Vader-aan-Moeder-brieven (VI)

Brief gestempeld op 19 mei 1952, z’n 1e brief na vertrek uit Nederland. Waarschijnlijk verzonden in Gibraltar. Dat zou ik misschien kunnen zien aan de postzegel, maar ik heb zojuist bemerkt dat die er niet op zit. Van de voorgaande enveloppen tonen 2 voorbedrukte postzegels. Die waren bij thuiskomst niet interessant voor de verzameling die m’n vader toen blijkbaar al had aangelegd. De andere enveloppen missen allemaal een hoek aan de voorkant.
Zou m’n moeder ze hebben afgescheurd om ’t m’n vader te geven bij thuiskomst?

Doet me gelijk bedenken dat ik eigenlijk niet weet wanneer hij gestopt is daarmee. Met Parkinson was dat natuurlijk niet meer te doen, maar ik was er niet bij toen hij er uiteindelijk geen aandacht meer aan kon besteden. Waarschijnlijk een geleidelijk proces van verminderde aandacht, van steeds minder kunnen & uiteindelijk bestonden ze misschien niet meer voor hem.

Hij babbelt over z’n bezigheden aan boord. Dat ’t hard werken is, hij enkele hutten toegewezen heeft gekregen, & hoe hij bij de maaltijd elke dag een vol bord krijgt, waarbij je laat staan waar je minder trek in hebt.

M’n vader heeft onderweg naar Santiago de Compostella een verslag bijgehouden. Natuurlijk heel belangrijk dat iemand zoiets doet. Voor zichzelf. Maar ook voor ’t nageslacht.
Hij maakte er dan ook kopieën van, bundelde ’t & gaf ’t aan z’n zoons.
Waar ’t ergens hier in huis staat, ben ik kwijt. Wat ik ervan toentertijd heb gelezen, stelde me qua stijl een beetje teleur.
Maar nu ik z’n brieven aan m’n moeder lees, krijg ik ’t idee dat hij niemand had om zijn pelgrimage-wederwaardigheden aan te richten. Dat was meer een reis in zichzelf, voor zichzelf. De brieven dienen om met m’n moeder te communiceren, de praatjes op een bankje in Den Helder te vervangen.
& Die taal spreekt-ie, is hem vertrouwd. Hij was al jaren kind aan huis bij de familie van m’n moeder door z’n vriendschap met haar broer. Ze waren al naar elkaar toegegroeid. Dat hoor je in die brieven, zo ook in deze 1e.
Maar bij ‘Hou je taai […]’ aan ’t eind moet ik toch even nadenken of dat een gangbare uitdrukking was richting je vriendin.

Moet nadenken of dat ooit heeft geklonken in Zijperspace.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.