archiefmateriaal (I)

Ik ben veilig thuis gekomen.
Ook al had ik dat misschien liever niet gewild. ’t Was ook leuk geweest als je wild & ontembaar de kleren van m’n lichaam afgescheurd had.
Ja, dat was wel grappig geweest.

Maar dan had ik waarschijnlijk iets gezegd als dat ik dan geen kleren had om morgen (vandaag inmiddels) in te kunnen werken.
Nou ja, als ’t alleen bij ’t t-shirt was gebleven, dan had ik ’t niet erg gevonden.

Nu zit ik doelloos, enigszins doelloos, een ietsiepietsie doelloos, voor m’n comp te zitten, een laatste biertje te drinken, om na te denken over hoe ik me zou gedragen als de dingen gingen zoals ze vanavond niet gebeurd zijn.
Een scenario van 1000 dromen vaart aan mij voorbij.

Maak je geen zorgen voor de rest. ’t Geeft best een fijn gevoel.
Vooral ook omdat ik tegen je durfde te zeggen dat ik je een mooie vrouw vond. Ik geloof dat ik dat nooit zo spontaan, toch evengoed geschrokken van wat daar plots uit m’n mond te voorschijn kwam, tegen een vrouw heb gezegd. Zo zorgeloos van groot belang als ’t uit m’n keel omhoog kwam borrelen.
Ach, dan kan ik niet slapen van gemiste kansen. Maar ik zal tijdens die wakkerdom proberen zo’n zelfde glimlach op m’n lippen te toveren als dat ik op dat moment bij jou zag. Kijken of ik in ’t pikkedonker van de slaapkamer me voor kan stellen hoe ’t er uit had gezien.

Ze hebben me wel ‘ns verteld dat mensen die hun mond in een lach omvormen vanzelf gelukkiger zijn.

Moet ik nog iets zeggen? Nee, ik heb genoeg gedaan.
Ik trek straks m’n heel gebleven shirt uit.

Zijperspace is nakend.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *