broek

Ik heb een groene broek aan. Een wijde. Zoals ooit een jongen aan had op een foto in de Volkskrant. Voorpagina van ’t Vervolg, geloof ik.

Natuurlijk is ’t niet precies de broek die die jongen droeg. Mijn broek hangt niet zoals bij hem. Want bij hem kon je de bovenkant van z’n boxershorts zien. Die zal men bij mij nooit zien.
Ik hou niet van dat boxershort-gevoel. Bij mij zal je dus ook nooit de bovenkant van de boxershorts kunnen zien. Ook al hangt mijn broek.
Zoals de afgelopen weken. Ik was na m’n griep veel magerder dan de tijd ervoor. Mijn broek hing daardoor op m’n heupen; de gaatjes van m’n riem waren niet toereikend voor die taille.
Afgelopen weekend heb ik de riem aangepast door een gaatje xtra te creëren.

Die jongen was groot. Tenger, maar fors tegelijk, begreep ik uit een documentaire. Eigenlijk begreep ik dat ook al dankzij de foto in de Volkskrant.
Die documentaire kwam veel later. Men had begrepen dat die jongen wel bijzonder was. Dat-ie niet alleen een goede drummer van een hardcore-band was. Dat-ie niet alleen bijzonder was omdat-ie zelfmoord had gepleegd. Die jongen was bijzonder. Hij had een verhaal.

Die jongen had een hele mooie groene broek aan, vond ik toen ik z’n foto in de Volkskrant zag. Dat was een broek die precies bij mij paste. Doordat ik de broek mooi vond ben ik ’t artikel gaan lezen.

Nav de documentaire zag ik ‘m in ’t bos zitten. Met een lege fles drank naast zich. Met een dood hoofd.

Ik heb een mooie broek aan. Een groene.

Er zitten wel wat lelijke vlekken op, vindt men in Zijperspace.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.