Ochtendkalm

Er moet rust zijn in m’n morgen. De dagelijkse ochtendroutine, van start zogauw ik ’t bed verlaat, gebiedt me na dat half uur van pillen slikken, thee zetten, brood uit de vriezer, toiletgang plus nog wat onnozelheden, terwijl de dooi heeft ingezet, m’n hoofd te laten beseffen dat-ie daarnet nog horizontaal lag. ’t Bloed is tot leven gekomen & surft z’n bochten doorheen m’n lichaam, m’n spieren hebben m’n dribbelpas & vingergrepen zich laten welgevallen, maar ’t overzicht van wat komen gaat heeft kalmte nodig. Nog enkele momenten van niets.
Anders komen er te veel haaststoffen vrij. Dan is ’t tot de rest van de dag komen gaat slechts marathon lopen van overzicht krijgen van wat nog allemaal gebeuren zal, onder lichte dwang, wanneer de dag iets van gezamenlijk krijgt ipv kluizenaarschap, de ogen in de spiegel hun gelijken bij anderen treffen. Maar dan in buitenlucht, aan de deur voorbijgaand, terwijl de fiets zich achterstevoren naar buiten friemelt (’t wil eens vanzelf zonder muurschrapen de voordeur bereiken), waarbij ik dermate ingespannen die korte route probeer te overzien, ondertussen niet meer beseffend wat ik ook alweer in de openbaarheid van plan was te gaan doen.

Ik heb dus kalmte nodig, want de opwinding komt straks vanzelf, als ik 100-tallen van gedachten denk & ik onbekende passanten interpreteer aan hun kleren, gestalte, de wind-wapperende jurk desnoods, om er niet beter van te worden, maar omdat ’t zich allemaal voordoet & dat ontkennen heeft geen zin.
Is al gebeurd voordat de 1e bocht me bereikt.

Geen rondingen derhalve. Slechts een recht voor mij liggend doel.
Thee, ondertussen kijken wat ’t venster zegt waar de wereld zich momenteel bevindt.
Toilet, boek, thee, ontbijt, thee, toilet, boek.
Een bijna gespiegelde voorbereiding op wat werkelijk komen gaat.

Werkelijkheid vangt aanstonds aan in Zijperspace.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.