overactief

Om ½ 9 gaat de telefoon. Een ½ uur ervoor heb ik me nog omgekeerd, overwogen er uit te stappen, maar ik ben toch blijven liggen. Bij ’t rinkelende geluid moet ik 1st even nadenken. Wil ik er wel uit? Maar als ik me realiseer dat ’t de telefoon maar is, richt ik me op.
‘Met Ton.’
M’n stem is bijna verdwenen. Raspend schuurt-ie door de hoorn.
‘Ja, goedendag, met je huisarts.’
Dan schrik je al. Een mens wordt niet zomaar door z’n huisarts gebeld. Of er moeten administratieve complicaties zijn.
‘Sorry dat ik je zo vroeg bel,’ gaat-ie verder, ‘maar ik heb hier de uitslag van je bloedtest voor me liggen.’
Die zou woensdag toch pas bekend worden, schiet er door me heen. Terwijl de huisarts doorpraat mompel ik wat ja’s & hmm’s. Zodat-ie vooral niet stopt. Ook weer niet te veel hmm’s & ja’s, want anders wordt de aandacht weer te veel verlegd naar de gevolgen van m’n verkoudheid. Er zijn nu blijkbaar belangrijker zaken.
‘’t Blijkt toch dat je schildklier een beetje te actief is. Daar komen die klachten van je darmen waarschijnlijk vandaan. Er moet snel wat aan gedaan worden. Dat is de reden dat ik je zo vroeg bel.’
Hij praat, ik denk.
Worden de uitkomsten van de tests eerder doorgestuurd naar de huisarts als er alarmerend nieuws uit tevoorschijn komt? Ik stel me een laborante voor die bij ‘t 1e buisje de alarmbel laat klinken: ‘Ik heb er weer 1 met een overactieve schildklier.’ De rest van de test is niet meer belangrijk; de gegevens worden zo snel mogelijk verzonden richting contactpersoon.
Met m’n minieme kennis van ’t menselijk lichaam, ik heb slechts verstand van dingen die m’n lichaam reeds zijn overkomen, probeer ik de bijverschijnselen van dit euvel te duiden.
‘Dan is dat zeker de reden dat ik de laatste tijd zo mager ben?’ suggereer ik.
‘Wat bedoel je?’
‘Ik heb wel ‘ns gehoord dat men bij een actieve schildklier kan vermageren.’
‘Dat zou 1 van de bijverschijnselen kunnen zijn.’
Hij houdt een slag om de arm.
Maar ik blijf doorgaan. Ik probeer te achterhalen waarom ik zo snel opgebeld word. Is ’t levensbedreigend? Verontrustend? Ongemakkelijk? Of gewoon beter er nu wat aan te doen, omdat later steeds moeilijker ingrijpen wordt?
‘Ik dacht dat ’t maar beter was je door te verwijzen naar een internist. Kan je straks even langskomen?’
‘Ja, is goed.’
’t Komt nog net uit m’n strot. Groene rochels beperken m’n verbale vermogens.
’10 Over 10? Of anders ½ 12?’
‘Nee, liefst zo vroeg mogelijk. 10 Over 10 dus, graag.’
Ik heb ’t gevoel dat ik nog nooit zo serieus ben genomen. Wie wordt er tegenwoordig nog door z’n huisarts gebeld? De initiatieven tot communicatie tussen beiden verlopen eerder in tegengestelde richting.

5 Minuten later ga ik naar de wc.
‘Zal wel door m’n schildklier komen,’ denk ik. ‘Misschien die schorre stem ook wel.’

Alles wordt duidelijk binnenkort in Zijperspace.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.