meeliften

Ik stuur een meeltje:
Zeg hé, buren, ik hoor nog wat gerommel hierboven. Dus dacht ik: laat ik maar ff vragen hoe & wat jullie doen. Gaan jullie met de trein of met de auto? Is er een mogelijkheid om gezamenlijk naar R’dam te reizen?
Nico belt met de mededeling dat ’t wel krap kan worden. Er gaan al 2 anderen mee. Plus 2 honden.
‘Maar ik kan ook met de trein,’ zeg ik.
Dat meel ik vervolgens ook aan Suze, die dezelfde reactie als Nico had, maar dan vanachter de computer.

Even later krijg ik nog een meeltje van Suze:
1 Hond heeft afgezegd.
Ik reageer:
Op honden kun je ook niet bouwen.
Hoeveel ruimte geeft dat? & Hoe laat?

Suze:
Achterbak leeg, wel nog steeds 2 andere mensen op achterbank (steve + een vrouw). Steve komt om 14.15 maar is meestal te laat.
Ik krijg vervolgens weer een telefoontje van Nico. Of ik nou nog meega.
‘Ja, als ’t kan graag. Hoe laat?’
‘Over een paar minuten.’
‘Kan ik nog naar de wc?’
‘Hoe lang?’
‘Paar minuten.’
‘Goed.’

Er wordt 10 minuten later aangebeld. Ik trek snel m’n broek omhoog, m’n jas aan, de deur open. Ik kan achterin bijschuiven.

‘Zit iedereen veilig in de riemen, behalve de bestuurder zelf,’ constateer ik vanaf de achterbank.
‘O ja, ken je die theorie niet?’ reageert Nico.
‘Theorie? Dat mensen als jij beter opletten?’
‘Nee, nee. Je hebt mensen die meteen bij binnenstappen hun riem omdoen & mensen die dat onderweg doen. Die 1e groep blijft ook altijd 1st even zitten voordat ze wegrijden. Laten de motor warm worden of zo.’
Nico bevestigt tijdens z’n verhaal alsnog z’n riem.
‘Hun auto gaat ook langer mee?’ vraag ik.
‘Nee, daar gaat ’t niet om. Maar mensen die de riem niet meteen omdoen, weten dat hun auto niet raar zal bewegen. Ze rijden vaak in duurdere auto’s die een goede wegligging hebben.’
‘Ja?’ reageer ik niet-begrijpend.
‘Wij zijn gewend om in dure auto’s te rijden. Dat kun je dus aan ’t riemgebruik zien.’
‘Ah, kijk! Daar hebben we tenminste wat aan.’
‘Ja, hè.’
‘Nu weten we in ’t vervolg wat we aan de grote ongelijkheid op de wereld moeten doen. Deze theorie zal ons verder op weg helpen naar een betere samenleving.’

‘Misschien kan ik beter achterin gaan zitten,’ zegt Suze.
Nico is Marie halen. Ik ben al uitgestapt om ruimte te maken.
‘Dan kan Marie in ’t midden.’
‘Nee, laat mij maar,’ zegt Suze. ‘Ik ben wat smaller dan Marie.’
‘Als je maar op de zelfde plek gaat zitten. Ik wil niet in ’t midden.’
Nico stapt weer in. Even later volgt Marie.
‘Ga jij maar hier,’ zegt Suze.
Ze stapt uit & neemt achterin plaats. Marie stelt zich ondertussen voor.
Nico geeft gas.
‘Ah Nico, laat nog ‘ns zien dat je gewend bent een nog veel geliktere wagen te rijden dan deze,’ sneer ik van achter z’n rug.
Via de achteruitkijkspiegel kijkt-ie me 1st ietwat verbaasd aan, maar trekt dan snel de riem om.

Dan rijden we verder, verder weg van Zijperspace.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *