onderons

‘Zo,’ zei ik, klaar om te beginnen.
‘Zo,’ zei Kim.
‘Ja,’ wreef ik m’n handen om ’t nog wat meer kracht bij te zetten.
‘’t Is lekker druk,’ lichtte Kim mij in.
‘Ja, dit wordt aanpakken,’ ging ik op dezelfde ironische toon voort.
& We bleven staan. Wachtend op ’t moment tot iemand dorst zou krijgen.

Ik zuchtte.
‘Ja, daar zitten ze dan,’ lachte Kim.
Ik had m’n blik onwillekeurig over de klanten aan de bar laten gaan.
‘Hm, ja,’ reageerde ik. ‘’t Is niet anders.’
Een onderdrukte giechel van Kim, als beloning voor de quasi-onderkoelde toon waarop ik de opmerking plaatste.

‘Ik weet nu hoe ’t komt,’ boog Kim zich iets naar mij over.
Ik keek snel om me heen. Er moest iemand aanwezig zijn die iets veroorzaakt had. Of onder iets moest lijden.
‘Wat?’ vroeg ik toch maar, langs m’n neus weg.
‘Waarom ’t uit is tussen Dickie & Tina,’ voegde Kim ter extra informatie toe.
‘Vertel,’ reageerde ik, m’n blik op zo gretig mogelijk, maar dan wel zo dat geen klant ’t er aan af kon zien.
‘Ze is vreemd gegaan.’
‘Ha!’
‘Ja.’
‘Hmpf.’
‘Hihi.’
‘Oh.’
‘Hmhm.’
‘Haha.’
& Toen stonden we weer recht, onze gezichten weer op de klanten gericht.

‘& Alfred heeft ook geen baan meer,’ fluisterde Kim er toch evengoed nog achteraan.
‘Ik zou ‘m ook niet willen hebben,’ zei ik zonder m’n mond te veel te bewegen.
Emotieplat. Dat was m’n uitstraling van dat moment.
Waarop Kim in lachen uitbarstte.
We tapten ondertussen bier.

‘Maar terwijl hij….’ deed ik een vraag in z’n vraagteken verzanden.
‘Ja,’ zei Kim kort.
‘Ah,’ zei ik weer.
‘Ja.’
‘Vrouwen zijn hoeren.’
‘Met een dikke reet.’
‘Nee, dat ben ik.’
‘O ja.’
We bleven op 1 lijn zitten.

‘Met wie dan?’ vroeg ik bij de volgende pauze van geleste klanten.
‘Ja, dat wilde ik ook weten.’
‘Hè, dan is ’t eigenlijk ook geen nieuws,’ zuchtte ik.
‘Nee, dat wist Marleen niet.’
‘Marleen?’
‘Ja, die kwam ermee.’
‘Hoe wist die ’t dan?’
‘Tja.’
We dwaalden even in gedachten af naar Marleen. & Begonnen toen weer te lachen.
Verderop zat Alfred. We lieten onze blik tegelijkertijd op hem rusten. Onze lach zweeg.
‘Terecht,’ zei Kim.
‘Precies,’ zei ik. ‘Binnenkort ontslaan wij ‘m ook.’

Er waren niet zoveel dorstigen die dag in Zijperspace.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *