De schijtlijster

‘We gaan lekker de natuur in!’

Mensen nemen zo’n zin gemakkelijk in de mond. Daarbij ervan uitgaand dat iedere toehoorder dat enthousiast op zal pakken, pardoes de jas aantrekt, de veters van de wandelschoenen vast strikt, om vervolgens de buitendeur te openen om de natuur in al zijn gradaties op te gaan snuiven.

Wijlen mijn vader incluis. Hij bezigde weliswaar niet exact dezelfde zin om duidelijk te maken wat onze zondagmiddagse activiteiten zouden zijn, maar ik wist wel dat ‘t zinnetje ‘Kom op, we gaan naar ‘t Robbenoordbos!’ tot ‘tzelfde resultaat zou leiden: de natuur!
Waarop ik spontaan naar de wc moest om te poepen. Liefst de hele middag lang. Om vooral niet mee te hoeven.

Hoe dat allemaal zo gekomen is & wat dat allemaal tot gevolg had in m’n verdere leven laat ik hier maar even buiten beschouwing, maar ‘t moge duidelijk zijn dat de natuur niet voor iedereen een vanzelfsprekendheid van geneugten is. Sterker uitgedrukt: voor sommigen bestaat ‘t buitenleven uit een grote bron van angsten.

& Daar wil ik ‘t vandaag dus over hebben: hoe de natuur sommige mensen, specifiek: mijn persoon, angst kan inboezemen & op welke manieren zich dat kan manifesteren. Wellicht een heel ander praatje over natuur dan men zou verwachten, maar om toch nog een kleine handreiking naar ‘t verwachtingspatroon van de gemiddelde toehoorder te doen zal ik afsluiten met enkele tips voor de zeldzame angstigen & bevreesden die zich vast ook in ons midden bevinden.

Laat ik beginnen met te benoemen welke soorten angst er naar mijn weten & ervaring zoal bestaan:

Harige Angst: Sommige spinnen hebben haren. De angst voor gewone spinnen heb ik al goeddeels overwonnen, hoewel ‘t nog steeds niet fijn is ze over m’n huid te voelen lopen of hun webdraden over m’n gezicht te krijgen, maar de angst voor ‘webloze’ spinnen zal waarschijnlijk eeuwig blijven bestaan, ben ik bang, vooral dankzij hun begroeiing. Mijn subjectieve beleving vertelt me dat deze spinnen veel groter zijn dan de huistuinenkeukenspin, ze onverstoord door blijven lopen ook al probeer je ze met de bezem te verjagen & dat als ze na een trage beklimming van ‘t gordijn zich met een bons kunnen laten vallen. Vooral dat laatste, dat geluid dus, kan behoorlijk wat angst opwekken.

Geluidsangst: Daarbij verwijs ik ook maar ff naar voorgaande angst, maar ik kan ‘t verder illustreren met de kuch van de schaap. Als je eenzaam in een voor de rest verlaten landschap van weides in een klein caravannetje de nacht doorbrengt & er begint iemand tegen je onderdak te schurken & te hoesten als een oude vent zonder dat je op de hoogte bent van de geluidskunsten die de schaap machtig is, schijt je al snel in je broek. Een snuivende egel bij je verzameling van zo goed als lege mayonaisepotjes bij de vuilnisbak bereikt ongeveer ‘tzelfde effect.

Ze-Zijn-Met-Veel Angst: In datzelfde weidelandschap ben ik op een gegeven moment, ‘t was ditmaal op klaarlichte dag, aan ‘t eind van de middag, etenstijd waag ik achteraf te denken, over een hek geklommen om aan de andere kant van ‘t veld iets te kunnen bekijken. De schapen besloot ik hierbij te negeren, want dit was nou 1maal de kortste route om te komen waar ik wilde zijn. Die schapen waren echter met velen, wat 1 van die schapen zich ook daadwerkelijk scheen te beseffen. & Waarschijnlijk was deze ook op de hoogte van ‘t ‘ ; ‘over-de-dam’-spreekwoord, want dapper deed hij een stap mijn kant op.
Wat zijn soortgenoten van hem kopieerden & er nog een extra stap bovenop deden. & Nog 1. & Nog 1.
Men wil niet weten hoe hard iemand tussen drollen moet hollen om van een grote kudde schapen af te komen.

Mannenangst: Ook in ‘t dierenrijk geldt: mannen zijn nou 1maal enger dan vrouwen. Zeker als ze hoorns hebben.

Hij-Is-Groter-Dan-Ik Angst: Paarden zijn groter. Ze zijn daardoor onbetrouwbaar & dienen vermeden te worden als ik een lange-afstandswandeling maak. Een paard in een wei waar de route door voert heeft mij meermaals doen besluiten op mijn sporen terug te treden & naar huis te gaan. Gelukkig kwam er 1 maal een stel op ‘tzelfde pad te voorschijn die me geruststellend & beschermend tussen de paarden heeft gemanoeuvreerd.

Ze-Staren-Me-Aan Angst: Dat koeien nieuwsgierige beesten zijn wil ik wel geloven als ik veilig thuis over zo’n dier zit na te denken, maar als ik me 1maal in de vrije natuur tegenover zo’n groepje bijeen verzameld tuig bevind denk ik daar heel anders over. Ze staren me aan met z’n allen om me op een voor mij onverwacht moment met z’n van achteren aan te vallen, krijg ik dan al snel ‘t vermoeden.

Waarschijnlijk zijn andere mensen onderhevig aan andere, misschien wel complexere, angsten, maar ik wil ‘t voor vandaag hier even bij laten.

Rest mij nog om de nog beloofde tips aan de hand te doen, die bij stoutmoedige uitvoering in precaire situaties uitkomst kan bieden.

– Mocht een bok u willen aanvallen, wendt uw gezicht zijn kant op, blijf staan en duw zogauw hij dicht genoeg genaderd is zijn kop opzij.

– Als u een Schotse Hooglander ondanks zijn bedaarde uitstraling niet vertrouwt tijdens de wandeling door de door hem gecontroleerde natuur, steek 2 vingers in zijn neusgaten & knijp. Daar wordt-ie rustig van.

– Ok, een paard is groter. Maar zo gauw je een stok omhoog heft die boven zijn kop uitsteekt, denkt ‘t beest dat jij imposanter bent.

– Een koe blijft in groepjes bij elkaar staan. ‘t Kuddegevoel schenkt haar ‘t idee van veiligheid. Als jouw route door die kudde leidt, loop naar ‘t midden van die starende groep. Deze zal zich automatisch splitsen.

– Als laatste wil ik ‘t hebben over de hond. Hoewel de hond nou net een twijfelachtig deel van de natuur is geworden sinds ‘t volledig gedomesticeerd is door de mens. De mens blijkt ‘m echter nodig te hebben om zijn eigen angst te bestrijden & zet de hond somtijds op zo’n manier in dat de hond bij de mens angst moet inboezemen, zodat zijn baas zichzelf veiliger kan voelen.
Blijf stokstijf stil staan als een hond grommend & blaffend op je afkomt.
Probeer te bepalen wat zijn ‘erf’, zijn terrein, is & blijf zo lang op je plek staan tot je denkt dat je zonder risico verder kan trekken.
Maar je kan natuurlijk ook van tevoren een fluitje kopen waar honden niet tegen kunnen. Want van stilstaan kom je niet ver tijdens je natuurwandeling.

Er is nog steeds een lijst beschikbaar van huidige drempels & dwingelanden die de weg huiswaarts wijzen, maar dat is tot een vodje papier verworden in Zijperspace, wel a4-groot, dat wel.

(Bovenstaande is enkele jaren herschreven nav een presentatie tbv de cursus tot Natuurgids IVN, hier enigszins gepolijst)

Eén reactie op “De schijtlijster”

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.