De onbegrijpelijkheid van de gang die een onbekommerd jochie gaat. De afslagen die als vanzelf worden gekozen, de verantwoordelijkheid die je op je moet nemen, maar de gang, de weg die je aftastend kiest, zijn zelfbestemde, soms net zo vanzelfsprekend moeilijke route. ’t Laat zich niet zo makkelijk afleiden van ’t pad dat reeds ingeslagen was. Maar een bepaald gradatie van moeite is nodig. Mss niet een pad, maar juist een gang, nauwe wanden, geen verlichting als je niet naar de lichtknop kan reiken, als dat nog moeite kost.
Ik weet me nog jeugdige vrijpartijen te herinneren. Waar liefde nog eeuwig was. De borsten van vrouwen, jonge meisjes toen, net zo onschuldig nog als ik, overdonderend naakt waren. Vaak niet volledig bloot, maar wel van een voor mij nog onvoorstelbare hoeveelheid daarvan.
Nooit daarna meer kunnen denken dat je nog aan iets anders behoefte zou kunnen hebben. De overtreffende trap van bijna onhaalbaar, hoezo voorstelbaar?
Voortijdig geneutraliseerd evengoed, want uiteindelijk deed ik altijd iets, te vroeg, verkeerd. De tedere knoppen onjuist bediend. ’t Onjuiste woord op een onjuist moment. De gekunsteldheid van elkaars lijf betasten fout geïnterpreteerd.
Zelden zelf uitgemaakt. De meisjes waren blijkbaar voor mij leidend. Misschien was ik te verslaafd aan hun borsten, aan een mogelijkheid van antwoord. Gesprek. Van wederzijdse, liefde, hoteldebotelhoofden die elkaar stootten. Waar ik de tederheid van lichamen voelde die nog niets van elkaars aftasten vermoedden.
Je kan er nog een heleboel anders aan hangen, maar in terugblik er nimmer nooit de juiste verklaring voor zien te vinden.
De verwondering dat hun lichaam op een bepaalde manier in elkaar zat, waar wel voorlichting was geweest. Weliswaar heel schielijk, met een bibliotheekboek, die we bijna op moeders schoot doornamen.
Volgens mij een te grote opgave voor m’n moeder. Er was nog te veel bleu met háár opvoeding meegekomen. Ze deed evengoed haar best. 2 Zoons aan haar zij. 1 Jaar verschil in leeftijd.
Ik geloof, weet eigenlijk wel zeker, maar durf ’t nog niet volledig te bekennen, dat ik uiteindelijk dat boek terug moest brengen naar de bieb, omdat anders de uitleentermijn verlopen zou zijn. Er staat een hoofd van schaamte in mijn herinnering getekend: mij met een mogelijk vunzig boek van vol met ‘al ’t naakt des vrouws’ & wat dies meer zij, waar ik me tegenover de bibliothecaressen ongegeneerd moest gedragen.
Als de normaalste zaak van de wereld, een boek vol seks, met een nog niet de puberteit bereikt gozertje eraan geplakt. Plus klamme handjes die je aan zijn zweterig hoofd af kon zien.
Ik twijfel of mijn schaamte de daadwerkelijke daad van terugbrengen (wellicht onder moeders begeleiding, maar zij komt in mijn herbeleving absoluut niet voor) mijn herinneringen heeft doen overwoekeren met alles mogelijk seks dat aan mijn handen kleefde op dat moment over de uitleenbalie stroomde.
Mijn moeder had me niet iets dergelijks voorgespiegeld, zo’n ontvangst bij de inleverlocatie. Voor de onnozele onhandigheid legde ik ’t boek met voorkant naar beneden op de balie.
Maar in mijn beleving vooral heftige seksbeleving dat de wederzijdse kaften omhulde. Waar een mens zich geen voorstelling van kon maken. Een mensje als zo’n jochie als ik.
Hoewel m’n moeder, zij ’t met van haar wederzijdse moeite, er traag pogend haar best voor had gedaan dat Carel & ik begrepen wat ’t was.
Een vrouw. Een man. De liefde. ’t Bed. Wat naakt was. Een kind geschapen, geboren werd. Plus de woorden die je niet zei, niet sprak noch fluisterde, je broers zinspelingen ontweek, nog jarenlang.
Waar ik nog zelden inging op opmerkingen van m’n broer vanaf zijn positie van stapelbed 2-hoog.
Waar ’t bed nimmer meer nattig zweterigheid mocht schijnen in Zijperspace.