ehoiai (dl g)een moderne ‘catalogus van vrouwen’ in 26 letters

Of zoals Mara op zich liet wachten terwijl iedereen al op ’t feestje aanwezig was.

Er zijn feestjes waar familie bij aanwezig is & feestjes zonder hen. Ben je voor ‘t 1st aanwezig op een feest van ’t laatste soort, dan heb je een stap richting onafhankelijkheid gemaakt.
Zo voelde dat. Zo was ’t ook. Behalve dan op ’t moment dat ik bij m’n moeder ter rade moest over wat voor cadeau ik dan aan de jarige Suus zou kunnen geven.
‘Mannen gaven ons vroeger zeep,’ zei m’n moeder, met de beste bedoelingen, ‘of een lekker geurtje.’
Maar er was een nogal groot verschil tussen zeep, die ik van m’n moeder meekreeg toen de kleuterjuf jarig was, of een geurtje, dat ik pas aan een vrouw heb durven geven toen ik ’t gehele aroma van haar lichaam had opgesnoven.
Zover was ik nog lang niet & Suus was nog niet m’n kleuterjuf & zou ’t ook nooit worden.
Ik wachtte immers op Mara, die maar niet wilde komen.

‘Of je geeft een ringetje,’ ging moeders advies verder.
‘Ik ga toch niet trouwen,’ was mijn reactie.
‘Of een kettinkje.’
‘Dat is verwijfd.’
‘Of een boek.’
‘Daarvoor gaat ze naar de bieb.’
‘Anders een fles wijn,’ zei m’n moeder ten einde raad.
Ze was waar ik ook al dagen was. Vanaf ’t moment dat ik de uitnodiging voor m’n 1e volwassen feestje had aanvaard.

Hoe volwassen waren we al, dat we op de zolderkamers onze feestjes vierden, daarbij aangemoedigd door ouders die naar boven schreeuwden dat de muziek toch ook wel wat zachter kon.

Ik belde aan & een vrolijk lachende Moeder Suus dirigeerde me vervolgens naar boven, 2 trappen op.
‘Je jas kan je wel op de vliering laten.’
& Daar aangekomen stond ik voor een gesloten deur, waar achter vandaan een geroezemoes van een geheime club weerklonk. De geheime club die ik ’t jaar daarvoor nog met m’n jongere broertjes had gespeeld, met geheime spelonken, geheime hutten, geheime dozen & geheime geheimzinnigheden.
Die tijd was ik nu lang voorbij, besefte ik toen ik plots de gitaar van Remco boven al ’t smoezen uit hoorde komen. Zijn hese zangstem begon een liedje van een met-z’n-allen-om-het-haardvuurbandje & de zachte stemmen slonken nog verder weg.
‘Mag ik hier wel middenin vallen?’ vroeg ik me af. ‘Zou Mara dan nog wel zien dat ik ’t ben die binnen komt?’

Maar Mara kon niets zien, omdat ze nog niet aanwezig was.
Suus zag me wel. Die zag weer een bevestiging van haar ongekende populariteit. Een populariteit die haar kamer had volgepropt met volwassenen, die nog maar net geen kinderen meer waren geworden, luisterend naar een haardvuurband van 1 persoon.
Ze sprong op & liet zich verlegen zoenen, waarbij ik de verlegenheid onderging & zij de rest.
‘M’n moeder zei dat ik zeep moest kopen,’ legde ik snel bij overhandiging naar waarheid uit, voordat ze niet meer naar mij zou luisteren, ‘& toen zei ze een geurtje, of een ringetje, of een kettinkje, dat zei ze allemaal, waarop ik reageerde dat ik toch zeker niet zou trouwen. Dus zei ik dat ik wel iets anders zou gaan kopen & kocht toen dit boek.’
Terwijl Suze ’t in haar handen nam, uitpakte wat ik allang vergeten was wat ’t eigenlijk zou kunnen zijn, keek ik in ’t rond op zoek naar Mara.
Alle 20 volwasssenen, de jeugd ontgroeid, keek ik kort in de ogen, hun silhouet in ’t donker van een slecht verlicht feestje inspecterend op iets Mara-achtigs. Maar Mara was nog steeds niet 1 van hen.

Toen Mara eindelijk op de vliering stond, we konden ’t allemaal horen, want Moeder Suus had de muziek uiteindelijk uit gewild, de gitaar van Remco ook de mond gesnoerd, & toen ze van die vliering door de deur in ’t selecte gezelschap van op elkaar gedrukte lichamen zich bevond, toen had ik er al genoeg van.
Ik had genoeg van de hele avond m’n mond te houden. Te moeten wachten op een belofte van een avond samen. Ik was zat van de ontelbare kommen thee die ik leeg gedronken had om te tonen dat ’t gezellig was, terwijl ik eigenlijk in afwachting was van de herhaling van de zoen, die ene zoen, die ik de avond ervoor van Mara had ontvangen, uit dank voor ’t feit dat ik een uurtje met haar over René had willen praten. Waarbij haar tong plaatsvervangend die van mij had gevonden.
Plaatsvervangend, zo wist ik nu, want Mara zei dat ze opgehouden was. & Dat ze daarom ook geen cadeautje had.

Ik wilde geen leugens meer ontmoeten in Zijperspace.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *