Niet dat ik er naar uitkijk om te vergeten wat ik al die tijd met me meegedragen heb. Goed of kwaad.
De steen die door buurjongen Erik op m’n hoofd werd geworpen, m’n 1e tot bloedens toe; de 1e daadwerkelijke seks met de mogelijk grootste tieten die ik later niet meer zou ontmoeten; m’n anderswijs grootste liefde van eeuwig heimwee; m’n daarna, als in de verbeelding van toen: de dood, & haar afscheids/smeekbrief van Pim.
Pim. Misschien wel m’n eeuwige schuld. Hoewel ik dat toen niet (meteen) zo zag. Wel voelde. Want alles voelde/
Je kijkt een film. Een serie liefst. Doet vergetelijkheden. Want dat werkt.
Of anders: lees je een boek.
Vanmiddag.
Tussendoor bomen & verwachte buien. Locatie & tijd. Aanwezigheid & vertrekken. Berekenen & accepteren.
Zoals dat gaat, gewend is.
Kijkt nog een keer je afscheidsrede na. Die van Pa, die van Ma. Mogelijk nog wat overledenen die je belangrijk genoeg vond (Carel).
Schaamt.
Vervaagt. & Vergeet.
Wil ondanks alles nog wat langer overleven.
Droomt van een bonk tegen de muur, waar boekenkasten de weg daartoe belemmeren.
Typt.
De waarheid moet er uit. Ook waar dat niet mogelijk is. Schrapend, als een rasp om vroegers groente klaar te maken om bereid te worden. Door Ma opgedragen. Oma nog strenger.
‘Doe eens je best, of anders ga je maar de afwas doen!’
Waar geen afwas was, want die moest nog komen; de tafel nog niet afgeruimd. Net als dat ik nog niets wist van de grote borsten van Annet. Slechts enkele jaren, veel te snel voortvarende jaren later wel.
Een wereld nog te verkennen, maar ondanks preken, de volgende dag redelijk onbezorgd.
Ik wist bovendien nog niet dat jongens ’t 1 zeiden, de vrouwen ’t ander. M’n vader zich niet druk maakte na een lange dag, m’n moeder ons taken toebedeelde.
Voor de vrede. Voor haar te ontlasten.
Waar de wereld paste. Wat evengoed wel zo leek te zijn, maar gedurende de voortgang steeds weer werd ontkracht. Ik mocht bijv die prachtige borsten van Annet aanraken, maar een week later was dat weer verboden.
De wereld is moeilijk om te leren. De wereld zal daar ook niet mee ophouden dat te doen,
Maar dat is mens. Dat is wat ik denk te beseffen. Dat is mens, een verlangen, een wens van sprookjes, maar plots onvervulbaar.
Er is nog een massa van hemelkloterig interessante dieren die minstens zo interessant zijn & niet naar tieten (maar wat dan?) kijken, denken, vermenigvuldigen, ons voorbijgaan in hun levensdrang.
Maar hoelang nog in Zijperspace…