Zesenvijftig

Ik wilde een speech houden vandaag. Al meer dan een maand geleden aangekondigd. ’t Moest iets speciaals worden, na 14 jaar m’n verjaardag niet gevierd te hebben.

Dat laatste lag aan m’n broer. Die van 1 jaar ouder. Waarmee ik m’n gehele jeugd een slaapkamer deelde tot hij ’t huis uitging.
Ik heb nog een tijdje bij hem ingewoond, toen hij was gaan samenwonen met zijn latere vrouw. & Toen ik een beetje gek geworden was.

Maar goed, jaren later, er moeten minstens 16 jaar tussen zitten, ik had gestudeerd, dronk & verkocht bier, vader was net een jaar aan Parkinson bezweken, had hij besloten om midden in de nacht ermee op te houden, of in ieder geval zijn hart.
Ik had ‘m inmiddels al veel te verwijten. Hij was in mijn ogen een knorrepot geworden, iemand die anderen de maat nam.
Nu had ik nog iets extra’s om hem kwalijk te nemen.

Dus mijn 15.000e verdagdag op 5/5/5 was ’t laatste feest in een 41-jarige traditie. Daarna was mijn verjaardag vooral rouw.

’t Was dus wel eens tijd voor een speech, zeker nu ik een volkstuin van redelijke omvang had verworven met Tineke.
Ik zag me al op een tafel of andere verhoging staan, de tekst in m’n handen, mijn stem galmend als een volleerd barman die mensen maant naar hem te luisteren, zoals ik natuurlijk nog altijd voor velen ben.

Een man of 25-30 zouden mij aan hebben gehoord vanmiddag.
Nu komen er 2 langs om me te helpen met ’t bouwen van een houtwal en/of wat lichtere klusjes. We zullen samen lunchen, een biertje drinken, afstand houden & de felicitaties krijg ik in de vorm van een hug van een ex-corona-patiënt & een luchtkus van iemand die dat niet zo graag wil worden, laat staan dat ze haar moeder ermee wil besmetten.

Die speech komt nog. De tekst is al jaren geleden geschreven. We streven nu naar 28 mei. Dat is de datum dat ik officieel 25 jaar ‘in ’t bier heb gezeten’.

Ik vermoed dat niet veel aanwezigen de strekking van de speech zullen begrijpen, dat is wat ik alvast voorspel. Als ze maar begrijpen hoe ik verschrikkelijk autistisch (besef ik me inmiddels) verliefd ben op woorden. Voor anderen zijn ’t heel simpel gerangschikte letters, woorden, zinnen, teksten vormend. Voor mij zijn ’t dans- & zwelgpartijen, ze verschijnen me in donkerbruine tot zwarte teinten of dwarrelen als vrolijke veertjes op me neer. ’t Is getrommel van mijn vingers over ’t toetsenbord, onbevreesd slaan ze de maat van wat komen moet, met de onvoorspelbaarheid van de hoek om bij de volgende dwarsstraat, trillend van zenuwen dat ze amper de juiste letter nog kunnen vinden, m’n hoofd leegzuigend op zoek naar ’t juiste woord, van bergen & dalen zogezegd, maar waar er dus vooral een onmogelijkheid heerst om niet in uitbundigheden te oreren, zwetsen of plots prevelen.

Vandaag in alle stilte.

We zijn in ieder geval alweer 15 jaar ouder in Zijperspace, wellicht de rouw voorbij.

6 Antwoorden op “Zesenvijftig”

  1. ‪ik wil gek genoeg dat tijd een vloeiend iets is, terwijl we het juiste afbakenen met zulke harde waarden… een verjaardag lijkt daar het ultieme voorbeeld van, ik heb al jaren moeite met die een markering van tijd – desondanks een vooral zeer vrolijk gefeliciteerd! – maandag mag ik -‬

    1. Ik hou juist van ‘momenten’. Enerzijds om enige betrekkelijkheid van ’t bestaan te duiden, anderzijds, hoe tegenstrijdig ook, om ’t bewust zijn te vieren. Als een soort troost voor ’t weten dat er slechts vergankelijkheid bestaat.
      Ik vier er daarentegen weinig, maar beleef ze daarom vaak van binnen, onbewust seinposten uitzettend van waar ik naar toe ga & terug te kijken waar ik ben geweest.
      Ik waag te geloven dat mens dat nodig heeft. Zolang er maar geen overdrijving plaatsvindt.

  2. Mijn gedachte was (al 😉 zie ik wel 2 redenen om die niet op te schrijven, A) bepaalde krachttermen zijn me van huis uit ernstig verboden 😉 en B) complimenten zijn vaak Moeilijker te verwerken dan kritiek ;’-) Maargoed: mijn gedachte was dus: J*z*s wat goed geschreven!

    Ook omdat er dingen in voorkomen die ik in mijn eigen leven ken, waarvoor ik zelf geen woorden zou kunnen vinden. Maar ga nu vooral niet over je woorden nadenken, precies zoals je het schrijft, ook zo’n zin als in je reactie hierboven “…onbewust seinposten uitzettend…” — daar kan geen boekenkast vol hoogdravende literatuur tegenop!

    1. Ik heb alles gedaan wat jij me, zonder ’t daadwerkelijk te zeggen, juist opgedragen had niet te doen. Dus 3 x m’n post opnieuw gelezen, 5 x naast m’n schoenen gelopen, 8 x nederig gevoeld, etc…
      Maar ik denk dat je vertrouwen in me moet hebben aangaande de schouders die deze complimenten aan kunnen: ik weet ondertussen dat ik vooral mezelf moet blijven wil ik trots kunnen zijn op wat ik schrijf. ’t Moet nergens op lijken, behalve op dat wat ik voel & ben.
      Oeps, dat wordt dan weer te zweverig.
      Waar ’t op neer komt is dat ik gewoon niet al te veel moet nadenken als ik schrijf. Dat ik die stroom moet laten gaan, achteraf m’n fouten bekennen, corrigeren, dan pas publiceren & daarbij vooral niet de voor anderen onlogische woorden weg moet wassen, want die zijn mijn, mijn alleen.
      Thx.
      Ook voor de flapstaart. 🙂

Laat een antwoord achter aan Nico Antwoord annuleren

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *