze nou eindelijk 'ns bier halen?). 'Ik wilde hem die fles kado geven. Maar als jullie 't niet hebben, hmmmm, dan, hmmm...' & Weer is 't stil. 'Dan is 't pech, hmm? Toch, hmmm? Niets aan te doen. Daar kunnen jullie, hmmmm, niets aan doen.'
'Nee, wij wisten niet van te voren dat jij dat flesje nodig zou kunnen hebben.'
'Nee, dat konden jullie niet weten,' terwijl-ie nogmaals naar 't plafond kijkt. & Vervolgens terugkeert naar z'n stek aan de bar.

Ik kan me eindelijk weer omkeren naar m'n gezelschap.
'What kind of beer do you want to drink now?' vraag ik.

De dorst blijkt in Zijperspace toch aanzienlijk meer aanwezig dan elders.

rondrit

Beukenweg; overgestoken bij stoplicht naar Oosterpark; 't 's Gravesandeplein op; de Boerhaaveplein overstoken via Andreas Bonnstraat; schuin over de Weesperstraat; binnendoor via 't Amstelhof; via de Nieuwe Amstelstraat over de Blauwbrug; op de Amstel parkeren voor de Balk in 't oogsteeg; opnieuw op gang gedeeltelijk de tramlijns van de Rokin; de zachte tegels van de Dam, vlak naast 't eigenlijke fietspad; Paleisstraat tegen de riching in, maar daarna ook weer met de stroom mee; Rokin over 't fietspad ditmaal; Muntplein overgestoken om de trambaan van de Reguliersbreestraat te kunnen nemen; door de drukte van 't Rembrandtplein; aan 't eind van de Utrechtsestraat een korte pauze; rechts over 't Frederiksplein; heen & weer over Weteringsschans; waarna Weteringplein richting Ferdinand Bolstraat volgt; 't kleine straatje van Daniël Stalpert in; inkopen & vervolgens de weg door de Gerard Doustraat vervolgen; Sarphatipark laten volgen op de 1e Sweelinckstraat; via de Ceintuurbaan de Amstel oversteken; kort de Amstelzijde, waarna de 1e Oosterparkstraat; wederom Beukenweg etc t/m Paleisstraat (zie boven); weg vervolgen in de Spuistraat; de Runstraat genomen; afgeslagen op de Keizersgracht; binnendoor via Molenpad/Raamstraat; achter Melkweg langs naar Leidseplein; na Gartmansplantsoen onderdoor richting Euweplein; oversteken richting Vondelpark; pauze & weer terug; na Leidseplein via verboden Leidsestraat; Koningsplein naar links, andere kant Singel; rechtsaf Spui; wederom Rokin; Damstraat/Doelenstraat/Oude Hoogstraat/Nieuwe Hoogstraat; de bocht om Anthonies/Jodenbreestraat; tegen de fietsstroom in Mr Visserplein; zo ook in de Muiderstraat; schuin oversteken Plantage Middenlaan; afsnijden richting Sarphatistraat; na Zeeburgerstraat een lange pauze op de Funenkade; via Mauritskade, over de Dappermarkt in de Dapperstraat; fietspad op de 1e van Swindestraat; over de Linnaeusstraat terug naar huis voor avondmaal.

De dag zit er bijna op in Zijperspace.

lijflog 1

Ik scheer me niet al te vaak. Als 't moet 1 keer in de 5 dagen, anders doe ik 't pas op de 7e dag. & Dan nog als 't uitkomt; ik ga me niet 's ochtends voor werk ook nog 'ns haasten omdat die kin glad moet.
't Is ook niet nodig dat ik 't al te vaak doe. Daarvoor groeit 't te langzaam in die regio van m'n lichaam. & 't Is ook wel zo lekker dat als ik me scheer, dat 't dan ook zin heeft gehad. Dat 't wasbakje nog wat sporen vertoond van de gedane arbeid. In de vorm van kleine haartjes die 't wit bedoezelen. & Plakkerig blijven zitten, niet weggespoeld worden.

Daar ontstaat de tick. Want na 't scheren poets ik vaak m'n tanden. Waarom zou ik de wasbak ontdoen van al die haartjes als ik bij 't spoelen van m'n mond behoorlijk wat weg kan spuiten? 't Begon onschuldig met die gedachte; 't leek efficiënt, zuinig waterverbruik, maar allengs werd 't een sport zoveel mogelijk haartjes met 't legen van m'n mond door de goot te laten spoelen.
't Is eigenlijk nog erger. Ik mag bijv hooguit 3 keer water uit de kraan slurpen om, na 't verwijderen van resterend tandpasta in m'n mond, vervolgens te gebruiken bij 't verwijderen van de haartjes. Ik mag slechts 1 keer op een bepaalde plek m'n mond legen. Ik moet zo goed mogelijk m'n best doen de hele wasbak te ontdoen van haartjes. Daarna mag ik nog maar een heel klein straaltje uit de kraan gebruiken om de wasbak goed schoon te krijgen.

Voor de rest gaat alles goed in Zijperspace.

liftlog 1

Neef Arjen had ons rondgeleid in Amsterdam. Dat betekende dat we vooral de plekken hadden opgezocht die moeder verboden had, we spullen tot ons hadden genomen waarvan m'n beide ouders de werking niet wisten, & we later arriveerden op de logeerplek dan tante 't had gewild. Daarnaast betekende 't ook dat Arjen 't zo naar z'n zin had gekregen met z'n 2 jonge neefjes dat hij 't noodzakelijkheid achtte ons na de avondmaaltijd mee te moeten zeulen naar 't jongerencentrum van Nieuw Vennep.

Daar maakten Quint & ik voor 't 1st kennis met nederwiet. In overvloed was dat aanwezig, want de barman had vuilniszakken vol thuis staan, vertelde hij.
'Neem maar wat mee,' zei hij.
'Hoe?'
'Hier heb je een plastic zak. Vul die maar.'

We maakten ook kennis met erg veel glazen, die stuk voor stuk gevuld waren met bier. Op dat moment vonden we dat niet erg. Op 't moment dat we naar 't huis van tante Gree moesten lopen wel. Arjen ook. Arjen moest ons nl terugbrengen, want wij wisten de weg niet.

We maakten vervolgens kennis met 't piepen van een bed, doordat een stel er luidruchtig gebruik van maakte, ipv rustig te gaan slapen. Dat kwam doordat 't vriendinnetje van Arjen stukken dichterbij 't jongerencentrum woonde dan z'n moeder. & Daar was ruimte zat om te slapen. Alleen een beetje te veel gepiep & gehijg om dat makkelijk te kunnen vatten.

Hoewel tante doodongerust was over onze toestand zijn Quint & ik de volgende dag doodgemoedereerd liftend op huis aan gegaan. Dat moest ook wel met zo'n hoofd. We konden niet anders dan ons rustig gedragen & maar zien wat komen ging. Kopzorgen wilden we ons niet maken, want diezelfde kop maakte al genoeg lawaai, voor ons slechts hoorbaar.

Welk een luxe was 't voor ons hoofd om vervolgens in een Mercedes terecht te komen. Waarvan de stoelen aanvoelden alsof je in een fautieul wegzakte; waarvan de stereo-installatie uit alle hoeken & gaten geluid produceerde, zonder overdadig aanwezig te zijn; waarvan de wegligging zo soepel was dat we geen zwenking bemerkten als we niet daadwerkelijk met eigen ogen zagen dat de auto af & toe een bocht maakte. We zijn ook geen enkele bult in 't wegdek tijdens de rit tegengekomen, als we de veringen mochten geloven.

De bestuurder maakte vele internationale reizen; hij kwam net terug van Schiphol. India, Pakistan, nog ff Japan, door naar de VS & via Frankrijk teruggekomen in Nederland. Ach, hij was altijd onderweg. Slechts 1 maand per jaar had-ie de tijd om rustig bij te komen. Kon-ie thuis zitten. Bij z'n vrouw & 2 kinderen in Bergen.
Hij had alles al gezien. Prachtige landschappen waren de toendra's van Rusland, vertelde hij. De Himalaya had-ie ook in de verte zien liggen. De drukke, maar gemoedelijke sfeer van Tokyo. De mega-steden in Zuid-Amerika & daarnaast 't rustige ontspannen platteland ervan.
Maar niets kon 't halen bij de wandeling die hij een paar keer per jaar probeerde te maken. Rugzakje op, korte broek aan, veldfles water mee; van Bergen naar Den Helder over 't strand. Dan kwam-ie tot rust, slechts dan werd-ie weer zichzelf. Z'n voeten onder de blaren, maar volledig voldaan kwam-ie dan weer 's avonds thuis. & Na 't eten viel-ie onmiddellijk in slaap.

'Prachtig verhaal, hè Quint?'
'Ja, rare man was dat.'
'Moet wel ongelooflijk rijk zijn.'
'Z'n auto was in ieder geval erg duur.'
'Zullen we nog een jointje roken voor we naar huis gaan?'
'Ja, we hebben nu toch wiet zat.'
'Jij hebt 't bij je.'
'Nou, 't zat in die tas waar we die blaadjes van Arjen in hadden gestopt.'
'Ja, die had jij toch bij je?'
'Ja, inderdaad. Toenet wel ja.'
'Nu niet meer dan?'
'Ik geloof dat ik 'm heb laten liggen in de auto.'

We konden maar niet stoned worden in Zijperspace.

uitdaging tot 't schrijven van grootse geschriften

Slechts over kleine dingen kan men struikelen.
(J.V. Teunissen)

Waarde blogger & andersoortig medemens, ik daag u uit!

Met nog een week te gaan voordat de weblogmeeting in 't Vondelpark gaat plaatsvinden, leek 't mij zinnig de gemoederen een ietwat te beroeren. & Dit door eenieder aan te zetten tot 't produceren van een stukje met een gegeven strekking. & Die strekking behelst 't kleine.
't Enige wat men behoeft te doen is een stuk te schrijven, er zijn geen restrikties in de lengte, over 't kleine. & Dat zo groots mogelijk. 't Kleine & 't grootse hierin mag men interpreteren zoals men zelf wil, maar ik kan natuurlijk altijd voorbeelden van eigen hand geven.

Hij was zo klein, dat iedereen hem kon zien.
(Gaston Durnez)

Een eerder initiatief van mij was 't boodschappen-stokje. Hiermee probeerde ik 't kleine, schijnbaar onbenullige, als belangwekkend, onderdeel van 't streven naar een groter doel, ten toon te spreiden.
Ik zou ook kunnen refereren aan 't werpen van een dopje, of anders 't werpen van een ander dopje.
Dit om enig voorbeeld te geven mbt hoe 't geheel ingevuld kan worden. Maar zoals gezegd, 't staat vrij 't zelf op eigen wijze te interpreteren.

De grote verwezenlijkingen ontstaan uit de som van dagelijkse inspanningen.
(Albert Schweitzer)

Eenieder wordt daarom uitgenodigd aan dit initiatief een bijdrage te leveren. Lijfloggers zowel als degenen die linken, maar ook reageurs & zij die slechts lezen. Ik ben bereid de beste inzending op m'n blog te publiceren, maar verwacht dat de bloggers hun eigen maaksels zelf plaatsen. Deelname moet echter wel kenbaar gemaakt worden dmv een meeltje richting Zijperspace, met de gegevens waar 't stukje te vinden is. Of anders gewoon als reaktie hier onderaan (heb ik ook 'ns reakties).
Voor zo'n kleine competitie, als je dit al zo mag noemen, heb je natuurlijk een jury nodig die kan beoordelen wie 't grootst geslaagd is in 't streven te schrijven over 't kleine. Een kleine, onbenullige jury heb je daarvoor nodig.
Dat ben ik dus. In m'n 1tje.

Als het traag groeit, blijft het langer.
(Madeleine Potter)

De jury zal de winnaar huldigen met een kleine verrassing tijdens de weblogmeeting, of anders zal aldaar de winnaar bekend gemaakt worden(wellicht dat de persoon in kwestie niet aanwezig is).
Uiteindelijk gaat 't natuurlijk om de eer; mijn budget is niet toereikend genoeg om zomaar een grootse prijs te kunnen uitreiken. Tenslotte gaat 't om 't kleine. Bovendien heet ik nog altijd geen Alfred Nobel & is de weblogger geen erudiet wetenschapper of een bewerkstelliger van wereldvrede (die voor de literatuur zit er na 't winnen dezes misschien nog wel ooit in).

Kijk, zei de dwerg tot de mier,
hoe groot ik ben.

(Romain John van de Maele)

Mijn waarde mede-bloggers & aanverwanten, gij zijt uitgedaagd.
Men heeft 7 dagen de tijd: vrijdagnacht de 14e juni, klokslag 11.59 sluit de kans uw deelname kenbaar te maken.

Nederig wachten wij af in Zijperspace.

waarschuwing

Hoedt u zich. Bereidt u zich alvast voor. Er gaan 'grootse' dingen gebeuren. Oftewel: waarin 't kleine groot kan zijn. Oftewel:

Wie het kleine niet begeert, houdt waarschijnlijk niet meer van het grote.
(Lea Couzin)

Binnenkort, zeer binnenkort moet ik zeggen, hoort u meer over wat gaat plaatsvinden.

Een kleine vlam, een groot vuur.

& Dat niet alleen in Zijperspace.
PS: oja, dit natuurlijk in 't kader van de naderende weblogmeeting.

confrontaties

Tegen de ene man zei ik: 'Kijk een beetje uit', omdat m'n rechterschoen geraakt werd door de spaken van z'n voorwiel op 't moment dat ik 'm inhaalde. Waarop hij naar mij schreeuwde: 'Kijk zelf uit!'
'Waarom moet ik nou uitkijken,' vroeg ik 'm, nadat ik had gewacht tot hij mij weer inhaalde, 'als jij degene bent die mij aanrijdt?'
Hij keek me snel van onder naar boven aan. Daar moest niet veel angstwekkends aan af te zien zijn geweest, dacht ik, maar toch zei hij: 'Sorry, misverstand.'

Tegen de andere man zei ik niks, tot ik hoorde dat-ie me uitschold voor klootzak.
'Kom maar 'ns terug, vuile hufter.'
Ik bleef staan: 'Heb je 't tegen mij?'
'Ja, klootzak. Je rijdt me ondersteboven.'
'Wat bedoel je? Ik heb je nogeneens aangeraakt.'
'Je bent een klootzak.'
'Wat heb ik dan gedaan?'
'Je rijdt andere mensen ondersteboven.'
'Maar ik heb je nogeneens aangeraakt.'
'Je bent een klootzak.'
'Vertel me dan in ieder geval wat ik heb gedaan.'
'Vuile hufter.'
Hij tilde z'n voorwiel op. Ik dacht ff om te tonen dat ik 'm iets had aangedaan, maar 't bleek slechts om z'n voorwiel tegen m'n benen te zetten.
'Ik heb je helemaal niets gedaan.'
De slagers van de Islametic Food Center kwamen nieuwsgierig naar buiten. Een marokkaanse man had ook de neiging om ff te blijven staan, hoewel z'n kind 't huis in moest.
'Shalom,' zei de man tegen hun.
'Ja, shalom, dat zeggen die mensen dagelijks,' zei ik.
'Shalom,' lachten de slagers terug.
Ik wisselde een niet-begrijpende blik met de mannen, zij keken op eenzelfde manier terug, met een wenk van 'die man is gek'.
'Je bent een klootzak.'
Ik besloot door te fietsen.
'Je bent een landverrader.'
'Ja, altijd al geweest.'
'Je hebt ons verraden tijdens de oorlog.'
Ik fietste de hoek om.
'Vuile klootzak,' weerklonk 't nog achter me.

Voorlopig geen behoefte meer aan misverstanden in Zijperspace.

buiten

't Lijkt een soort balkon waar de man in staat, maar dan op de begane grond. Hij leunt over de leuning & kijkt de straat in. Vaak rookt-ie daarbij een sigaret.
Voor de rest doet-ie niets. Hij staat daar maar, voorovergeleund. Z'n familie zit binnen. Dat weet ik zeker, want met hele mooie dagen zie ik ze er wel 'ns bij staan. Doen ze met z'n allen niks, behalve een praatje maken. Ik heb ze in 't voorbijgaan ook wel 'ns met z'n allen aan de tafel zien zitten. Toen maakten ze etende bewegingen. Zogauw ze niet meer eten, gaat hij weer in 't portaaltje staan. Voorovergeleund, starend de straat in.

Ik heb zelf jaren geleden uit 't raam gehangen. Dagelijks, kijkend naar niks. 't Enige wat ik kon waarnemen waren auto's die voorbijreden & de wolken die voorbijgleden. De wolken die langzaam de sfeer in de straat deden veranderen. Voor de rest gebeurde er niks, behalve misschien nog wat meeuwen die voorbij ons huis vlogen. Toch bleef ik uit 't raam van m'n zolderkamer hangen.
Ik kon niet anders. Ik moest wachten tot m'n kalmeringspil ging werken. Ik wachtte tot m'n ademhaling weer normaal was, onder kontrole. Maar daar moest ik vooral niet aan denken, want dan begon 't vast weer van voren af aan. Als ik aktie ondernam, m'n gedachten de vrije loop zou laten gaan, zou de toestand in m'n lichaam veranderen, de boel zou door de war geschud worden, m'n houvast verloren gaan, 't geheel uit elkaar vallen, niets meer 'tzelfde zijn, alles zou uit elkaar gerukt worden, m'n gedachten zouden zich losmaken van m'n lichaam, m'n lijf imploderen, de rest uit elkaar spatten. & Ik zou niet meer zijn.
Ik wist zeker dat dat ging gebeuren zogauw ik de kontrole verloor over wat zich afspeelde in m'n hoofd.
Beter leek 't te staren in 't niets. De dingen die voorbijgaan te aanschouwen. Me vast te klampen aan de rand van 't dakraam, met m'n tenen mezelf opduwend vanaf 't bed om zoveel mogelijk van wat voor 't huis lag deel te laten uitmaken van 't panorama. Des te groter 't beeld, des te meer piepkleine gebeurtenissen. Dat maakte 't wachten makkelijker, 't wachten tot 't niets opnieuw in mij was getrokken. Zodat er niets meer met me zou kunnen gebeuren.
Op dat moment kon ik weer beseffen dat ik was teruggekeerd in saaiheid, in de non-emotie, waar m'n gehele lichaam weer funktioneerde zoals 't bij anderen ook leek te werken.

De man in m'n straat die op de reling van z'n balkon op de begane grond leunt, staart, maar wel naar de dingen die gebeuren. Hij verveelt zich dood, maar binnen is 't erger dan buiten. Bovendien is hij onderhand verslaafd aan 't buiten staan. Verslaafd aan 't observeren van 't weinige wat bij ons in de straat gebeurt. Hier komt wel 'ns een fietser voorbij, of een spelend kind. Soms ook een auto. Een enkele keer maakt iemand een praatje.
Hij heeft zodoende de gehele wereld zelf in handen. De wereld van onze straat. Drukker moet die straat niet worden, want dan verliest-ie ook daar 't overzicht. Kan-ie net zo goed binnen gaan zitten. Maar ja, hij mag nou 1maal niet binnen roken.

We hebben overzicht in Zijperspace.

tijd

Langzamerhand begin ik te snappen waarom ik altijd overal op tijd kom. Ruim op tijd. Zonder zeer bewust om te gaan met die tijd. Tenminste: dat is wat ik nu denk te begrijpen van mezelf.
Ik schat alle af te leggen afstanden (dan heb ik 't over afstanden binnen de stad) in als een kwartier reistijd. Soms met een kleine marge naar boven, soms met een kleine marge naar beneden, maar die marges zie ik niet als tijd; die vallen binnen m'n inschatting van 't kwartier.
Tenzij de bestemming aan de andere kant van de stad ligt; dan gaat 't een ½ uur duren. 2 Keer een kwartier.
& 't Werkt. Gelukkig maar.

Te laat komen bestaat nl niet in Zijperspace.

versleten

Ik ben m'n stoel aan 't slijten. In ieder geval de leuningen ervan. Uren zit ik daar met een plank liggend op die leuningen om er m'n boek, & 't boek erna, & 't boek daarna, op te laten steunen. & Tuurlijk moet zo nu & dan van houding veranderd worden. De plank beweegt mee.

Samen met Marlies heb ik m'n bank & de 2 bijhorende stoelen 2 jaar geleden opgespoord in een kringloopwinkel. Precies wat paste in m'n huis, vond ik, maar wel een beetje oud (hoewel in prima konditie) & voor 2ehands misschien wat prijzig. Daarom bleef ik een kwartier lang op 't meubilair zitten nadenken, voordat ik besloot 't dan toch te nemen.
Dezelfde middag had ik opeens volledig nieuw 2ehands meubilair in m'n huis staan. Dankzij de bus van Marlies natuurlijk.

't Komt door m'n vader dat ik met zo'n plank m'n boeken in een stoel zit te lezen. Hij gebruikte een plank die 2 keer zo breed was, of eigenlijk 2 keer zo diep, zodat-ie desnoods een ouderwetse typemachien er op kon plaatsen. Of z'n bakken met genealogische aantekeningen er op kon uitstallen & de administratie daarvan kon bijwerken.
't Is een gewoonte die er niet meer uit te slaan valt. Hoewel de plank niet staat bij de stoel. Nou is dat voor mij niet zo'n probleem; ik woon toch op mezelf. M'n vader gebruikte echter een plank die zo absoluut niet paste bij de rest van 't meubilair, dat je je ervoor schaamde als er visite langs was. M'n moeder vooral. Dan moest de plank verstopt achter de stoel.
Ik heb mijn plank in ieder geval nog in de kleur groen geverfd die overeenkomt met die van m'n deuren. & De deurposten. & De echte boekenplanken. Zodat 't lijkt dat de plank erbij hoort.

De plank op de stoel doet de leuningen slijten; 't lak gaat er af. & 't Doet me beseffen dat ik ooit een grote jongen moet worden & net als elk ander meubilair bij elkaar moet kopen dat geen allegaartje is. Ook al weet ik dat ook nieuwe aanschaf zal gaan slijten. Dat ik later een huis heb die toch van mezelf is, maar niet oud & versleten in 1e instantie.

Toch zal Zijperspace ooit verleden tijd zijn.

bierhandelaar

'Ik moet niet meer zoveel drinken,' zegt Boekenman om ¼ over 12 's middags, nadat-ie een ½e liter bier bij me heeft gekocht. 'Ik word 's nachts om 3 uur alweer wakker. & Dan kan ik niet meer pitten.'
Terwijl hij 't zegt, laat-ie een treurige ondertoon doorklinken.
'Hoe komt dat dan?' vraag ik 'm.
'Ik snap 't niet. Ik gebruik geen pillen meer.'
Op dit soort opmerkingen volgt altijd een nuancering, want Boekenman kan nou 1maal de waarheid niet verzwijgen. Of in ieder geval een deel ervan niet.
'Ik bedoel: ik gebruik bijna geen pillen meer. Alleen nog een beetje methadon. Ik moet minder drinken.'
'Ligt 't echt daar aan?'
Ik wil de oplossing ervan meer in de methadon zoeken, of 't gemis van andere drogerende middelen.
'Jahaa, want rond een uurtje of 3 heb ik m'n roes uitgeslapen. Dan wil m'n lichaam niet meer slapen, want er zit geen alcohol meer in m'n lichaam.'
'Dus je denkt dat je beter minder kan drinken?'
'Over dit soort dingen moet ik niet praten tegenover een bierhandelaar.'

We waren bijna bang dat we voortaan droog brood moesten eten in Zijperspace.

man

Op m'n 38e ben ik dan eindelijk 'man' geworden. Misschien moet ik 't zelfs met hoofdletter 'M' schrijven. Ik had 't eigenlijk niet door; 't is me ongemerkt overkomen.

Ik loop niet graag in m'n blote bast rond. Zwemmen doe ik al nooit, & van zonnebaden verbrand ik toch alleen maar of anders vind ik 't te heet. Daarnaast is m'n borstkas niet van die omvang dat 't met een openvallend t-shirt zonder mouwen getoond moet worden. Andere mensen hadden me daardoor er tot nog toe niet op kunnen attenderen. Vooral ook niet omdat ik meestentijds alleen thuis ben als ik m'n bed opzoek.

Dan had ik 't zelf toch eerder kunnen signaleren, hoor ik suggereren. Maar meestentijds heb ik 't licht al uit voordat ik de wandeling richting bed onderneem. De mate van licht die me beschijnt terwijl ik me van shirt ontdoe, belemmert een goede inspektie. Daarnaast ben ik niet de persoon om bewonderend m'n borstkas te gaan bekijken. Of ik moet eigenlijk zeggen: ik heb niet de borstkas om daar bewonderend naar te kijken. Ik observeer mezelf heus wel 'ns in de spiegel, maar over 't algemeen heb ik m'n borstkas dan bedekt met enige lagen kleren. Inspekteren of 't allemaal wel goed staat.

't Kwam dus als een volslagen verrassing, toen ik daarnet vanwege de drukkende hitte, veel te veel vocht in de lucht, m'n t-shirtje maar uit had gedaan. Met m'n borst bloot ben ik in de stoel in de tuin gaan zitten lezen in Grunberg. Bij een plotse felle zonnestraal dook m'n blik iets verder naar beneden, om niet geheel verblind te geraken, waarbij 't over m'n borst gleed. Zo van bovenaf, als u wel begrijpt.
Waar vroeger een enkel haartje zich bevond, verdwaald zou men kunnen zeggen, bevonden zich nu eensklaps enkele 10-tallen. Vooral gegroepeerd rond m'n tepels & in 't midden van m'n borstkas. & Je kan zien dat er nog enkele op 't punt staan door te breken. Deze zien er nog wat vlassig uit, maar hebben al een zekere lengte & kleur bereikt, waardoor ze zich onderscheiden van de donshaartjes. De serieuze haren hebben hooguit een lengte van 2 cm (dat is heel lang voor mijn doen), maar zijn zwart van kleur. Dit in tegenstelling tot m'n hoofd- & baardhaar, die respektievelijk donkerblond & rossig te noemen zijn.

Deze konstatering komt op een vreemd moment. Ik begon me net te realiseren dat dankzij 't regelmatig gebruik van bier er een bepaalde mate van borstvorming kan ontstaan. Dit wordt veroorzaakt door de pseudo-oestrogeen die zich in hop bevindt. Ik voelde m'n borsten af & toe, net een jaar geleden op de hoogte gebracht van dit verschijnsel, om te kontroleren of 't zich ook bij mij voordeed. & Ondertussen keek ik naar de dikke bierdrinkers die ik weleens ontmoet tijdens bierfestivals, waarvan sommige een bh niet zou misstaan, om enige bevestiging te vinden dat er bij mij nog niet zoveel aan de hand was. De laatste tijd had ik weinig positief vergelijkingsmateriaal, als ik de voornoemde groep zo ff mag neerzetten, waardoor ik enige verontrusting bij mezelf ontdekte als ik over m'n borst streek. Was ik bezig een vrouwtje te worden?

Nee, dus. Er groeit een matje, weliswaar dun bezaaid, op de borst. 't Wordt tijd dat ik mezelf man ga noemen.

Jammer dat we niet van borsthaar houden in Zijperspace.

was

M'n t-shirts moeten snel droog zijn, vind ik, dus hang ik die midden in de tuin bij mooi droog weer. Hangen ze veel langer in de zon dan onder 't balkon van m'n buurvrouw. Daar hang ik de rest, zoals de onderbroeken, sokken, dweiltjes & theedoeken. Daarvan vind ik 't minder belangrijk dat ik er een grote keuze uit heb. Die mogen langzaam drogen van 't wassen.

