opruiming (dl 3)

Ik heb de opruiming in fases ingedeeld. Dat gebeurde zomaar, eigenlijk had ik ’t niet door.
Aan de andere kant moet ik bekennen dat ik bijna alles van te voren plan; dat ik zodoende vaak in fases denk; van alles daardoor, nog voordat ik er aan begonnen ben, reeds ongemerkt in fases verdeeld heb.

Ik ben in de stiekeme fase aangekomen. In ’t voorbijgaan pak ik papieren op, die net zo goed bij ’t oud papier terecht kunnen. Voor me uit starend, dubbend over een stukje tekst, ontdoe ik ’t beeldscherm van visite-kaartjes & teksten geplukt van ’t internet. Wat me, nog steeds in gepeins verzonken, er toe aanzet de printer ook ‘ns te bevrijden van soortgelijk onnodige vulling van ruimte. Terwijl ik de tv uitzet, pak ik de mouw van m’n t-shirt om daarmee de buis & z’n omhulsel af te stoffen & loop verder. Terwijl ik de bank passeer waar ik m’n jassen, sjalen & petjes altijd neerpleur, pak ik gedachteloos de winterjas die ik ’t komend seizoen waarschijnlijk niet meer nodig zal hebben. Als vanzelfsprekend verdwijnt-ie de kelder in.

& Onderwijl probeer ik te bedenken wat ik met de rest van de troep moet. Zal ik de muziekcassettes weer tot stapels verzamelen; de bibliotheekboeken retourneren; overtollig kleren in de slaapkamer verzamelen? & Wat is ’t uiterste moment van stofzuigen?
Ik localiseer in gedachten de plekken waar ik benodigde spullen vandaan zal moeten halen. De kwast & de verf bijv voor ’t wegwerken van vegen van 100-en keren met de vingers langs strijken. Of de doos waar ik de verspreid over de kamer liggende schoenen & veters in kan verzamelen, want dan lekker overzichtelijk bij de rest.

’t Vordert traag deze fase, maar is misschien wel essentiëel voor ’t uiteindelijke resultaat.

We bedenken de punt op de i van Zijperspace.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.