Fietsenmaker (I)

Je hebt veel verschillende soorten in Amsterdam. Er zijn er die stil zijn, problemen hebben, morgen waarschijnlijk ziek zijn, maar ook die je laten voelen dat je te gast bent, niet zomaar klant, die je kennen, waarvan ook alweer, of die je op straat tegenkomen & de honk van de vreemde fietsbel weerklinkt als groet.
Ze houden bijna allemaal wel van een beetje atypisch. Ook die en masse zijn ingeschakeld bij ’t Zwarte Fietsenplan. Daar krijgen ze ’t ook niet voor elkaar ’t karakter ervan af te slijten. Ze moeten nl hun vingers kunnen blijven voelen, dichtbij zichzelf blijven & eigenwijze kennis hebben van iets met fiets.

De Duitser die aan 1 van de grachten zat, in de buurt van de Oudemanhuispoort, had bijv een racefiets, bijna helemaal uitgekleed, met alleen nog wat echt nodig was. Dreadlocks, rode puisten & zwarte vingers. Hartstikke aardig, maar hij moest wel kunnen blijven kankeren op de toeristen, voor wie hij speciaal zijn luidruchtige toeter er af had gesloopt. Dan reed hij ze maar aan.
‘Ze vragen er om, ja?’ zei hij niet in ’t duits, maar op z’n duits.
Hij kreeg ’t wel eens voor elkaar mij te passeren in de Nieuwe Hoogstraat. Maar hij was dan kwaad, terwijl ik genoot van ’t schampen van de traag slenterende toeristen op ’t fietspad.

Later werd ’t Marcel. Ik was z’n barman, dan heb je bijna geen keus. Je zou ook niet willen, tenzij je fiets te modern of te fragiel was. Al voordat hij kanker in z’n keel kreeg was-ie een man van weinig woorden. Dan betaalde ik slechts ’t materiaal & zei hij:
‘Plus 2 Columbus.’
Terwijl ik tijdens ’t wachten er al 1 van hem had gekregen. Plus 2 cryptische omschrijvingen die ik hooguit met moeite opgelost kreeg voor vertrek. Dan drukte hij z’n hand op z’n keel, slikte, & verklapte hij de uitkomst. Of kwam-ie later op de middag tijdens z’n pauze aan de bar zitten & vroeg:
‘Weet je ’t al?’
Glimlachend om z’n eigen woordvondst. 10 Min later tufte hij weg op z’n Harley-zijspan. ’t Was een man die je aan dat geluid herkende.

Ik heb een Filibus om de hoek aangeschaft. Bij ’t toenmalige onafhankelijke filiaal van ’t Haarlemse Mannetje.
Hij was in brand gestoken. Dat hadden ze in ’t verleden ook eens bij een vroegere fiets van mij gedaan. Dus ik wist dat ’t mogelijk was.
Ze hadden ‘m in Haarlem opnieuw in elkaar gezet, maar de eigenaar wilde ‘m na de brand niet meer hebben. Ik had op dat moment geld, dus gaf ik aan dat ik ‘m wel wilde kopen voor die prijs.
Wim was schappelijk, vol geduld & was tevreden als ik na een reparatie met een biertje aankwam. Dan maakten we nog een praatje.
’t Is ongelooflijk hoeveel een mens over fietsen kan weten; dat was voor ’t 1st dat ik dat bedacht. Marcel wist vast ook veel, maar dat merkte je pas als hij klaar was met ’t herstelwerk. Dan gaf-ie aanwijzingen die ik na 2 zinnen al niet meer begreep.
Wim belastte me niet met moeilijk. Slechts wat ik weten moest. Als er iets was: terugkomen. Draaide hij wel weer een beetje aan de knoppen, zonder er iets voor te verlangen. Dan kwam ik na ’t werk met nog een fles & stonden we weer 5 min fiets & bier te praten.

Er is iets met ‘m gebeurd waardoor hij uit ’t vak is gestapt & de zaak verkocht. Z’n vriendin, door wie ik nooit anoniem zou worden bij ’t Zwarte Fietsenplan, heeft me nooit verteld wat.

Fietsenmakers zijn (bijna) altijd welkom in Zijperspace.

3 Antwoorden op “Fietsenmaker (I)”

  1. ja, ik was ook dol op Wim en zijn plek en muziek die mijn muziek is in de werkplaats en keuzes in t leven!

    mn ouwe fijne fiets was daar spiksplinternieuw met verzekering en in drie jaar van mijn kerstbonus betalen. dat was een first en daarna nooit weer, maar wel erg grote mens achtig. En hij gaat gelukkig nog steeds mee.. als is ie nu een ouwetje. 2009 werd de fiets geboren denk ik.

  2. Een vriend van mij maakt ook graag fietsen. Al noemt hij zich geen fietsenmaker. Hij is vooral metaalbewerker. Vroeger zat hij bij een motorclub en altijd zit hij vol prachtige verhalen.

    1. Ja, fietsenmakers hebben vaak iets. Ze hoeven niet veel te praten. Maar ’t is altijd de moeite om te luisteren als ze iets zeggen. ’t Zou tenslotte wel eens over je fiets kunnen gaan.

Laat een antwoord achter aan Terrence Reactie annuleren

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.