's Ochtends had ik de was opgehangen & 's avonds kon ik m'n t-shirts er al afhalen. Zodat ik 1 van m'n favoriete shirts aankon naar de housewarming van m'n buren. Vind ik belangrijk. Kleren vertellen iets over degene die ze draagt. Bij mij zijn t-shirtjes een opvallend onderdeel van m'n gehele verschijning. Dus draag ik bij dat soort gelegenheden, gelegenheden waar ik veel vreemden tegen zal komen, liefst iets wat uitstraalt, waarin ik me op m'n gemak voel, of waardoor men meteen iets van mij te weten komt.

Suze van 2-hoog had 't allemaal geregistreerd.
'Ton draagt alleen maar schone t-shirts,' grapte ze in mijn bijzijn tegenover wat toehoorders op de party, 'van de rest van z'n kleren vindt-ie 't blijkbaar niet zo belangrijk dat ze schoon zijn, want dat heeft-ie nooit aan z'n waslijn hangen.'
1st Serieus er op ingaan & dan toeslaan, dacht ik.
'Ik vind 't niet zo nodig dat iedereen ziet wat voor onderbroeken ik draag. Ik wil dat wel delen met een dame die bij me in bed kruipt, maar ik vind niet dat ik m'n buren met dat uitzicht moet lastig vallen. Suze denkt daar heel anders over. Die gooit regelmatig haar ondergoed m'n tuin in.'

De volgende dag zit ik rustig een boek te lezen in de zon als voor me langs wat blauws in de tuin valt. Ik pak 't op & keer me om naar boven. Ze heeft 't nogeneens door; staat rustig een hoeslaken vast te knijperen aan 't wasrek, zonder de indruk te geven dat ze iets mist.
'Hé, Suze,' roep ik, terwijl ik met haar bh en onderbroekje zwaai, 'zie je wel dat je 't niet kan laten.'

Buren moet je koesteren in Zijperspace.

verkeerd

Jan staat een blikje bier bij me te drinken als Westmalle binnenkomt.
'Ik heb wat bij elkaar gesprokkeld,' zegt Westmalle, terwijl-ie met een grijns een doos met 6 statiegeld-flessen voor me neerzet.
Ik heb nog niet eerder meegemaakt dat Westmalle lege flessen bij me inleverde. 't Blijkt dat-ie daardoor nog net een Amstel Gold kan kopen: slechts € 0,40 hoeft-ie te betalen.
'Ik ben bezig, man,' zegt-ie, opnieuw met een grijns.
'Waarmee?'
'Ach, man. Ik ben gewoon verkeerd bezig.'
'Ik kan in ieder geval zien dat je onder invloed staat.'
'Ja,' lacht-ie, 'ik heb al wat binnen gekregen. Stom, man, zoals ik bezig ben. 't Is eigenlijk beneden mijn waardigheid.'
'Hoezo?'
''t Is gewoon beneden m'n waardigheid wat ik vandaag aan 't doen ben.'
Ondanks dat verliest-ie niet de grijns. Ook niet op 't moment dat-ie op z'n fiets stapt & me nog ff gedag groet.

'Toch blijft 't een aardige gozer,' zeg ik tegen Jan.
'Hm,' humt Jan.
'Hm?' vraag ik hummend terug.
'Ik heb 't bloed van de straat geveegd toen hij z'n vrouw finaal in elkaar sloeg.'

We zijn terug bij af in Zijperspace.

openhaard



Nog een keer dan. De organisatie van de weblogmeeting heeft 't rond. 't Gaat plaats vinden op 15 juni, vanaf 15.00 uur, bij 't openluchttheater van 't Vondelpark.
Er zal genoeg bier zijn, we krijgen zelfs korting (& toch, hè; als ik bier had geregeld, was men nog geen € per koud blik kwijt geweest; maar goed, geen harde gevoelens). We zullen speciaal toegezongen worden door een koor. & 's Avonds schotelt men ons een opera voor die zich afspeelt in een internetcafé ('t is echt waar).
Ik zal er in ieder geval zijn & met mij, wil ik de aanmeldingslijst geloven, in ieder geval 77 anderen (wie zijn zembla documentairemakers?). Nu hopen dat de zon ook nog komt.
Oja, ze zijn al bezig met 't vervaardigen van badges. Ik ben nooit zo gek van 't dragen van dat soort dingen, maar 't scheelt me € 0,20 per blik. Of moet ik toch maar m'n eigen koude bier meenemen?

't Staat al koud in Zijperspace, maar ja, dat staat 't altijd.

3e wind

Er bestaat ook nog een wind van verlangen. Ik zou 't zuchten willen noemen.
Deze wind dient soms als een waarschuwing voor mogelijk verkeerd begrijpen; voor misverstanden tussen de voorspelling & 't nu. 't Is net een tikje harder als windstil; vaak ook een tikje harder dan 't binnensmonds verlangen. Er wordt geademd alsof normaal, maar de storm die 't veroorzaakt is men onmiddellijk bewust.

Ik zie 't regelmatig m'n blik verduisteren, m'n bril doen beslaan, als ik die al op heb.
't Doet me daardoor niet verlangen naar warme landen. Alhoewel men daar de effekten van de hete sirocco inmiddels heeft weten te doorgronden; waar men die wind makkelijk weet te weerstaan. Men wordt daar niet meer omver geblazen door die verschrikkelijke zucht, die wind, die als een veer 't zwakke punt weet aan te wijzen.

Hier blijven we nuchter, hier negeren we de effekten van de zucht. Die zachte zucht die de rug een tikje geeft & geleidelijk doet krommen. Steeds weer een tikje. Soms ook op de borst.
Die omarmend langzaam bezit neemt van de ledematen, ze laat zwieren of laat strammen. Al naar gelang 't lichaam. & Z'n flexibliteit.

Soms verlang ik naar die zuchtende wind. Verlang ik omgeven te worden. Zie ik verre landschappen, waarbij graslanden platgewalst worden onder de stille druk ervan. & Zie ik de zachte bedrieglijke golven 't diepe verbergen, door subtiele welvingen aan 't toonbare oppervlak.

Maar ik denk ook vaak dat mij beter die zucht bespaard kan blijven. Dat ik reeds te veel stormen verwerken moet.

Dan hebben we geen behoefte meer aan subtiliteit in Zijperspace.

donkere duinen

Als de wandeling van 't Robbenoordbos wordt verplaatst naar de Donkere Duinen gaat 't meteen iets heel anders betekenen.

M'n moeder plaatste de auto op de parkeerplaats voor 't bos de Donkere Duinen. Ooit een verzamelplaats van welpen & fietsen, totdat iedereen aanwezig was & de Akela 't startsein kon geven voor de start van de speurtocht.

't Boswachtershuisje deed me beseffen dat boswachter Groen inmiddels dood is. De boswachter die altijd in 't groen liep, wat me toendertijd deed realiseren dat 't zo hoorde: boswachters zijn groen, ook al heten ze niet altijd zo. Als er later 1 op tv verscheen wist ik 'm meteen als boswachter te herkennen.
Maar boswachter Groen was nu dood, bevestigde m'n moeder.

't Leek alsof met boswachter Groen de trimbaan was verdwenen. Die baan die iedereen van 't begin af aan belachelijk had gevonden. Meteen na ingebruikname vonden wij kinderen 't al oubollig aandoen. We gebruikten de stellage waar je je aan 2 stangen kon optrekken slechts als verzamelplaats. Onze eigen hangplek, hoewel hangplekken nog niet bestonden.

Vervolgens 't pad, waar niemand 't pad zelf gebruikte, maar 't parallel lopende heuveltje, want dat was veel interessanter. Kon je tenminste over iedereen & alles heenkijken. Hoewel, 't was slechts een ½e meter hoger gelegen. Maar nog steeds had ik de neiging over dat smallere hogere paadje te lopen. M'n moeder ook, moest ze plots bekennen toen ik dat kronkelig paadje ging bewandelen & zij me achternaliep. M'n vader volgde vanzelf.

De doormidden gezaagde horizontaal geplaatste boom, die al eeuwen leek te funktioneren als bank, was nog donkerder groen geworden. & Nog steeds zag de bank er zo stevig uit dat 't leek alsof-ie 't nog zeker een kindertijd zou volhouden.
Ook de plek waar we Charles tegenkwamen met z'n ouders, zodat mijn ouders zijn ouders leerden kennen. & Charles & ik alweer verder renden over de heuveltjes & takken, tussen bomen & onder vogelgeroep. & Gezwind terugkeerden toen de ouders uitgepraat waren.

Door de uitgang gingen we weer naar buiten. Een mystieke uitgang, niet alleen omdat we 'm vroeger nooit gebruikten. 't Licht was er zo raar; opeens scheen, naast de ingang van 't restaurant, 't licht fel voor de bomen aan de uitgang van 't bos uit, een enkel spoor tekenend door de lucht; een spoor dat kon ontsnappen aan de ruimte tussen de takken & bladeren.

Hoevele malen had ik de strandopgang al beklommen? Op de fiets of gewoon lopend. Handdoek achterop, zwembroek er ingerold. Voor de rest niks, op soms een bal of een frisbee na. Besefte ik wel dat dit misschien wel de traagste beklimming was die ik me zou kunnen heugen? Meestal was de strijd wie 't 1st aan 't strand was, startend onderaan bij Duinoord. Nu wachten we geduldig 't tempo van Pa af.

We schroefden ons tempo helemaal omlaag op 't moment dat we de hoogste duin van de omgeving beklommen. Of de top van een duin geval waar 't pad z'n hoogste punt bereikte. & 't Zo lekker naar beneden crossen was met de fiets. Als je echt veel durfde liet je je vlak voor de kruising met 't fietspad met fiets & al vallen. Dat durfde alleen Carel.
Pa wist dat allemaal niet. Die dacht dat we verkeerd liepen. Hij wist wel dat we zuidwaarts gingen, maar wist de omgeving niet meer thuis te brengen. Ik kon 't 'm wel uitleggen, maar dat zou hij toch over enkele minuten vergeten zijn, bang als-ie was dat we verkeerd terecht zouden komen, onrustig van de vreemde plek.

Daarna nog ff over de duin gewandeld die ons uitzicht gaf over 't land voor de stad. Dat uitzicht dat zoveel ruimte gaf, genoeg weidsheid voor een jonge jongen. Die wil crossen met z'n fiets. Of een jongeman, die wil oefenen voor de Nijmeegse. Of een jongeman, die de hond uitlaat om de wereld te ontvluchten, 't leven & z'n benauwdheden wil vergeten & overwinnen.

& Dan dat lange pad door Mariëndal. 't Bos dat nog geen bos was, toen ik daar met Midas liep, maar kleine boompjes, soms slechts struikjes. Zoals ik me een foto van m'n vader als klein kind herinner, waarop hij omringd werd door sprieterige takjes die de grond uit kwamen. De sprietjes van bomen die toen al de Donkere Duinen werden genoemd, maar nog niet de lengte van de kleuter Pa hadden bereikt.
Ook Mariëndal staat op 't punt een bos te worden.

Zie de bossen groeien in Zijperspace.

theezakjes

Ik vind dat de papiertjes aan 't eind van 't touwtje, dat aan de andere kant aan 't theezakje bevestigd zit, vast horen te blijven zitten. Ik bedoel 't vierkante papiertje waarop de ene zijne de fabrikant van 't theezakje trots z'n logo heeft afgebeel, 't soort thee op de andere. Soms 't 1 met 't ander gecombineerd & in dat geval staat op beide zijden 'tzelfde. 't Papiertje dat met een nietje aan 't touwtje vastzit, waardoor men 't papiertje kan gebruiken om met de vingers goed houvast te hebben bij 't inhangen van de theezak in 't hete water. Zodat men ook wat afstand kan houden tot die daarnet nog kokende vloeistof.

Een zichzelf respekterend bedrijf dat al jarenlang de nederlandse bevolking voorziet van geprefabriceerde theezakjes, waardoor men zich bijna niet voor kan stellen dat ze er ook anders uit kunnen zien (verbazing alom bij bezoek aan de buitenlandse tea-room); waardoor je tot macrobioot & alternatief wordt betiteld zogauw je een theebuiltje gebruikt waar je losse gedroogde thee in stopt; waardoor men 't woord 'thee' onderling kan uitwisselen met de merknaam & toch iedereen begrijpt waarover men 't heeft; zo'n bedrijf heeft zichzelf opgelegd de kwaliteit van 't produkt hoog in 't vaandel te houden. Zo'n bedrijf dient zakjes te leveren waarvan 't nietje niet 't touwtje plots loslaat.

Ik ga er vooralsnog vanuit dat de viezigheid die 't theezakje op de grond tegenkomt doordat 't pardoes een val die richting op maakte door voornoemd gebrek, dat die viezigheid door 't schone hete water z'n infekterende, mogelijk ziekmakende eigenschappen verliest. Ik ga er echter niet van uit dat de direkteur van zulks bedrijf 't zelf prettig vindt een theezakje met z'n vingers uit de theepot moet zien te vissen. Ook zijn vingers zullen daar niet op bestand zijn. Of 't in ieder geval als pijnlijk ervaren.

Dit ihkv alles wat zoal los & vast zit in Zijperspace.

benauwd

Ik kon niet meer. De benauwdheid sloeg dermate hard toe, dat ik niet meer wist wat ik moest doen. Alles rommelde in m'n buik, & dat rommelen overheerste m'n gedachten. Met moeite bereidde ik een kopje koffie voor een klant. Met moeite nam ik de betaling aan & noteerde ik de inkomsten op 't daarvoor bestemde blok. M'n hoofd was mijn hoofd niet meer. M'n hoofd was m'n buik geworden, een lichaam dat op 't punt stond uit elkaar te barsten, alleen wist ik niet waarvan. & Dat veroorzaakte de paniek.

Een week eerder, de ochtend van 31 december, had Martine 't uit gemaakt. Totaal onverwachts, hoewel ik 't op 't moment zelf wel zag aankomen.
Ik beschouwde 't als een opluchting dat ik zoveel dagen werk in 't vooruitzicht had; ik had daardoor tenminste afleiding. Zo beschouwde ik ook 't werken op nieuwjaarsnacht voor de tv-uitzending van Sonja Barend in de Rode Hoed, hoewel 't achteraf de meest afschuwelijke oud op nieuwpassage in m'n leven zou blijken te zijn. Maar ik had in ieder geval iets om handen, was m'n gedachte toenmaals.

Ik mocht die nacht eerder weg, van de bazin-cateraar, omdat ik de volgende ochtend alweer om 10 uur in café de Gaeper beginnen moest. Ik had m'n slaap nodig, vond ook zij, na zo'n vermoeiende marathon-werkdag.
Ik werd wakker & ging verder in de roes van hard werken. Aan 1 stuk door. Ik moest ook wel; ik had 't geld hard nodig.

Op gegeven moment besloot ik dat 't niet meer ging, die dag van de ochtendlijke benauwdheid. Ik vertelde enkele klanten zelfs over m'n euvel. Hoeveel moeite 't me kostte normaal adem te halen. Raadpleegde hun over wat ik moest doen. & Deed pogingen de spaanse meisjes de zaak uit te krijgen.
De dame met de bolhoed, een totaal geschifte alcoholiste, die om 11 uur 's ochtends altijd enkele vieuxtjes naar binnen werkte, adviseerde me een borrel te nemen.
'Helpt bij mij ook altijd, als ik opvliegers heb,' wist ze te vertellen, 'gewoon een paar slokken whisky nemen. Knap je van op.'
& Ik dacht: als 't niet helpt heb ik nog niets verloren. Nu moet ik de zaak sluiten, omdat ik niks meer kan, misschien dat 't door de borrel opeens wel weer gaat.

Ondertussen belde ik m'n collega, want Han, de baas, was op wintersport. Dat was ook de reden waarom ik 7 dagen aan 1 stuk werk had: buiten m'n eigen diensten kreeg ik ook de beschikking over die van hem.
'Wel openhouden,' bezwoer collega me, want sluiten was ontoelaatbaar. De Gaeper was nog nooit dichtgeweest, nergens voor, dus dat mocht ook nu niet gebeuren, bracht hij me schuldbesef bij. Dan zou hij zorgen dat-ie er zo snel mogelijk was.
Ik had de deur echter al op slot gedaan & liet me adviseren door de dame met de bolhoed & de zeurderige schoonmaker. Dus deed ik niks. Kon ik ook niet. Met moeite haalde ik adem, hoofd tussen de knieën, hoofd omhoog, in 't licht kijkend, m'n handen voor de ogen, adem halen, adem halen, toch nog maar een slokje van de borrel.

Ik belde ook Kiki, de vriendin van Martine, de enige vriendin die mij mogelijk bij kon staan.
Aan de andere kant klonk een vermoeide stem van iemand die zojuist besloten had niet meer altijd klaar te staan voor een ander.
'Ik heb niet zoveel tijd, Ton. Probeer in ieder geval thuis te komen. Dan kijk ik vanmiddag wel of ik je bij kan staan.'

Pas toen werd me duidelijk hoe eenzaam ik mezelf had laten verworden. & Dat alleen maar doordat ik van een meisje hield.

& Moeizaam vragen we ons af of Zijperspace is veranderd.

drukken

We kennen ze niet meer anders. Alle telefoontoestellen hebben drukknopjes. De draaischijven zijn een zeldzaamheid, een curiosum eigenlijk.

Gister passeerde ik met de trein 't gebouw waar m'n ouders, Carel & ik ong 25 jaar geleden van de PTT een open dag mochten bijwonen. Alles werd uitgelegd, men mocht alles aanschouwen. Immense kasten kan ik me herinneren, waar aan 1 stuk door geklik uit klonk. Een klik betekende dat er kontakt tussen 2 telefoons werd gemaakt. Je kon 't ook daadwerkelijk zien, want er bewogen zwarte dingetjes in de kast.
Ze hadden 't PTT-gebouw geheel gemoderniseerd & dat wilden ze aan hun klanten laten zien. Er werd uitgelegd wat er zo modern aan de apparatuur was & waarom deze aanpassingen noodzakelijk waren. & Op de meest onverwachte vragen hadden de deskundige PTT-mensen een duidelijk antwoord.

Aan 't eind van de rondleiding werd verteld dat voor een speciale prijs de nieuw ontwikkelde telefoon aangeschaft kon worden: een telefoon met drukknopjes. Die aanbieding was alleen geldig voor die avond.
'Ongelooflijk, hoe was dat mogelijk?' dachten m'n broer & ik. 'Hoe kon er dmv een paar toetsjes indrukken kontakt gemaakt worden met die centrale die we net gezien hadden in een kast?'
Hij zag er prachtig uit: op de plek waar de draaischijf hoorde te zitten, was nu een plat vlakje gecreëerd waar knopjes uitstaken. Voor de rest was de vorm 'tzelfde gebleven: dezelfde afgeronde zijkanten, dezelfde beige kleur, maar door de verwijdering van 't draaimechanisme was 't een totaal andere verschijning.
Zoiets moois moesten wij ook thuis hebben, vonden Carel & ik. Zouden we eindelijk iets eerder hebben dan alle anderen. Want iedereen had altijd 't nieuwste van 't nieuwste, terwijl wij 't pas jaren later in huis kregen.
Misschien als kadootje voor Pa & Moe? Als we 't aan hun zouden overlaten, zou 't vast nog een tijd duren. Dat bedrag konden we met z'n 2en voor 2 verjaardagen best ophoesten. De verjaardagen waren weliswaar nog lang niet in zicht, maar dan moesten we er bij vertellen dat ze niet nogmaals een kadootje later in 't jaar hoefden te verwachten.
Moesten we wel ff geld lenen van Pa & Moe.

Sindsdien was bellen een genot in Zijperspace.

schieten

Ik zit in de tuin voor me uit te staren, af & toe een blik in m'n boek werpend. Uit balorigheid pak ik de plantenspuit, die naast me staat voor 't verjagen van katten. Ik probeer de luizen op een stengel van een plant te raken. Daarvoor heb je een vette strakke straal nodig, maar dat wil niet lukken met deze plantenspuit. Ik heb al 'ns geprobeerd 'm bij te stellen; de straal wil echter niet dikker & coherenter worden. Hij schiet wel ver, de straal haalt de 2½ meter, maar op die afstand van nog geen meter is-ie niet nauwkeurig genoeg.

Ik had vroeger altijd een elastiek op zak. Zo'n dikke, die postbodes wel 'ns in bundels aan hun stuur hebben hangen. Daarmee beschoot ik de vliegen. De vliegen die een pauze namen op de muur. Dat konden ze beter niet doen, want ik was op een gegeven moment best wel goed. Bovendien vond m'n moeder 't geen prettig gezicht: een muur behangen met vliegenlijkjes.
Ze nam m'n elastiek in, want ze kon moeilijk de vliegen verbieden op de muur te gaan zitten.
'Wie heeft er nou een huis waarbij de muren bedekt zijn met vliegenlijken?' zei ze dan.
Met zo nu & dan zelfs een spetter bloed, konstateerde ik daar voldaan voor mezelf achter aan.
De volgende dag had ik alweer een nieuw elastiek. & Ik schoot op de vliegen die op de lamp poogden te rusten. Dat konden ze beter niet doen, want dat was nog dichterbij voor mij.

