over vrouwen

Niet alles is waar. Zeker niet in de stukjes over de vrouwen in m’n leven. M’n ‘catalogus van vrouwen’.
Ze hebben allemaal geleefd, hebben allemaal deel van mijn leven uitgemaakt, onder andere namen, maar niet zo letterlijk als ik in die verhalen wil doen geloven.
Ze zijn fictie geworden.
De verhalen beschrijven vooral wie ík ben. Op dit moment. & Een heel klein beetje beschrijven ze hoe ik zo geworden ben. Waar ik vandaan kom. Waar ik linksaf geslagen ben & welke kruising ik niet genomen heb.

Niet dat ik nu de pret wil bederven van de mensen die met veel genoegen gedacht hadden deelgenoot te worden van m’n leven, mijn persoonlijke historie; ik wil ’t slechts in een perspectief van een bepaald waarheidsgehalte zetten. Om eigenlijk aan te geven dat ik een stap verder ben.
Hm, wat hoogdravend, denk ik er meteen zelf al bij. Wat hoogdravend om van jezelf te zeggen dat je een stap verder bent. Een goedkoop cliché ook.
Maar tegelijkertijd geeft me dit wel de mogelijkheid om te vertellen waar ik zelf op dit moment denk te staan. Dan maar voorspelbaarder zijn dan dat ik ooit verwacht had te zijn. Tot mijn o zo schijnheilige schande.

Momenteel kost ’t me steeds meer moeite om m’n stukjes te schrijven. Ik heb dagelijks last van plankenkoorts, dagelijks gebeurt ’t me dat ik bang ben te maken te hebben met ‘t definitieve writers block. & Telkens weer maak ik me zorgen over m’n mogelijkheden of ik wel kán schrijven & zo ja, of ik wel genoeg onderwerpen heb. Is ’t niet ondertussen zo dat ik mezelf allang al aan ’t herhalen ben?
Opgelucht haal ik adem als er toch weer, 2 of 3 keer in de week, op een gegeven moment een stukje op Zijperspace staat. Al dan niet van een zekere kwaliteit waar ik tevreden over kan zijn.

& Toen begon ik aan ‘Ehoiai’, een ‘Catalogus van vrouwen’.

Ik wist meteen dat ik ’t juiste onderwerp te pakken had. Ik wist dat ik hier de komende tijd mee uit de voeten zou kunnen. Niet alleen omdat ik aardig wat vrouwen heb gekend, maar ook omdat ik niet altijd even fatsoenlijk met ze ben omgegaan. Vaak ook ben afgewezen. Als ik dat niet beter kan omschrijven als ‘heel vaak’.
Ik heb menigmaal kniediep, of soms wel tot borsthoogte, in de drek van een stilstaande sloot gestaan. Kroes van m’n hoofd af druipend omdat ik koppie onder ging toen ik over wilde steken.
Er zitten emoties in, in die gebeurtenissen. Emoties die zijn gaan vastroesten in m’n herinnering. Er zitten bruine plekjes aan, daar in m’n geheugen, plekjes die in de loop van de tijd zijn verdwenen, waar ik blijkbaar geen aandacht aan heb besteed, die ik niet meer wil zien. Ook niet meer kán zien, omdat ze gewoonweg verdwenen zijn.
Maar des te intenser een bepaalde emotie, des te makkelijker de gebeurtenis op te roepen is. Zeker als je geheugen die emotie ’t allemaal zo veranderd heeft dat ’t ging passen in ’t later leven.
Niets zo bedrieglijk nl dan je eigen geheugen. Dat ook tegelijkertijd.

Op de middelbare school was ik als enige jongen onderdeel van een groepje dat zich altijd tijdens de pauze op dezelfde plek verzamelde. Een vanzelfsprekendheid. Niemand die ’t raar vond. Ikzelf wel ’t allerminst. Ik denk dat ik me zelden in m’n leven zo op m’n gemak gevoeld heb. De schooltijd bestond eigenlijk niet uit lessen, maar hoe je je tijd doorkwam tussen de lessen door. Die meisjes dus, dat was m’n leven.

Zo is ’t gebleven. Als ik niet alleen ben, da’s dus veruit ’t grootste gedeelte van m’n tijd, heeft ’t leven pas zin met een vrouw om me heen. Nadeel is dat ’t steeds moeilijker wordt om zoiets te voegen in de gewoontes die inmiddels ingesleten zijn.

Ik moet niet te veel afdwalen. Ik had ’t over Ehoiai.
‘t Waarom lijkt me wel duidelijk genoeg, meer hoef ik daar niet over te vertellen. Alleen ’t waarom van ’t waarom: hoe kom ik erbij om er verantwoording voor af te gaan leggen?

Omdat ik gelezen wil worden. & Een leuk trucje dacht bedacht te hebben om wat extra lezers naar me toe te trekken. ’t Was ook wel ‘ns tijd dat ik voor me zelf opkwam.
Dat liep een beetje uit de hand. Niet iedereen vindt dat je zomaar aandacht voor jezelf mag opeisen. Daar moet 1st een grondige uitleg tegenover staan.
Dus na een 1e mailtje, volgden nog veel meer mailtjes. Uitleggen hoe ik in elkaar zit, uitleggen waarom ik bepaalde keuzes heb gemaakt, uitleggen hoe ’t zo gekomen is.
& Vervolgens valt ’t stil.

Ik heb geschreven. Een aantal verhaaltjes, die niet de volledige waarheid bevatten. Alleen de waarheid die ik me voor kan stellen. Die zich ’t best laat vatten in een stuk tekst. Zodat ’t voor iedereen, of bijna iedereen, te behapstukken valt.
Nu wacht ik op mensen die ’t me gunnen dat ik niet meer door een klein groepje gelezen word.
Ik heb daar zelf, weliswaar kleine, pogingen voor ondernomen, maar ik merk dat die pogingen te vermoeiend zijn. Te slopend.
Daar heb ik dus geen zin meer in.
Slechts nog 1 oproep:

Mocht er een vrouwelijke weblogger zijn die 1 van m’n verhalen binnen die Ehoiai linkmatig wil sponsoren, laat zij zich dan melden. Misschien dat zij ook vindt dat mijn teksten vaker gelezen moeten worden.
Ik schrijf ondertussen verder. Ongeacht wat anderen denken & beweren. Nog 20 vrouwen te gaan.

Zijperspace moet tot de nok toe vol staan straks, van binnen leeg.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *