nieuwjaarsdag 2005

Eigenlijk doe ik elk jaar ‘tzelfde. Niets ontziend, behalve de vrouwen die zoenen moeten krijgen.
Ik loop een beetje rond, belangrijk te doen. Zet wat glazen bier neer, wens een gelukkig nieuwjaar (‘’t 1e Biertje is van ’t huis’), pak onderwijl de natte viltjes mee, kijk welke groep nu door de deur binnenkomt & controleer of er nog wel genoeg wisselgeld in kas zit.

‘Waarom stop je niet even met werken?’ vraagt Rachel dan. ‘Vanwege je buik?’
Een klein infectietje overgehouden aan nieuwjaarsnacht. M’n darmen rommelen & dwingen me bij tijd & wijle ’t toilet voor een poos bezet te houden.
‘Dat ook,’ zeg ik. ‘Maar ook om andere redenen.’

Ik weet niets anders te doen.
Ik kan wel naast een paar klanten gaan staan, maar na 2 minuten weet ik al niet meer wat ik moet zeggen.

‘Je kunt toch bij een wildvreemde gaan staan,’ zei Jasmijn de nacht ervoor, ‘& dan vragen hoe die hier is terecht gekomen.’
’t Feestje waar ik die infectie had opgelopen. Als ’t een infectie was.
‘Ja, zo begon die Masja van daarnet ook tegen mij,’ reageerde ik. ‘Ze vroeg wie mij had uitgenodigd.’
‘Dat kan jij dan toch ook?’
‘Nee, dat kan ik niet. Ik vind alles al voorspelbaar voordat ’t uit m’n mond gekomen is.’

Rachel heeft gelijk. We werken tenslotte met z’n allen op 1 januari.
‘Je kunt toch wel even pauze houden?’
‘Nee, dan ga ik nadenken.’
Dat had ik moeten antwoorden.
Ik zei in plaats daarvan: ‘Nee, dan voel ik m’n buik.’

& In plaats daarvan schud ik alle mannenhanden & zoen alle vrouwenwangen. Ik keer me om & de volgende staat alweer klaar. Ik stel me voor dat ze zich gevleid voelen als ik zoen & schud.
Belangrijk & saai. Tegelijkertijd. Gelukkig weet ik ’t zelf.

& Af & toe krijg ik een aai over m’n wang. Een aai van ‘jij bent gek’ & ‘ik mag je wel’ tegelijk. Ik zie ’t in de ogen van degene die me aait.
Dan ben ik blij dat ik niks hoef te zeggen. Stoer keer ik me om, ik beeld me in dat ik me stoer omdraai, steek m’n duim op, & parmantig prompt houd ik ‘m omhoog. Guitig lippen tuiten.

‘Ze’ laten me maar gaan. ‘Ze’ zijn ’t inmiddels gewend. ‘Ze’ zien ’t al 9 jaar. ‘Ze’ zijn gewoon dat ik ietwat beperkt ben.
Daarom blijf ik nog een tijdje. Wil ik nog wel een paar nieuwjaarsdagen met ze meemaken. Ik voel me veilig tussen hen. & Wat veilig is, dat voelt vertrouwd. & Wat vertrouwd is, dat zou niet moeten mogen veranderen.
Af & toe een nieuw jaartje, dat mag nog wel, maar voor de rest alles bij ’t oude.

Een gelukkig nieuwjaar gewenst vanuit Zijperspace.
(Vooral ook aan m’n eigenste eigen reageurs; ik beloof nog weer een jaartje m’n best te doen.)

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.