Ik spuit gewoon aan 1 stuk door. Dan raak ik ze vanzelf wel. 't Geeft weliswaar minder voldoening, omdat ik niet kan konstateren met welk schot ik raak, maar af & toe zie ik dat er plots minder luizen op de stengel zitten.
& Als 't verveelt, ga ik weer lezen.

De verveling slaat echter niet zo snel toe in Zijperspace.

lezen

Maar Pa, ik zou willen dat je dit kon lezen (ook al zeg ik nog altijd u tegen u). Dat je dit kon doornemen, zoals je de stukken, notulen, de plannen, een enkele keer de repetities van vroeger doornam. Ik zou willen dat naarmate jij ouder wordt, je meer bewust wordt van 'tgeen ik hier schrijf. Dat 't niet hier stopt, maar ooit opnieuw begint. Ooit.
Net als dat andere mensen ouder worden & lezen leren. Net als mensen die leren dingen begrijpen. Net als opgevoed worden & bijgebracht worden. Net als dat ik dat lang geleden heb gedaan.

Voorlopig zie ik je alleen maar dingen vergeten, 't overzicht verliezen. Ik zie alleen nog maar je angst voor de verkeerde weg, de massa die uit te veel mensen bestaat, de plek die niet thuis is, de vermoeidheid die mogelijk niet bij Ma uitgerust kan worden.

Ik zie je niet meer lezen. Ik zie je niet meer luisteren naar je jazz-cd's. Ik zie niet dat je de dingen herkent. Ik zie je niet schrijven, in je stoel, achter je plank. & Vergaderen is er ook al een tijd niet meer bij.

& Kwaad. Wanneer was je voor 't laatst kwaad? Hoelang geleden was 't dat je de neiging had 1 van je zoons een oplawaai te geven? Wanneer was 't dat je teleurgesteld was in je collega's?
Ik verlang soms naar je woede van lang gelee. Ik zou willen dat je 't niet met me eens was. Dat we ouderwets een onredelijke woordenwisseling hadden.

Pa, wanneer ga je weer lezen? Wanneer zal ik je weer lezen leren? Wanneer zal ik je leren lopen zoals ik 't van jou geleerd heb?

Zijperspace is onomkeerbaar.

ruim

Onderweg zie ik in de lege ruimte van 't voorbijgaand vergezicht een man wandelen met een hond. Nergens een huis, nergens een boerderij.
'Hé, verdomme vent,' denk ik, 'wat doe jij in m'n ruimte met je lege hond? Ik bedoel: wat sta jij m'n leegte op te vullen terwijl een groen weiland mij genoeg was?'

Horizonvervuiling wordt bestreden in Zijperspace.

vooruit

Tuurlijk wil ik liefst ook vooruit rijden als ik in de trein zit. Maar dat is niet omdat ik misselijk wordt van achteruit. Ik word niet goed als mensen iets dergelijks van zichzelf beweren. Ik wantrouw dat soort mensen: ze willen blijkbaar aandacht voor hun zwakke gestel.
Laatst kwam een junk naast me zitten, terwijl er tegenover me 2 plaatsen vrij waren. Hij beweerde ook niet tegen achteruit rijden te kunnen. Daarna begon hij hele verhalen af te steken over andere kwalen die hij onder de leden had. Ik probeerde slechts verder te lezen in m'n boek, maar dat leek niet tot 'm door te dringen.

Ik wil vooruit rijden omdat ik dan de horizon me tegemoet zie komen. & Niet de hele tijd bezig ben met afscheid nemen van de dingen die voorbij gaan.

Aldus boeken we vooruitgang in Zijperspace.

eno/byrne

In de tijd dat 'My life in the bush of ghosts' verscheen vond ik de hoes prachtig. Maar tijd maakt schoonheid vergankelijk. Daarom maar de 2 heren, de 2 helden van toen geplaatst.

Als een bezetene heb ik afgelopen week muziek van Brian Eno binnen zitten halen. 't Lukt me nu 1maal niet iets op m'n gemak te doen. Alles moet xplosief meteen, impulsief & fanatiek, vaak ook ondoordacht.
Pas toen ik alle nrs binnen had, ging ik uitzoeken wat 't allemaal was & van welke plaat 't 1 & ander afkomstig was.

Zo kreeg ik per ongeluk ook alle nrs van 'My life in the bush of ghosts' op m'n harde schijf, de plaat die hij samen met David Byrne had gemaakt. De plaat die ik al eerder had geprobeerd te downloaden, maar onder de naam David Byrne leken al die nrs geweerd te worden door Audiogalaxy. Beschermd of iets dergelijks. Zodat Audiogalaxy geen proces aan z'n broek kreeg van David Byrne.

Jarenlang had ik 'My life...' op niet meer dan een cassette; nooit heb ik de moeite genomen de cd te kopen. Eigenlijk schandalig: 1 van de mooiste & belangrijkste platen in de muziekgeschiedenis & ik schaf 'm niet aan. Ik kopiëer 'm slechts op cassette of haal 'm van 't internet. Elke keer als ik bij m'n cd-boer ben, is er blijkbaar belangrijkere muziek om aan te schaffen.

Edoch, ik kan 'm nu in ieder geval aan zetten wanneer ik wil.

Tenzij ik Zijperspace verlaat.

robbenoordbos

't Robbenoordbos moet meer zijn dan padvinderskampen in de herfst, dan wel de vroege lente. 't Zal vast ook meer zijn dan een verdwaalde tocht zonder ouders. Meer dan een weekendje pinkster of een dagje hemelvaart de nieuwe tent, de nieuwe vouwcaravan, de nieuwe voortent bij de gewone caravan uitproberen. Meer misschien ook dan een heuvel afglijden. Meer dan iemand een peuk zien roken. Meer dan over de brug hangen & in 't water spugen. Of kronkelpaadjes lopen die altijd 'tzelfde blijven. De weg ernaartoe over bruggen, soms viaducten. Een donkere fietstocht waarbij weer de verkeerde weg ingeslagen wordt. Een race met anderen tegen 't verkeer in. Een strijd om een padvindersinsigne te halen door een blok hout in 2-en te hakken. Vastgebonden raken aan de eettafel. Donderslag in de zendtoren. Wind vanuit de zee. Een hopman die 't altijd beter weet. Groen, veel groen, maar niemand die 't uitlegt. Bomen die schijnen te huilen. Vogelgeluiden die altijd lijken op die van de uilen. Vuurtjes die slechts door volwassenen in de gaten gehouden kunnen worden. Sterke mannen die altijd de baas zijn. Koken op een primus. Gras om op te voetballen, hoewel: voetballen deden we nooit. Wijds & groots zoals bossen nooit meer zullen zijn. Soms, heel soms meisjes, ook al waren ze net iets jonger. Speurtochten die je zo lang mogelijk weg moesten houden. Nachten met 7 man in de tent, de loodzware canvas-tent. De HUDO, waarvan niemand de betekenis weet. Kuilen, metersdiepe kuilen, die niemand ooit meer zou ontdekken. Weg, weg van huis & daardoor nodig moeten poepen. & Ouders die daarom altijd wc-papier op zak hebben.

We gaan morgen de waarheid ontdekken in Zijperspace.