Pmb

Ja, ik ga natuurlijk niet in de titel al te koop lopen met dat ik vanochtend, na toch enigszins in de wakkere wereld te zijn terechtgekomen, over constructies met Playmobil (codewoord Pmb) aan ’t nadenken was. Hoewel constructies in mijn jeugd eigenlijk meer van toepassing waren voor andere speelgoedvariaties. Van de huidige ben ik niet goed op de hoogte.

Ik lag na te keuvelen met wat aan mij voorbij was gekomen tijdens de nachtelijke uren. Een conversatie met wat zich aan onverwachte situaties & overdag onvanzelfsprekende confrontaties zich hadden voorgedaan. & Als besluit van al deze levende halfsluimerwereldavonturen was ik nog even een mezelf voorgelegd probleem aan ’t oplossen wat niet meer behelsde dan ‘hoe een bushalte te bouwen van hout in Playmobil’.
Ik geloof dat ’t ook nog iets als natuurinclusief moest zijn, een woord dat ik gister meermaals was tegengekomen, & ergonomisch verantwoord, maar waar ik dat vandaan had is me de afgelopen 18 uren werkelijk ontgaan.

Ik heb niets met Playmobil. Dat was de wereld van de 2 jongste broers & al snel na z’n geboorte heeft de aller- die speelgoedhobby van de op-1-na-jongste gekaapt. Hij mocht hooguit nog een beetje aanzitten als ’t blauwe koffertje, die al snel te klein was, werd geopend & dat alleen maar omdat ze nog jarenlang kamergenootschap in gewapende vrede moesten voortzetten.
Als je als laatste aantreedt, kost ’t je immers jaren voordat je jezelf verder hebt gepromoveerd tot de door iedereen begeerde zolderkamer. Dat hadden wij ouderen (ik zat net op de grens) tenminste als vanzelfsprekend bedacht. Maar tegen de tijd dat de jongste zo ver was, ik bedoel: dat de oudsten ’t huis uit waren, wilde hij geen andere opbergplek voor zijn Playmobil dan waar die zich al bevond & bleef hij daar in ’t inmiddels 1-persoonskamertje slapen & spelen.

Er moet dus iets akeligs zijn gebeurd, zou je bijna gaan denken, dat ik op een mooie nazomerse ochtend mezelf heimelijk zie ‘spelen’ met Playmobil & dat verborgen wil houden voor de ‘echte’ wereld door een titel te verzinnen die dat speelgoed onherkenbaar moet maken & bovendien beweer dat ik ingewikkelde oplossingen zat te bedenken tijdens mijn reeds bereikte wakkere bewustzijn voor een te construeren bushaltehokje. Alsof ’t nog erger zou zijn als mijn onderbewuste ’t aanstuurde middels een droom & niet mijn gezellig hallo-wereld-ochtendmentaliteit van lekker nagenieten van ’t comfortabel voelend bedje denkend over u-weet-ondertussen-wel (zonde dat nog eens te herhalen).

Waarbij m’n aandacht getrokken wordt door Paustovski, die dagboeken schreef, waarbij hij z’n dromen er in verwerkte. Hij analyseerde ze daarin, meen ik me te herinneren. & Werd er zelf uiteindelijk horendol van. Dat deed hem concluderen dat je beter niet met zelfanalyse aan de slag kan gaan.
Dat is… In zoverre ik dat zonder zoekmachine uit m’n hoofd weet terug te halen.
Ik wilde per se zijn boeken lezen & ben ten tijde van verschijning van ’t 1e deel begonnen & nooit verder gekomen dan de 1e 50 bladzijden.

Naar aanleiding daarvan heb ik al ras geconcludeerd dat ik blijkbaar niet van ’t lezen van dagboeken houd. & Op daarin verwerkte dromen had ik helemaal geen grip.
Men moet zich, hier aangekomen, als men mij is of anderszins enigszins gelijkend, ondertussen al dood vervelen.

Hier in Zijperspace zijn ze na de 2e alinea gewoon opnieuw in bed gestapt.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *