wanhopig

Vlak achter ons gaat een man met een mobieltje zitten. Hij laat dat apparaatje geen moment los. Continu hangt ’t aan z’n oren. Slechts bij ’t halen van z’n biertje geeft-ie ’t machientje even rust. Dan laat-ie alles liggen, z’n jas, z’n tas, z’n tijdschrift; alles, behalve z’n mobiel. Die steekt-ie in z’n broekzak.
‘Irritante man,’ fluister ik tegen Rachel.
‘Ja, inderdaad. Hoor je wat-ie zegt?’
‘Nee, ik doe juist extra m’n best om niet mee te luisteren.’
Maar ik hoor wel dat de gesprekken die de man voert in onvervalst plat amsterdams gaan.
‘Hé, Sjaak,’ begint-ie een nieuw gesprek, ‘ik moest je even hebben. Jij bent nu in de Smartshop?’
Z’n stem stijgt overal boven uit. Ook boven onze stemmen. We buigen licht voorover om elkaar beter te verstaan.
‘Tuurlijk wil ik wel kinderen,’ vervolgde ik ons gesprek. ‘In de volkskrant stond afgelopen weekend een artikel over mannen die kinderen wilden & dat inmiddels hebben. 1 Man vertelde dat-ie zo een bepaalde kroeg in kon lopen, vol met radeloze vrouwen van boven de 30 met kinderwens, & binnen een jaar een gezinnetje kon hebben.’
‘Ja, maar jij wil helemaal geen vrouw.’
‘Jawel, juist wel. Alleen denk ik niet dat die vrouw uiteindelijk mij te lang zal willen. Al die ex-en hebben ’t uitgemaakt omdat ze genoeg van me hadden. Bijna allemaal.’
De man met ’t mobieltje is vervangen door een groep die langzaam uitdijt. Personeelsfeestje aan ’t eind van de werkdag. Steeds meer terrasstoelen worden geconfisqueerd.
Wij kijken sluiks.
‘Wat zouden ze doen?’ vraagt Rachel. ‘Vind ik altijd leuk om te raden.’
‘’t Zou heel goed kunnen dat ze van de universiteit zijn. Ze zien er intelligent uit.’
‘Nee, dan zouden er meer vrouwen bij moeten zitten.’
Rachel kan ’t weten.
‘Voor de administratie?’
‘Ja. Maar je hebt er natuurlijk niet zoveel nodig.’
‘Er zijn wel erg veel jonge mannen bij. Te veel om van de universiteit te zijn.’
‘Misschien allemaal aio’s.’
‘Natuurkunde.’
‘Zou kunnen. Maar misschien zouden we ‘ns naar een kroeg in ’t begin van Spuistraat moeten gaan. Maurice & Pieter zijn er laatst voor ‘t 1st geweest. Die kroeg is vrij nieuw. Iets voor onze leeftijd. Je kan er ook dansen.’
‘Allemaal vrouwen die een wanhopige kinderwens hebben?’
‘Ja, vast. Jij nog een biertje?’
‘Lekker.’
Terwijl Rachel naar binnen gaat ontstaat er achter me een conversatie tussen 1 van de weinige vrouwen in ’t gezelschap & een man. Af & toe geflankeerd door degene die naast ‘m zit. Ze moedigen beiden de man aan.
‘Ja, je moet met ‘ns met haar in contact treden,’ zegt de vrouw. ‘Waarom niet?’
‘Ik ken ‘r toch niet,’ zegt de man. ‘Ik heb haar nog nooit gezien.’
‘Ja, maar je kan ’t altijd proberen. Misschien is ze straks wel heel goed met je kinderen. Dat wilde je toch?’
‘Ja, maar ik wil wel zo’n vrouw kennen.’
Hij wrijft door z’n haar. Over z’n kale kruin eigenlijk.
‘Man, waarom zou je ’t niet ‘ns proberen,’ zegt z’n buurman. ‘Heb je ‘ns wat anders om over te praten in de trein.’
Terwijl hij ’t zegt ziet-ie dat ik meeluister. Ik glimlach. Herken de situatie.
‘Wat zou jij nou doen?’ vraagt de buurman aan mij.
‘Ja, waar zou jij nou opletten?’ vraagt de dame tegelijk aan mij.
‘Oh, hoe ze er uit ziet,’ zeg ik impulsief.
Fout antwoord.
‘’t Gaat er toch niet om hoe iemand er uit ziet?’ reageert ze direct, & zich onmiddellijk tot de man zonder vrouw wendend: ‘Ze hoeft toch niet meteen een ongelooflijke spetter te zijn. ’t Kan toch zijn dat ze evengoed onwijs leuk is?’
Ik kijk om. Ik val weer buiten ’t gesprek.
Rachel komt alweer naar buiten met 2 biertjes. Over de brug komt een mooie dame aanfietsen waarvan ’t t-shirt door de wind strak om haar boezem staat. Ik kijk ‘r aan. Zij kijkt terug. Pas als ze voorbij is verliezen we oogcontact.
‘Ja, daar moeten we ‘ns met z’n 2-en naar toegaan,’ zegt Rachel terwijl ze de biertjes neerzet.

Wij vinden alles best in Zijperspace.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.