kerstkaart

Ik voelde me evengoed wel schuldig, zittend achter de comp, gespannen richting beeldscherm kijkend, me afvragend wat de oplossing zou zijn van weer een volgende puzzel, maar ondertussen mezelf beseffend dat ik in dezelfde tijd een stukje had kunnen schrijven. Ik had echter ’t gevoel dat ik ff niet anders kon. Ik moest m’n aandacht wel tijdelijk in ’t computerspelletje steken. De druk moest er vanaf. Ik moest weer adem kunnen halen.
Een verslaving is dan makkelijk gevonden. Ook al, of misschien juist wel omdat ’t slechts een verslaving van 2 dagen is.

Ik kreeg een kerstkaart van m’n broer. Van mij hoeft niemand nooit niet een kerstkaart van mij te verwachten, ook al weet ik dat ’t een simpel gebaar is, veel effekt kan hebben. Juist door ’t makkelijke effekt wil ik me er niet meer aan wagen. Ik ben bang dat ’t onecht overkomt. Men mag mijn akties niet doorzien alsof ’t een streven zou kunnen zijn naar makkelijk effekt. Ik ben strenger. Voor mezelf & voor degenen die met mij omgaan. Degenen die mijn akties, mijn gedrag, moeten beoordelen. Men moet weten dat de liefde die ik geef ook echt bedoeld is. Ik ben zo streng dat niemand ook maar iets van die oprechtheid merkt. Denk ik. Maar meer dan denken weet ik niet.
Ik kreeg dus een kerstkaart van m’n broer. & M’n schoonzus natuurlijk. Daarnaast ook hun dochter, maar ik kan me niet voorstellen dat die verantwoordelijk kan worden gesteld voor de tekst.

Dag Ton,
Waarschijnlijk ligt er een moeilijk jaar voor ons te wachten, waarbij Pa en Moe onze steun hard nodig hebben. Jouw blog helpt ons daarbij. Desondanks het beste voor 2003.

Nou moet men weten dat ik me heel vaak een lapzwans voel. Vooral als ik niet meehelp met de afwas aan ’t eind van weer een familie-bijeenkomst. Of dat ik perse vroeg de trein wil nemen, zodat ik weer lekker in m’n eigen huis kan zitten. Veilig, gerustgesteld door m’n eigen omgeving. Of zoals ik in ’t verleden niet de voorstellingen wilde bijwonen van weer een vakantie-film (de hele familie verzameld rond ’t filmdoek, de kamer donker, de projektor zoemend; alle scenes werden becommentarieerd door de grappen van de broers of ’t gierend lachen van 1 van de schoonzussen; als ik een grapje maakte bleek vaak weer dat ik te veel aandacht opeiste; dus kon ik me maar beter opsluiten op m’n kamer).
Waarmee ik maar bedoel dat ik heel graag deel wilde zijn van de familie, veel te graag zelfs. Niemand echter die ’t zo slecht kon als ik.

Ik heb nog nooit zo’n kerstkaartje gekregen als die van m’n broer. Ik werd me opeens bewust van ’t feit dat ik me niet gekweten had van m’n taak. Door zomaar 2 dagen niks van me te laten horen.
Ik heb een bepaalde verantwoordelijkheid. Ik moet me daar bewust van zijn. Ik heb een taak.

Ik at bij m’n bovenburen vanavond. Een kerstdiner voor 4 etages; iedereen in ’t huis was er. Ik had ’t bier meegenomen. M’n buren hadden ’t eten bereid.
Ik praatte. Net zoals anderen praatten. Maar per ongeluk merkte ik dat ik verhalen zat te vertellen. Over m’n oma. Over m’n familie. Over mezelf. Ik kon zien dat ik verhalen zat te vertellen aan de open monden, de lachende blikken op de juiste momenten. & Ik voelde ’t aan de fantasie die ik er af & toe noodzakelijkerwijs aan toevoegde. Anders klopte ’t verhaal niet meer. Was de geschiedenis geen verhaal geworden.

Er ligt een moeilijk jaar voor Zijperspace te wachten.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.