tuin

Ik ga wat drinken met Stella in café de Tuin, waar ’t personeel nooit wat lijkt te worden, maar de sfeer al jaren ok is.

’t Was eigenlijk m’n 1e stamcafé in Amsterdam, toen ik 18 jaar geleden me voor ’t 1st in deze stad huisvestte.
Maar wat heet huisvesten, als je 10 keer verhuist in een ½ jaar. Meestal betekende ’t niet meer dan logeerpartijtjes van 2 weken, waarna ’t volgende slachtoffer voor tijdelijk onderdak bezocht moest worden.
De Tuin was een baken in die onrustige tijd. Daar kon ik tenminste een bak koffie in de ochtend drinken, bakkie thee in de middag, & afspreken met m’n vrienden om vervolgens verder ’t nachtleven in te gaan.

Kan me niet herinneren of ’t personeel toendertijd herkenbaar was, in die zin dat ze aanwezig waren, service verleenden, aardig & voorkomend of een enkele keer een grapje met de klant maakte. Ik zal er ook wel niet zo erg op gelet hebben; toen had ik nog geen horeca-ervaring & zag dat soort gebreken/kwaliteiten niet.
2 Weken geleden viel ’t me wel op. & Nu is ’t weer zaterdagmiddag, dus ’t zal wel betekenen dat die zelfde suffe dame weer werkt.

Maar goed; ik ben er met Stella. Dat betekent ouwehoeren, kletsen, lachen & natuurlijk de vraag beantwoorden: ‘Hé, Ton? Hoe staat ’t nou met de liefde?’
Dat hoort er nou 1maal bij. Dan letten we tenminste niet zo op ’t personeel.

Er moeten bepaalde zekerheden zijn in Zijperspace.
Update: De bedrijfsleider heeft ’t blijkbaar ook opgemerkt & de suffe dame de Tuin uitgestuurd, want ze was vanmiddag niet aanwezig. Onmiddelijk werd ik verliefd op de vervangende dame. Op ’t moment dat ik ’t pand betrad, maakte zij nl al oogkontakt.
‘Aha, in ieder geval een antwoord klaar voor als Stella met haar vraag verschijnt,’ bedacht ik.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *