De eekhoorn

Wij hadden vroeger een eekhoorn. Maar mijn vader werd er ziek van (myxomatose vertelt mijn geheugen, maar dat blijkt na checken online niet mogelijk). En aangezien mijn moeder op dat moment zwanger was van 1 van mijn broers werd, ivm mogelijke besmetting van de kleine in de buik, ’t eekhoorntje uit huis verwijderd, moest mijn moeder ergens afgezonderd van mijn vader verblijven en werd dit een verhaal dat jarenlang naverteld werd op familiebijeenkomsten elke keer als broertje Quint, bijziend maar niet blind zoals de verwachting was voor de geboorte, erbij aanwezig was.

Tot zover mijn parate kennis over dat beest voordat ik me in dit onderwerp ging verdiepen. Nou ja, ik wist hoe eekhoorns er uit zien, dat ze een dikke staart hebben, behoorlijk ver kunnen springen, van tak naar tak, en knagen kunnen als de beste. Verder was ik dankzij ’t radio- en tv-programma Vroege Vogels op de hoogte gebracht van ’t feit dat ze tegenwoordig zomaar plots uit bomen kunnen vallen. En dat lag er dan niet aan dat ze de tak aan de volgende boom gemist hadden. Nee, ze vallen tegenwoordig bij bosjes recht naar beneden en sterven. Of sterven en vallen. Waaraan ze sterven is vooralsnog een mysterie.

Myxomatose krijgen ze dus niet. Maar de vlooien die de eekhoorn met zich meedraagt kunnen wel voor verspreiding ervan zorgen. Dat heeft de eekhoorn dan weer met de mens gemeen, hoewel mensenvlooien niet zo vaak meer voorkomen.
Dat zal dus niet de reden zijn van de eekhoornregen die momenteel plaatsvindt.

’t Parapokkenvirus schijnt overeenkomsten te vertonen met myxomatose. Wellicht dat mijn vader daarmee besmet is geraakt (maar door summiere overlevering plus een slecht geheugen mijnerzijds, valt daar niets zinnigs over te zeggen).
De rode eekhoorn (Sciurus vulgaris), de meest voorkomende soort in Europa, is zeer gevoelig voor de parapokken. Vaak ontvangt deze eekhoorn ’t virus, zeker in Engeland, van de grijze eekhoorn (Sciurus carolinensis), een exoot afkomstig uit Amerika, die zelf niets te vrezen heeft van de parapokkenziekte. Z’n rode broertje heeft er echter zwaar onder te lijden. Een groot gedeelte van ’t Europese eekhoornbestand, en dan met name in Engeland, is er vorige eeuw aan bezweken.
Maar ook hiervan zeggen de experts dat dit niet de oorzaak van de uit de boom vallende eekhoorns kan zijn. De parapokkenbeesten hebben eerst een lijdensweg, verliezen haar en krijgen pijnlijke zwellingen aan handen, voeten, neus en oren.

Eekhoorns dienen ook hun dieet in de gaten te houden. Indien ze te eenzijdige voeding tot zich nemen, kunnen ze door een tekort aan calcium last krijgen van ruggengraatsverkromming. Ze hebben dan vaak te veel noten en zonnebloemzaden gegeten en dat te weinig gevarieerd met ’t zich bedienen van vogeleieren, insecten, boomschors, paddenstoelen of jonge vogels.
Wederom onwaarschijnlijk dat dit tot de vallende eekhoorn heeft geleid.

Laat staan dat zijn vergeetachtigheid hier de oorzaak van is. De eekhoorn zorgt er voor dat hij op meerdere plekken in zijn omgeving voedsel beschikbaar heeft gedurende de winterperiode. Noten en zaden worden verzameld en op diverse schuilplaatsen weggeborgen voordat de koude periode intreedt. Zó veel plekken blijkbaar dat ’t diertje op een gegeven moment niet meer weet wáár…
Vandaar dat hij tijdens de wintermaanden zichzelf genoodzaakt ziet er vroeg in de ochtend op uit te trekken om zodoende vooral genoeg eten te verzamelen voor de avondstond.
De 70 geregistreerde gevallen van doodvallende eekhoorns vonden echter in de lente- en zomermaanden plaats. Daar heeft wintervoer of een tekort daaraan weinig mee te maken.

De jonge eekhoorns zijn een makkelijk slachtoffer voor oa vlaamse gaaien en eksters. Vlak nadat ze ’t nest hebben verlaten zien ze er blijkbaar als een aantrekkelijke maaltijd voor deze vogels uit.
’t Lijkt me echter sterk dat deze jonge dieren na een ontmoeting met een ekster een hartverknettering opliepen om vervolgens voor dood te blijven liggen op de grond. Een eigen conclusie gebaseerd op ’t gegeven dat dit volgens de mij tot nu toe bekende overleveringen vroeger ook niet gebeurde met de jonggeborenen.

Zoals reeds gezegd: ’t is een groot mysterie, die eekhoornsterfte, maar ik begrijp deze dieren gelukkig nu wel wat beter.
’t Mysterie van m’n vaders ziekte blijft echter ook overeind staan. Er wordt nl op div websites gewaarschuwd voor ’t aaien van eekhoorns. Daar houden ze niet van, dus bijten ze (tot op ’t bot, zegt een eekhoornspecialiste bij Vroege Vogels-tv). Naast akelige wonden moet men daarbij rekening houden met de mogelijke overdraagbaarheid van Lyme en Hondsdolheid, waar de eekhoorn drager van kan zijn.
Hij is wel gebeten, die vader van mij, weet ik me te herinneren van de verhalen tijdens familiebijeenkomsten. Maar Lyme bestond toen nog niet. Of niet in de mate zoals nu.
En hondsdol…? Nee, een schuimende bek kan ik me niet van mijn vader herinneren. Hij dronk geen bier.

Maar o ja, we hadden ’t over eekhoorns en niet over mijn familie.

Eekhoorns, de rode algemeen voorkomende in Europa voor ’t gemak, worden 18 tot 24 cm lang en 250 tot 350 gram zwaar. Maar dat heb ik natuurlijk van Wikipedia geplukt, die informatie.
De rest kan men nachecken in de annalen van mijn familie.

Die zijn breedsprakig & warrig gearchiveerd in Zijperspace.
(Bovenstaande is enkele jaren her geschreven tbv de cursus tot Natuurgids IVN, hier enigszins gecorrigeerd & gepolijst)

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *