nieuwjaarstoespraak 2004

Op een gegeven moment denk je dat je er bent. Weer boven Jan. Fit genoeg in ieder geval om uit bed te stappen. ’t Hoofd bonkt niet, zoals de meest sombere voorgevoelens hadden ingegeven. & Terwijl ’t trapje van de hoogslaper wordt afgedaald, bemerk je dat ’t evenwichtsorgaan ook nog redelijk intact is gebleven. Je hebt ’t gehaald, zo lijkt ‘t.
In die fase was ik ong een uur geleden. Ik voelde me wakker genoeg om er gezien de omstandigheden vroeg uit te stappen. Zodat ik vanavond weer genoeg slaap heb, was de achtergrondliggende gedachte.
’t Viel me mee.
Starend naar m’n handen zag ik glinsteringen. M’n handpalm is een hemellichaam. Een veelheid daarvan. Sloom nam ik de weerkaatsingen van ’t licht in de groeven van m’n hand waar. Overgehouden aan een aanraking met een vrouw op nieuwjaarsbest. M’n levenslijn was omringd door een vreemd glinsterende maar toch glorieuze sterrenhemel.
Maar ’t is de traagheid waarmee ik ’t waarneem. Me er niet tegen wapenen. Er geen daadwerkelijke notie van nemen. Er zit een vlies om me heen, een film, die niet alles toelaat.
Ik poog dapper gister in z’n context te zien. De volgorde van alles. De betekenissen, de consequenties, ’t gevoel, de conclusies ervan. In afzonderlijke hoofdstukken, zodat ze nog lang te lezen blijven voor me.
Ik ben een aansteller. Iemand die niet stil wil staan. Als een razende ga ik tekeer achter de bar. Omdat ik niet weet wat ik moet doen als ik me niet beweeg. & M’n collega’s laten me. Ze gunnen me die vrijheid. Zoals ik hun met rust probeer te laten als zij wel de tijd nemen.
’t Groter geheel bestaat uit delen. Die afzonderlijke hoofdstukken weer. Pilaren die ’t huis bouwen. ’t Ene deel zorgt dat ’t andere gedeelte overeind blijft staan. & Naarmate ’t langer een groter geheel vormt, zullen de voegen zich beter vormen, zich beter aanpassen aan de vorm van de rest.
Ik voel me daar tevreden bij. Ik besef me alleen te weinig dat ik dat als te vanzelfsprekend aanneem.
Dus hier, met veel te weinig tijd om te schrijven, de werkdag begint alweer aanstonds, met een band om m’n maag getrokken die niet al te veel mogelijkheid geeft iets voedzaams erin af te laten dalen, met een waarnemingsvermogen die slechts gebaseerd lijkt op intuïtie & routine, met een motoriek die vandaag slechts 1 versnelling lijkt te kennen, besef ik me weer ‘ns dat ik gezegend ben dat ik me op een plaats weet waar ik gelijk sta aan de andere delen, & dat ik nog blijk te voegen in de vorm ook.
Ach, ik word altijd een ietwat emotioneel, de dag na de dag na de dag. Als ’t voor velen alweer lang voorbij lijkt, maar ’t in mijn hoofd langzaam vorm begint te krijgen.
Beste lezer, ik wens u ook zo’n omgeving, ik wens u tevredenheid, ik wens u een gevoel van dat ’t er niet toe hoeft te doen, al dat vele, dat alles dat toch niet te omvatten valt, ik wens u datgene dat genoeg is, & niet de grenzen overschrijdt, ik wens u dat u zich 1 voelt, 1 met de rest, ik wens u een dag, een dag kan al genoeg zijn, zoals ik 1 keer per jaar meemaak, waar ik een zeer voldaan gevoel aan overhoud, ik wens u een gelukkig nieuwjaar, met al dat.

Maar misschien met wat minder alcohol als in Zijperspace.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.