Je knikt, maar zegt liever gedag. Als in ‘Hai’, ‘Hallo’ of ‘Goedendag’.
Ja, dat gebeurt met hoofdletters. Anders kan ik niet. Tenzij de passant mij negeert. Soms niet erg. Met sport bezig, een koptelefoon, een hond die aandacht nodig heeft.
‘Sorry,’ zei ik vanmiddag omdat ik de groet van 2 dames niet meteen had beantwoord, ‘ik moest 1st de hond gedag zeggen.’
‘Ja, natuurlijk,’ zeiden ze bijna synchroon, ‘heel belangrijk.’
Een eeuwige glimlach maal 2.
Voor de rest lees ik meestal door. Hef m’n hoofd als ik een geluid van een mogelijke volgende voorbijganger hoor, ga dan door, plaats m’n vinger strak op de plek waar ik ben gebleven, totdat de volgende groet geplaatst kan worden.
Een engelstalige man sprak me van de week aan.
‘You always seem to sit on this spot.’
Zo vriendelijk dat hij mijn aanwezigheid hier niet zomaar voorbij wil laten gaan. Zoals meer mensen doen, maar bekeken op een dag van hooguit 3 uur valt ’t mee. ’t Is rustig hier. ’t Zijn vooral bomen met daartussendoor voorbijgaande fietsen. Ook op dit voetpad. Plus dan de wandelaars plus honden.
Ik legde de man uit dat mijn keuze afhing van de zon. & Dat ik daarbij kon kiezen uit minstens 4 banken. In decent English, hoewel hij m’n nederlands ook verstond.
Laatst zaten we hier met z’n 3-en op een rij. Allemaal lezers. Misschien waren ’t er wel meer; ik weet dat er minstens 6 banken op een krommende lijn staan hier. Je hebt hooguit zicht op 3.
Ik was klaar met lezen. 2 Bier op, 1 borrel. Pakte weer in & stapte op m’n bakfiets.
Maar kon ’t niet laten om te stoppen bij ’t bankje waar ik m’n carrière als lezer hier was begonnen, nu bezet door 1 van de andere lezers.
‘Leuk hè,’ zei ik, ‘3 lezers op rij op een bankje hier. Heb ik niet eerder meegemaakt.’
Zij las Marx. In ’t engels. Waar ik me al verschrikkelijk moet concentreren bij NL-boeken. Constant afgeleid.
Maar juist daarom zit ik hier graag. Bomen, groen, rust.
Evengoed klapten we elkanders handen op zeker moment in ons gesprek. Wat niemand je dan meer af kan nemen. Een moment, een verlangen dat nog een keer mee te maken, maar weten dat dat zelden is. Elkaar herkennen uit een doorgaans miljoenensamenleving.
Weten dat wachten op een volgende ontmoeting waarschijnlijk toch niet komt.
Dat gebeurt hier op banken. Je weet meestal niet wanneer, maar ’t vindt keer op keer plots in de tussenliggende stiltes plaats.
Met tussenpozen dus, dat wel. Maar daar hebben ze boeken & geduld voor uitgevonden. & Mensen die je niet zou verwachten.
Daar blijken er best veel van in dat meest rustige plekje van Zijperspace.