Somsherhalitijdjes

Ik heb die somsmomenten. Ze komen zelfs steeds vaker voor. De somsheid van somsmomenten reeds verlaten, geen incidenteel meer, zeker niet een veelvuldige herhaling tegelijkertijd, want steeds kost nu steeds meer moeite. Waar dat nu plakken wordt. De steedssteedsheid.

Maar dat moet ik uitleggen. Geen vaagheden hier.
’t Gaat om wat je al eerder hebt meegemaakt. & Wat ik dan niet herhalen mag. Want ’t waren al zichzelf repeterende gesprekken. Niets nieuws daar, maar ’t geheugen tegenover me, altijd face to face me, in welke hoedanigheid ook vermomd, had daar inmiddels geen weet van. Heeft dat ook niet allemaal genoteerd, kan ’t niet meer oplepelen, de details, de finesses, of waar ’t daadwerkelijk over ging.
Ik evenmin dus.
De ik dus.

Met de ‘soms’-en.
Me in mezelf bevoelen. Waar anderen meestal geen toegang meer hebben.
Niet als in mezelf alles naar binnen dragen, apart van de buitenwereld, maar hier zijn, vóóral hier zijn. Dat de soms-en daarvan vaker voor gaan komen. ’t Veilig voelen, getrouw worden aan de omgeving van de eigen gedachte & ’t fout of slecht ervan er niet toe doet.

Maar vooral ook niet ’t binnen teren. Wat een volledig woord zou moeten zijn. Van: ’t niet naar buiten treden, een ongemakkelijk veelvuldigheid van zelf zijn, waar meestal niemand naar luistert. Luistert.
Wat namelijk ook weer vanzelfsprekend is. Zo is sociale omgang in z’n meer of mindere staat van leven. Waar ‘weer’ steeds weer verschijnt.

Zo heb ik regen’weer’ mogen ontmoeten. Als in zon’weer’, voorbij de wolken’weer’, waar opeens de tussenhaakjes niet meer noodzakelijk werden weer.
Bankweer, mezelfweer, verontrustweer, fietsweer, onrustbarendweer, traagweer, denkendweer, ongelezenweer, brabbelweer, nietverstaanbaarweer, onberichtweer, nooitschreeuwweer, verontrustendweer, ontelbaarweerweer. Daarisdezonweer. Geefmenogwatregenweer.
Waarbentuditkeer.
Ikluisterweer.

Dat schreeuwt tussendoor mijn gedachten, die nog bezig zijn met een herafstelling. Heel fatsoenlijk, niemand pijn doet. Slechts een weinig geduld betrachtend.
Maar bezig zijnd, de tijd de tijd bepalend, mezelf daarin zinkend. Een wijd spreidend doek van armen van ontvangstwoorden als een wijder opend naderend vlak.
Een zacht vallend net van zoet ontvangst.

Zijperspace vindt u daar straks weer.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *