mieren

Ik liep over de dam aan ’t eind van ’t eiland Zeeburg, voorbij Kaap Kot. 100-en Meters de diepte tussen ’t Buiten-IJ & ’t IJmeer in (5 km bleek ’t achteraf te zijn, maar dan vanaf de grote weg). Ik was blijkbaar de enige die sinds dagen zover was gekomen, te merken aan de dichte begroeiing & de 10-tallen spinnenwebben bedekt met legers vliegen die aan m’n broek bleven hangen. ’t Smalle pad midden op de 1 meter hoge dam was af & toe nog maar net begaanbaar. Een geluk dat ik niet van korte broeken houd & m’n armen op m’n hoofd gehouden nog net boven de takken, stengels & prikkende doornen uit kunnen steken.
Op de heenweg was ik vergeten dat ik nog een trainingsjackie in m’n rugzak had gestoken. Dat had me aardig wat jeuk van opvliegende vliegjes kunnen besparen. Toch liet ik me er niet door tegenhouden. ’t Einde leek de hele tijd in zicht. & Bleek toch zo ver.

‘Wat doen die insekten eigenlijk hier?’ vroeg ik me op gegeven moment af, ‘Hoe komen ze op dit smalle strookje land terecht, gelegen tussen ’t water.’ ’t Leek een waar paradijs voor de spinnen, de grote aantallen vliegjes die zich verzameld hadden op de webben getuigden van een goed maaltijd. Maar blijkbaar was ’t voor die vliegjes zelf, ondanks ’t risico van die veelvraat, aangenaam vertoeven.
’t Meest verwonderd was ik over de kleine miertjes die ik op ’t eindpunt aantrof. Ik was niet verbaasd over hun aanwezigheid, als wel over de afstand die ’t volk had moeten afleggen om uiteindelijk hier te geraken.

Op de terugweg kwam ik een man van gepensioneerde leeftijd tegen.
‘Kan je helemaal tot ’t eind lopen?’ vroeg-ie.
‘Ja, maar ’t is wel aan te raden om de mouwen languit over uw armen te dragen. Want ’t wordt steeds ondoordringbaarder. Maar ’t is zeker de moeite waard om aan ’t eind aan alle kanten in de verte land te kunnen zien. Alsof je ’t allemaal aan kan raken, maar er net niet bij kan.’
De man glimlachte om m’n beschrijving.
”t Is gek,’ vertelde hij, ‘nou woon ik hier 30 jaar & ik ben nog nooit hier geweest. Terwijl deze dam hier al ligt zolang ik me kan herinneren. Dit pad moet hier ook al altijd zijn geweest.’
Dan ben ik er nog snel bij, bedacht ik me; slechts 13 jaar erover gedaan om dit te ontdekken.

& De mieren? Hoelang bivakkeren de mieren daar al? Aan ’t eind van de dam. Totaal anoniem voor de amsterdamse bewoner.

Aan ’t uiterste randje van Zijperspace.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.