Jeweetwel

Zoals elke ochtend dat ik de deur niet uit hoef, eet ik veel te laat. Ondertussen is ’t m’n 3e & leef ik in een ander tempo. Vroeg opstaan helpt niet. ’t Hongergevoel kan ik ondanks zo’n maatregel evengoed uren ontkennen. Ik heb genoeg te doen, word continu afgeleid & vlak voor ik dan toch écht op wil staan uit mijn stoel, besluit ik om te kijken of er nog mail of nieuws heet van de plank klaar ligt.
Wat opnieuw uitstel betekent.

Meestal niets heets dus, plankwijs.
Als je niet precies weet wat de wereld zou moeten horen, vergeet diezelfde wereld dat je ergens anders verkeert. Niet erg, want dan kan ik me concentreren & daardoor lekker zelf dat ontbijt vergeten. Want naarmate ’t uitstel duurt, wordt de hongerroes groter. Je voelt steeds minder, alleen ’t wazige van eerder op de dag wakker te zijn geworden gaat steeds meer overheersen, nogmaals uitvergroot.

Plus al die dingen waar ik me in verdiep. Die krijg ik gratis kado. Ze slepen me mee. Er gaan steeds deuren open, terwijl ik de deuren naar buiten nog hermetischer sluit, om mezelf te laten zien dat er nog veuls te veul vragen zijn die ik nog moet bestuderen & dat er orde geschapen moet worden in mijn overzicht van wat ik begrijp.
Als ik m’n archief van eerder als onbegrijpelijk te boek staande aantekeningen zou laten printen kan ik beter zelf een deugdelijke nieuwe printer kopen.

3 Dagen binnen dus. Zelfbewuste lockdown vanwege neus die loopt.
Terwijl ik denk dat ik misschien wat frisse lucht nodig heb, dat m’n stoffige huis de loop veroorzaakt & dat ik de benen beter geschikt vind die taak over te nemen van de neus, merk ik dat tijdens dat korte uithuizig zijn juist dan de verschijnselen zich in alle ernst voor gaan doen.
En plein public van mensen onderweg naar de Super ben ik dan bewust van elke veeg die ik met m’n hand richting lopend snot geef. Alsof straffen, maar heimelijk zoals ouders hun kinderen in ’t openbaar openbaar proberen terecht te wijzen. Ter voorkoming van openbare wijzende blikken vol verwijt.

Ondertussen gebeurt er veel ondanks mijn gebrek aan beweging. Anderen zitten niet stil & zorgen er voor dat ik begeleiding voor geestelijk kreupelen krijg. Een ‘maatje’ heet één van die mogelijkheden nu gerealiseerd. Die kan straks dan koffie met me gaan drinken. Of een wandelen, kuieren, welk werkwoord ik belief.
Klinkt leuk, uitdagend, of eigenlijk geruststellend, maar dan moet daar halverwege m’n aangezicht eindelijk eens gestopt worden met die vloeibare jeweetwel.
Als je er een zakdoek tegenaan drukt is er niets van terug te vinden. Wrijf je gedachteloos langs de neus dan zit je vinger onder ’t vocht.

Binnenkort misschien een test doen & dan vragen om een schriftelijk bewijs dat ik toestemming heb om buiten te zijn, aangezien ik snot & kriebel toch ook uitlaten moet.

Alsof ’t de huisdieren zijn van Zijperspace.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.