2e dorpsgek

De Postbode was een cult-held, in beperkte kring. Vooral bij mij op de middelbare school, ’t Joco, & dat dan ook nog onder een kleine groep. De groep die, zogauw ’t weer ’t toeliet, bij Joop Laan ijs ging halen.
Bij Joop ijs halen was een begrip. Tijdens de pauze stond-ie al met z’n karretje bij onze school goede zaken te doen. Maar voor de echte liefhebber was dat tussen-de-middag-ijsje nog niet genoeg.

‘Hé, wat gaar jij heen?’
‘Naar de stad.’
‘Wat ga je daar doen?’
‘Wat denk je?’
‘Ok, dan ga ik mee. Ik ben wel weer aan een Joop toe.’

De Postbode liep regelmatig door de Spoorstraat. Waarin, naast ’t kantoor van de Heldersche Courant, ’t terrasje van Joop was gelegen, maar dan aan ’t andere eind van de straat.
De Postbode stelde zich daar op de hoogte van ’t wereldnieuws bij de Heldersche Courant, waar de laatste editie in ’t raam stond geëtaleerd. Al mijmerend daarover wandelde hij dan door de Spoorstraat. & Als ’t ‘m teveel werd, begon-ie er plots commentaar op te leveren. Midden in de straat, tegen niemand in ’t bijzonder, tegen de wereld in z’n geheel.

Hij was gekleed in een oude postjas. Zo’n zware leren jas, waar geen spettertje regen doorheen kon komen & die reikte tot de knieën. Waarschijnlijk heeft-ie ook wel bij de PTT gewerkt, maar hij werd vooral vanwege z’n postjas de Postbode genoemd.
Hij was oud aan ’t worden, inmiddels al over de 70, & hij begon steeds meer in z’n eigen wereld te leven. Hij leek niet door te hebben dat de winkelstraat ook bevolkt was met andere mensen. Hoewel z’n gedrag wel zo opportuun was dat hij zich met z’n tirades tot een toevallige passant leek te richten.

Z’n commentaar ging vaak al snel over in een scheldkannonade op de heren politici & had als strekking hoe verdorven de ‘huidige’ maatschappij wel niet was.
De gewone burger liep met een boogje om hem heen, vanwege de aggressie die hij dan uitstraalde. Bij de Joop-gangers was ’t juist een uitdaging hem nog wat uit te horen. Een enkeling ging zelfs zogenaamd met ‘m in diskussie.

& Juist als-ie zwijgzaam passeerde:
‘Hé Postbode, wat vind je nou van ’t kabinet? Wordt ’t niet ‘ns tijd dat ’t kabinet valt?’
Waarna we een kwartier lang konden genieten van zijn beschouwingen op dat ‘uitschot’, waarbij de spetters net niet de beker Joop bereikten.

Eric heeft uiteindelijk een foto van ‘m genomen. De Postbode heeft er echt voor geposeerd, dat kon je zien aan ’t resultaat. Hij stond er mooi op, zonder de aggressie van z’n uitspattingen. Met z’n leren jas & z’n alpino-pet. Tevreden lachend.

Na die foto was-ie plots uit ’t straatbeeld verdwenen. Waarschijnlijk overleden.

De Spoorstraat is nooit meer er bovenop gekomen. Heeft z’n allure geheel verloren. Ook al bleef Joop z’n ijs maken.

We missen de levendige beschouwingen in Zijperspace.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.