Twintig min twaalf

Ik heb ’t leeslicht zojuist uitgezet, terwijl ’t buitenlicht nog wel even blijft schijnen. Die laatste moet z’n werk blijven doen tot ik besluit naar bed te gaan. M’n uv-bril ligt in de keuken klaar voor een laatste inspectie. Hoewel m’n hoop op een pijlstaart in m’n tuin al lang geleden is vervlogen. Lang geleden, in ’t perspectief van 3 jaar vlinders met ledlampjes lokkend.
’t Blauw dat door de gordijnen glinstert knikt bevestigend.
Ik mag verder.

’t Is 20 jaar geleden straks, 24 uur scheidt tóen nog slechts van ’t moment nú. Plus die 20 jaar dus, voor de mindere verstaander.
Daar reken ik mezelf toe, als ik dit had moeten aanhoren. Ik was onderweg dit relaas waarschijnlijk al ergens tijdens m’n eigen weg van van tevoren ingenomen veronderstellingen linksaf geslagen, terwijl de logica toch echt een doorgaande weg rechtdoor had aangewezen. Alle pijlen stonden die kant op, maar m’n in m’n leven vanzelfsprekende onrust had alvast linksaf afgetast & aangezien ’t daar er helemaal niet verkeerd uitzag, een pad vol mogelijkheden, vooronderstelt dat dit bij rechts & rechtdoor vast niet ’t geval zou zijn. ’t Verhaal klonk zo al mooi genoeg.
Of verontrustend, zo u wilt. Voor hen die niet behept zijn met deze vaag omschreven afwijking. Maar onderhuids alhier constant aanwezig.

Morgen 20 Jaar plus 24 uur geleden deelde ik via een vroeg chatmedium aan m’n vaste middernachtelijke contact mede dat ik een blog zou beginnen. Waar we toen nog, hier in dat kleine clubje in nederland dat zou kunnen begrijpen wat ik bedoelde, ‘we’ voor plaatsten: een weblog.
‘Zou  je dat nou wel doen?’ werd gevraagd.
Ja, dat zou ik wel doen.
Ik wist alleen nog niet zo goed hoe.

Voordat je een film begint, zelfs docu’s hebben hier mee te maken, dien je een script te kunnen overleggen. Zonder dat is er weinig vertrouwen in welslagen.
Aangezien er nog geen script voor blogs was uitgevonden, begon men gewoon. & Dan maar kijken waar ’t strandt.
Of anders: hoe ’t zich perongelukkerwijs voort lijkt te zetten. De formule, script zo men wil, als van een documentaire die de ontwikkelingen volgt & z’n (sub)script daarop aanpast.

Mijn subscript heeft zich behoorlijk aangepast, natuurlijk vooral in die beginfase, & zich ondertussen (misschien wel lang geleden, zou men kunnen zeggen) verankerd in een lofzang van ’t zelf, specifiek: mijzelf.
Waarbij men dat toevoegsel ‘lof’ waarschijnlijk wel kan schrappen.
Hoewel ik daar tegelijkertijd bij hoor te verzuchten: wie ben ik om dat te bepalen?
Maar dat ‘zelf’ best met hoofdletters geschreven zou kunnen worden, daar zijn we ’t vast wel over eens.

Zelf, u bent ondertussen wel bekend met deze uitdrukking, ben ik van mening dat ik vooral gepoogd heb dit weblog ‘literair’ te maken.
Aangezien ik geen ander constant onderwerp wist waar ik ook maar enige literaire waarde uit te voorschijn kon toveren dat zich over een langere periode als zodanig zou kunnen doen gelden, dan mijn, ikzelf, ’t lichaam, m’n afwijkingen, m’n stoelgang & de daar aan voorafgaande eetgewoontes (verschillend van maal tot maal), m’n wanen, m’n verliefdheden & de onvermijdelijke burn-out (om maar enkele terugkerende onderwerpen te noemen), heb ik ‘mezelf’ maar als constante aangehouden. Zodat lezers, óf zoals die in de weblogwereld al snel in de tot wasdom groeiende periode tot bezoekers werden gedevalueerd, wisten wat ze aan mij & m’n Zijperspace zouden hebben.

Ik had me voorgenomen om lang voordat ’t punt van morgen, m’n 20e verjaardag, zou aanbreken, in een lange reeks, een thematische serie posts van weerspiegeling, bezinning, viering & mogelijk zelfs terugzien op ontwikkeling, als een continue vooraankondiging van ’t jubileum (niets zo leuk als de voorpret behalve dan een stevige ejaculatie) aan te kleden.
Maar aangezien ik niet wist wat ik daarna moest doen, m’n script was weer eens niet bijtijds af zeg maar, heb ik door uitstel, constante uit- & bij twijfel afstel, besloten om ’t er op neer te laten komen dat ik de komende 24 uur 12 posts vol ga schrijven.

Ik zie wel wat ’t toetsenbord daar van kan breien.
Ik heb er alle vertrouwen in, want hij & z’n voorgangers hebben me zelden teleurgesteld.

Laat de woordenvloed in Zijperspace dit tot bewijs hiertoe zijn.

2 Antwoorden op “Twintig min twaalf”

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *