gefloten

Op een gegeven moment heeft iemand tegen me gezegd dat ik een scheef fluitje had. M’n lippen stonden scheef, of zoiets. De opmerking werd een beetje op de oppervlakte gehouden, waarschijnlijk omdat de persoon in kwestie plots tot ’t besef was gekomen dat ’t beledigend kon overkomen. Zeggen dat iemand misvormd is.
Ik ben thuis voor de spiegel gaan staan. Ben gaan fluiten. & Keek ondertussen zorgvuldig naar wat er in m’n gezicht gebeurde.
Hij stond scheef. M’n fluitje. ’t Gaatje tussen m’n lippen zat links van ’t midden, voor de spiegel rechts.
Ik probeerde ‘m te verplaatsen. M’n lippen anders te krullen. Maar er kwam dan geen geluid uit. M’n lippen waren zo gebouwd dat ik een scheef fluitje had.
Voortaan liet ik niet meer zo makkelijk m’n lippen zien als ik aan ’t fluiten was. Ik floot er niet minder om, ’t werd alleen iets meer van mezelf.

M’n vader floot achter ’t stuur. Tijdens Roger Whittaker, onderweg naar Zwitserland of Luxemburg. Hij floot een beetje van onder z’n bovenlip. Je zou bijna de luchtstroom over z’n onderlip kunnen zien stromen. Een hese fluit, door de grote luchtverplaatsing, maar wel scherp. Onderwijl trommelde hij met z’n vingers op ’t stuur. Aan ’t eind van ’t nr 2 keer met z’n duim. Z’n rechterduim. Dan was ’t stil tot ’t volgende nr begon.
Wij keken mee, vanaf de achterbank. Als Pa floot, dan was ’t goed.

Of hij floot ons. We wisten bij een bepaald wijsje, 3 opeenvolgende toonhoogtes, luid over straat, boven ’t rumoer uit, dat we ons moesten verzamelen.
Pa floot: wij keken om. Onmiddellijk. Ma ook trouwens.
Tijdens de intocht van de Nijmeegse 4-daagse, 1000-en toeschouwers langs de kant, wist-ie zodoende m’n aandacht te trekken. Ik keek om, verzette geen pas meer, hij moest ergens zijn. Hij floot nog een keer. Toen besefte ik pas dat ik door ’t fluitje geroepen was. Ik ontdekte m’n ouders tussen de menigte. 3e Rij van een dikke bundel mensen.

‘Heb je ‘m weer in de vuilnisbak gevonden?’ vroeg m’n oma.
‘Wat gevonden?’ vroeg ik.
Waarna ze naar m’n moeder lachte. Ze wisten waar ze ’t over hadden, maar ze lieten mij in ’t ongewisse. Ze hadden een complot, met z’n 2-en, zo keken ze.
Dan streek m’n oma me door m’n haar. Ze legde haar arm om m’n hoofd, trok me naar zich toe. Lachend. M’n hoofd werd door haar omhelzing onder haar ellebogen verpulverd, maar ze lachte dat liefkozend recht. Ik stond scheefgetrokken, hoofd in de bankschroef van Oma’s armen, me af te vragen wat die vuilnisbak nou met deze uitbundigheid te maken had, maar liet ’t begaan.
‘Ben je ook een fijne jongen,’ zei ze & gaf nog even een ferme aai over m’n wang.
‘Maar wat is er nou met die vuilnisbak?’ vroeg ik, me nergens van bewust, zelfs niet van angstvallig geheim gehouden kattenkwaad.
‘Of je je fluitje weer teruggevonden had in de vuilnisbak,’ legde m’n moeder uit.
‘Nee, ik fluit met m’n mond,’ wilde ik trots uitleggen, maar besefte bijtijds dat ik in de maling werd genomen.
Ik dacht dat ’t te maken had met de scheve mond die ik trok bij ’t fluiten.

Ik floot.
Vroeger zei ik: ‘Ik fluitte.’
Dat klonk veel logischer.
Ik fluitte overal & altijd. Met m’n scheve mond. ’t Scheve fluitje tussen m’n lippen.
Maar ik fluitte vooral als ik aan ’t wandelen was. In Zwitserland of Luxemburg. Voorovergebogen kijkend naar de volgende pas, de volgende steen.
M’n neef zei, ik denk tijdens een wandeling in Zwitserland, we daalden een berg af die we niet tot aan de top hadden kunnen bewandelen, omdat m’n vader de kaart verkeerd geïnterpreteerd had; m’n neef zei: ‘Jij fluit altijd.’
‘Wat bedoel je?’ vroeg ik, uit m’n fluitbezigheden afgeleid.
‘Dat jij altijd fluit,’ zei hij nog een keer. ‘Fluit je omdat je vrolijk bent, of om iets anders?’
‘Ik fluit gewoon.’
Maar vanaf toen niet meer. Vanaf toen moest er een reden zijn. Een reden waarom er in de vuilnisbak een fluitje zat, waarom m’n lippen scheef stonden, waarom alles goed zou komen als Pa Roger Whittaker floot. ’t Leven liet zich niet meer befluiten met een toevallig deuntje, dat als vanzelf vantussen m’n lippen uit kwam.

Soms ploeg ik de vuilnis om, op zoek naar iets dat verloren is in Zijperspace.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.