veroveraars

Hij is geobsedeerd. Hij kan niet stoppen. Hij kan zich niet inhouden. Hij heeft geen fatsoensbesef. Geen europeaans fatsoensbesef in ieder geval.
Vanuit de winkel zie ik ‘m regelmatig aan de overkant passeren. Of vlak voorlangs. Armen bungelend langs z’n lichaam. Hoog opgetrokken bungelend. Je voelt dat hij zichzelf voelt lopen. Hij wil gezien worden, houdt z’n armen breed langs z’n borstkas.
Een vrouw loopt voorbij.
‘Psst,’ tussen z’n tanden.
Ik zie ‘m wat fluisteren, sissen, smeken. Met de bedoeling dat de vrouw ’t opvangt. Brede glimlach ter ondersteuning. Zo uitnodigend mogelijk.
De vrouw loopt door. Hij kijkt over z’n schouder na wat hij gemist heeft.
Zuid-Amerikaan, dacht ik 1st. Zuid-Europeaan later. Ziekelijk, uiteindelijk. Want hij kwam & ging, & kwam enkele minuten later van de andere kant weer terug.
Weer: ‘Psst.’ Weer blik over z’n schouders, brede glimlach, nakijkend, armen wijder na bemerkt te hebben dat-ie weer niet gewonnen had.

Ik blijf schuchter in de deuropening staan. Rug tegen de deurpost geleund. Mezelf wegduwend. Ik registreer dezelfde borsten, lange benen, welgevormde billen verkleed in een licht doorschijnende broek om de stringdriehoek te tonen. Ik zie ’t allemaal. Ik zie haast vertaald worden in ’t trillen van net niet strak staand vlees, de tegenwind in 2 richtingaanwijzers mikkend op recht vooruit, rustig aan wordt beschreven door een overhellend velletje, een extra kreukel in de omhullende stof creërend.
Dat probeer ik voor mezelf te houden. De passant hoeft geen last van m’n spiedende ogen te hebben. Ze spieden; ze zijn verdwenen voordat ze betrapt worden.
Deze man niet. Hij wil zien dat ze zien dat-ie ziet. Z’n ogen priemen ’t lichaam in. Doorboren de ogen. & Altijd ‘psst’, dat obsessieve ‘psst’.

Ik hielp een vrouw. Enkele jaren jonger dan ik. Zij stond aan de andere kant van de toonbank. Ik pakte enkele flessen voor haar in. Cadeaupapier.
Een man kwam binnen.
‘Hé, hallo,’ zei hij plompverloren & ging naast de vrouw staan.
Z’n hoofd schudde een beetje. Z’n ogen tasten ’t lichaam van de vrouw af. Van de zijkant, in een oogwenk. Tussen ’t inrollen van een fles & ’t dichtplakken met een stukje plakband zag ik dat. Zij keek naar mijn handelingen.
‘Ik dacht: ik laat me even zien,’ zei hij.
’t Kon alles betekenen. Hij kende haar, hij kende haar niet. Maar de onrust in z’n ogen beviel me niet.
‘Wil je contant betalen of met pin?’ vroeg ik.
‘Pin, alsjeblieft,’ antwoordde ze.
Ze deed een stapje opzij, richting man.
‘Mag ik even, asjeblieft?’ vroeg ze hem.
Ze had niet genoeg privacy om haar nummer in te toetsen. Dus wist ik meer.
‘Kan ik jou ondertussen ergens mee helpen?’ vroeg ik aan de man.
‘Rustig, rustig,’ reageerde hij, ‘niet zo agressief. Ik kom alleen maar om deze mevrouw wat te vragen.’
‘Ik ben rustig,’ zei ik. ‘Maar ik wilde wel even weten of je geholpen wilde worden.’
‘Ik ben zo weg.’
Daarbij de vrouw aankijkend. Haar gezicht, haar ogen. Van zo’n afstand dat ze geen last had bij ’t pinnen.
De kassa sloeg af. Bedrag geaccepteerd.
‘Bedankt,’ zei ze, & pakte haar tas cadeaus.
‘& Tot ziens,’ zei ik.
Zij verliet de winkel. Hij ook. Hij pakte haar bij de elleboog. Fluisterde haar iets toe. Samen liepen ze weg.
Ik stapte de winkel uit. Keek ze na. Pas aan ’t eind van de straat kreeg de vrouw ’t voor elkaar dat ze uit elkaar gingen. Hij links, zij rechts.

Een brunette kwam aangelopen. De winkel was leeg. Staand in de deurpost had ik een stuk brood in m’n mond gestoken & keek ik om me heen.
De brunette kwam uit de richting van de letterenfaculteit, de zuid-europeaan liep z’n loopje van de Dam haar tegemoet. Ik zag ‘m kijken. Hij zocht naar de ontmoeting van beider blikken. Glimlach tot aan z’n kaken.
Een korte ‘psst’.
Zij kwam hem tegen. Ik kon ’t aan de achterkant van haar hoofd zien. Ook aan hem. Hij krulde z’n arm, zodat zij haar arm erin kon steken, draaide zich uitnodigend ½ om, om haar verder te begeleiden.
Zij hapte. Ze stak haar arm in ’t daarvoor bedoelde gat. Olijk stapte hij met haar op weg naar zijn terug.
Teleurgesteld ging ik naar binnen.

In Zijperspace gelooft men niet meer in elke vrouw.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *