de weg naar uilenstede

De route die ik af moest leggen was bijv de lange weg richting VU-ziekenhuis, waar m’n schoonzus veel te vroeg zou bevallen. Onmetelijk lang duurde ’t afleggen van die weg, & dat duren moest ook terug ondervonden worden.
Hoeveel sneller ging dat met de taxi, die zondagochtend dat ik wakker gebeld werd door m’n broer: ‘Ik wil dat jij de bevalling meemaakt in mijn plaats.’
Maar hoe snel ’t ook mocht gaan, ik zou er niet op tijd aankomen, want de baby was reeds ter wereld.
‘Gefeliciteerd, Ton, je hebt een neefje,’ werd ik welkom geheten.

De route liep langs ’t Hilton Hotel, waar ik ooit op de bovenste etage de 1e persvoorstelling mocht bijwonen van een Disney-film. Concorde-films had daar een klein filmzaaltje tot z’n beschikking, waar blijkbaar slechts vips tot nu toe een stoel mochten bezetten. Argwanend werd ik door de persdames bekeken, want men was m’n gezicht niet gewend.
Ik was slechts ’t hoofdredakteurtje van ’t Film & Tv-wetenschapblaadje, die aan moest schuiven bij de gerenommeerde recensenten van landelijke bladen. Schielijk sloop ik naar ’t buitenste randje, zodat m’n wegglippen zo min mogelijk in ’t oog zou lopen.

& Langs de route lag plots links ’t fietspad dat via een viaduct & nog wat bochtjes naar Duivendrecht voerde. ’t Pad waarover ik m’n fiets volbeladen probeerde te manoeuvreren op weg naar de volgende logeerplek. ’t Einde van m’n periode van 2 maanden in Uilenstede luidde ik in door met tassen volgepropt met de laatste essentiële kleinoden vervaarlijk over dat pad te zwaaien, wiegend in de wind. Een week later zou ik nogmaals terugkomen om bij de brabantse buuv een afscheidsmaal te genieten. Ware ’t niet dat ik me dat pas een maand later weer wist te herinneren. Ik was ondertussen alle telefoonnrs kwijt.

Vervolgens leidde de route me richting de brug die me altijd deed belanden aan linkerzijde van ’t Uilenstede-terrein. De brug waarover de zwerver z’n tassen meermaals vervoerde. Een 10-tal tassen, die hij steeds met 2 tegelijk enkele meters verder plaatste, vervolgens terugliep & de volgende 2 ging halen om bij de voorsten te voegen. Zodoende legde hij dezelfde afstand 9 maal af. Hoe kostbaar was de inhoud van die 10 plastic tassen, dat-ie ze niet uit ’t oog wilde verliezen & er zoveel xtra km voor af wilde leggen?

Vlak na de brug verscheen dan de flat, waarvan ’t terrein omheind was, & ooit de opnames van ‘De Lift’ zouden hebben plaatsgevonden. Dat sprak tot de verbeelding, ook al was film geen realiteit. Steeds weer bij passeren zag ik lichamen denkbeeldig de liftschacht indonderen. Terwijl ik de film nooit gezien had, hooguit een shot in een preview. Laat staan dat ik ’t terrein rond de flat betreden had, dus de lift in eigen persoon nooit had aanschouwd. ’t Gegeven dat de film daar was geschoten, was voldoende om m’n fantasie de vrije loop te laten.

& Dan.
De 1e flat.
Waarachter dan mijn flat, ééns mijn flat, moest liggen.
Waar waren de fietsstallingen gebleven? Wat was dan werkelijk mijn flat lang gelee geweest & hoe hoog woonde ik toen ook alweer? Welke kant keek ik uit? Waar zou die jongen zijn gesprongen? Waar zou z’n lichaam plat zijn terechtgekomen? Hoe ziet dat er uit, een lichaam dat toch minstens 1maal omhoog gestuiterd moet zijn & dan levenloos blijft liggen? Of is ’t dan nog niet levenloos?

Herinneringen zijn vragen in Zijperspace.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *